Blok verschraalt de corporaties

Straf woningcorporaties niet voor misstappen van enkelen, betoogt Hendrik Jan de Ru.

Handig grijpt minister Blok (Wonen, VVD) de incidenten bij enkele van de vierhonderd woningcorporaties aan om de voorzieningen die deze sector biedt te verschralen.

Ten eerste zullen corporaties minder mogen gaan investeren in de leefbaarheid en veiligheid van de directe omgeving van hun woningen. Concreet: minder ruimte voor welzijnswerk, wijksportvoorzieningen, maatschappelijk werk, hospices, bibliotheken, jongerencentra, scholen, het bouwen van gemengde wijken met sociale huur, vrije sector en koop. Minder opvang waar de nood het hoogste is. Minder van waar de corporaties juist zo goed in zijn: het tegengaan van verpaupering van wijken en van sociale risico’s. Waar Nederland mee scoort. Fiets veilig door de sociale woningbouw en aanschouw dit succes.

Waarom deze afbraak? Blok noemt: meer markt en vrij ondernemerschap. Hij kan niet de bouw bedoelen want die sector heeft altijd al voor de corporaties gewerkt. Hij doelt op private investeerders. Huisjesmelkers.

Dit is een gotspe. Immers, de corporaties zijn bij uitstek particulier initiatief, van en voor burgers, georganiseerd in verenigingen en stichtingen, met een goed doel voor ogen en geen commercieel doel. Zij werken zonder overheidsgeld. En in beginsel al heel goed gereguleerd! Het Europese recht waarborgt juist dat de corporaties hun sociale taak, als zogenaamde diensten van algemeen economisch belang mogen blijven verrichten. Waarom wil Blok daaraan afdoen? Temeer daar de sociale woningbouw de staat niets kost? De roep van de minister om vrij ondernemerschap is een loze kreet en a-sociaal. Maar wel een met het risico van vergelijkbare problemen als bij de commerciële kinderopvang. Bovendien zijn investeringen van corporaties in leefbaarheid geen verboden staatssteun, anders dan Blok het wil doen voorkomen.

De voorstellen van Blok zijn een sociale rechtsstaat onwaardig en dienen geen enkel belang van Europees recht. Zij lossen ook het falen van het systeem – in een beperkt aantal gevallen – niet op. De parlementaire enquête zal dit laten zien.

Ten tweede versterkt Blok de rol van de gemeentelijke overheid en wil hij gemeenten laten beslissen over de vraag of corporaties in meerdere gemeenten actief mogen zijn. Dat is zomaar ongemotiveerde extra overheidsbemoeienis. En hoe! Eeuwige onzekerheid voor corporaties over de geografische omvang van hun werkterrein. Die onzekerheid treft vooral de corporaties die buiten de grote steden werken.

Ten derde schendt minister Blok het staatsrecht. Eerst al door creatief misbruik te maken van een heel bijzondere parlementaire procedure, van de novelle, die bedoeld is om in een late fase van het wetgevingsproces alsnog fouten te herstellen. Vervolgens door heel ruime delegatie aan algemene maatregelen van bestuur en ministriële besluiten. Dat betekent muilkorven en uitschakelen van het parlement. Voor zo’n belangrijke aangelegenheid voor onze samenleving als sociale woningbouw is dat een ernstige zaak.

Met dit alles treft minister Blok grote groepen zwakkere burgers. Dat heeft hij al eerder gedaan met de verhuurdersheffing, een nieuwe en onnodige belasting die mede de huurders treft. Blok gaat nu verder op deze weg door de sociale woningbouw en de daaraan verbonden voorzieningen in Nederland te verschralen en onzeker te maken. Dat zal de hele samenleving doen lijden.

    • Hendrik Jan de Ru