Taakstraf voor afwijzen stagiair om huidskleur

De man die een stagiair discrimineerde is strafrechtelijk veroordeeld. Dat gebeurt niet vaak, want de bewijsvoering is lastig.

De rechtbank van Arnhem heeft de man die een aspirant-stagiair op basis van zijn donkere huidskleur afwees, veroordeeld tot veertig uur taakstraf en het betalen van een schadevergoeding van 981 euro. Ruben W. (29), medewerker bij een elektronicabedrijf in Arnhem, mailde in november 2013 naar zijn baas: „Heb even gekeken, is niks. Ten eerste een donker gekleurde (neger). En op zijn cv weinig ervaring met computers enz.” Die mail kwam per ongeluk terecht bij de Surinaamse sollicitant, Jeffrey Koorndijk.

Koorndijk, een Surinaamse Nederlander, deed aangifte omdat hij zich zwaar gediscrimineerd voelde. Zijn advocaat Naim Menouar zegt dat erkenning belangrijk was voor Koorndijk. Koorndijk is tevreden met de uitspraak. Het gaat „redelijk” met hem. „Ik heb nog best last van depressiviteit, maar verder gaat het oké.” Nu de zaak voorbij is, kan hij zich focussen op de opleiding die hij wil volgen: metaaltechniek. Hij was van plan ICT te studeren. „Maar na deze zaak krijg ik veel stress als ik aan ICT denkt.”

Met de uitspraak geeft de rechter gehoor aan de wens van het Openbaar Ministerie. Dat eiste twee weken geleden een werkstraf van veertig uur tegen W. Die beweert dat de mail niet discriminerend bedoeld is en dat het om een grap ging. De aspirant-stagiair zou afgewezen zijn op basis van een niet relevant cv.

De rechtbank vindt het niet aannemelijk dat de opmerking over de „neger” in de mail als grap was bedoeld. Volgens de rechter is er duidelijk onderscheid gemaakt op grond van ras. Verder volgt volgens de rechtbank uit de woorden „ten eerste” dat de huidskleur van Koorndijk voor Ruben W. de voornaamste reden was om zijn baas te adviseren niet met hem in zee te gaan.

Het College voor de Rechten van de Mens meent dat de uitspraak in deze zaak „heel belangrijk” is. Soortgelijke zaken worden niet vaak binnen het strafrecht behandeld, omdat discriminatie lastig aan te tonen is. Hoe vaak deze zaken wel voor de strafrechter komen, is niet bekend bij het college. Een woordvoerder: „Jeffrey heeft de mazzel gehad dat hij een interne mail kreeg waardoor hij bewijs heeft.” Deze zaak geeft volgens het college een helder signaal af: discriminatie is strafbaar.

Bij het College voor de Rechten van de Mens worden steeds meer vragen gesteld over discriminatie op basis van afkomst. In 2012 werden honderd vragen gesteld. In 2013 waren dat er 178. Een woordvoerder verklaart dat dat onder meer komt doordat zaken als die van Koorndijk steeds vaker in de media verschijnen. „Mensen zien daardoor dat er ruimte is om hun verhaal te vertellen.”

Het college kreeg vorig jaar 67 verzoeken om een oordeel te geven over een zaak waarin sprake kon zijn van discriminatie op het werk vanwege afkomst. Zeven keer was dat het geval. In 2014 oordeelde het college tot nu toe in drie zaken dat er sprake was van discriminatie.

Het college toetst of een werkgever de wet overtreedt. Een oordeel van het college is niet bindend, maar de rechter moet het wel meenemen in een rechtszaak. Het oordeel versterkt de positie van een slachtoffer, meent het college. Jeffrey Koorndijk deed aanvankelijk een verzoek, maar koos er uiteindelijk voor aangifte te doen. Zijn advocaat: „We vonden toch dat het een zaak was die bij het Openbaar Ministerie thuishoort. Bovendien wordt de uitspraak niet altijd gevolgd door de rechter.” Het OM weet niet hoe vaak gevallen van discriminatie op grond van huidskleur voorkomen, omdat het in de administratie geen onderscheid maakt tussen verschillende vormen van discriminatie.

Eerder dit jaar kwamen ook andere zaken in het nieuws die te maken hadden met discriminatie. In maart 2014 ontving een Rotterdamse student die stage wilde lopen bij ING een interne mail waarin hij „een boef uit Curaçao” werd genoemd.