Het rommelige Venetië blijft trekken

De oude dame onder de filmfestivals heeft veel concurrentie. Ook dit jaar is er weer een sterke openingsfilm.

Birdman, beeld uit de openingsfilm van Venetië.

Is er een betere openingsfilm denkbaar dan Gravity, de film die vorig jaar in Venetië zijn zegetocht naar de Oscars begon? Met een jubelende pers, een uitgelaten cast op de rode loper en een enthousiaste première wist Birdman gisteren het 71ste filmfestival van Venetië zo mogelijk nog beter te openen dan George Clooney en Sandra Bullock vorig jaar met hun claustrofobische ruimtefilm.

Met zijn hang naar sociaal-politieke thema’s, gepassioneerde betogen voor auteurscinema en tegen „de verstikkende macht van het geld” gaf directeur Alberto Barbera zijn filmfestival de afgelopen drie jaar een sobere, post-Berlusconi-toon. Maar uiteraard is ook hij niet vies van een Oscarkandidaat, en dat is deze bovennatuurlijke komedie over Hollywood en Broadway, oude en nieuwe roem, high en low culture beslist.

De film Birdman van Mexicaan Alejandro Iñárritu (hij maakte eerder Babel en Biutiful) heeft dezelfde cameraman als Gravity, Emmanuel Lubezki. Die laat de film eruit laat zien als een eindeloos vloeiende ‘long take’ door de ingewanden van een Broadwaytheater, waar een verlopen Hollywoodster die ooit superheld Birdman speelde, al zijn geld en reputatie heeft ingezet op een door hemzelf geschreven, geregisseerd en gespeeld toneelstuk naar het korte verhaal van Raymond Carver What We Talk About When We Talk About Love.

De casting van 62-jarige Michael Keaton, begin jaren negentig als Batman medeverantwoordelijk voor de huidige superheldenterreur – hij gaf zelf gisteren regisseur Tim Burton de schuld – is een geïnspireerde keuze. Geholpen door zijn vriend en advocaat, die kruipolie zweet, zwoegt hij om zijn ijdelheidsproject te realiseren, laverend tussen neurotische actrices, een rancuneuze junkiedochter (Emma Stone) en een hork van een steracteur (Edward Norton) die alleen op het podium echt – en potent – is. Plus nog zijn eigen filmsterrensuperego in de vorm van Birdman. En intussen slijpen de critici hun messen. Maar wat maakt het uit als The New York Times je fileert? Je kan altijd viral gaan, in onderbroek op Times Square.

Birdman, met zijn scheurende soundtrack steeds op de rand van exces en hysterie, zou je een Fellini voor de 21ste eeuw kunnen noemen, als de film niet zo uniek was. Birdman is wellicht iets te complex, intens en intelligent – te goed eigenlijk – voor Oscars, maar wat een parel voor Venetië.

De oude dame onder de filmfestivals kan dat ook best gebruiken met de hete adem van rivalen als Toronto, New York, Rome in de nek. Maar met 54 wereldpremières verspreid over vele competities lijkt de dame zich aardig staande te houden. Ondanks recente teleurstellingen – een ambitieus nieuw festivalpaleis eindigde op z’n Italiaans in een miljoenen verslindende bouwput – heeft het nu ook een kleine filmmarkt voor de zakelijke kant van de filmindustrie. En hoewel Hollywood veel meer Oscarkandidaten in Toronto lanceert, blijft het dure en rommelige Venetië trekken. Zelfs Cannes kan niet tippen aan de relaxte, stijlvolle en licht verlepte allure van het Lido, het vakantie-eiland voor de oude stad waar het festival zich afspeelt, en waar de sterren per boot aan de rode loper arriveren.

In de hoofdcompetitie van Venetië strijden twintig interessante films om de Gouden Leeuw, waaronder vijf Amerikaanse en vier Franse. Nieuwsgierig maakt de Duits-Turkse Fatih Akin (van Gegen die Wand) met The Cut, een historisch epos over het ultieme Turkse taboe, de Armeense genocide. Josua Oppenheimer komt met een vervolg van zijn verbijsterende documentaire Act of Killing waarin Sumatraanse moordenaars hun wandaden voor de camera naspeelden. Willem Dafoe speel Pasolini in Abel Ferrara’s gelijknamige biopic en Al Pacino is in liefst twee films oud en melancholiek.

Naast oorlog – in films over drones en Algerijnse vrijheidsstrijd – is ouderdom en vergane glorie een Leitmotiv van dit festival, waar tal van half vergeten Amerikaanse veteranen – Peter Bogdanovich, Joe Dante, Larry Clarck – buiten competitie met nieuw werk komen, terwijl ook de inmiddels 105-jarige Portugese regisseur Manuel de Oliveira een film heeft. Zoiets past wel bij openluchtmuseum Venetië.