Het Libische conflict gaat over de hele regio

De burgeroorlog in Libië wordt steeds heviger. Nu zouden ook Egypte en de Verenigde Arabische Emiraten direct betrokken zijn met luchtaanvallen.

Egypte en de Verenigde Arabische Emiraten hebben in een week tijd twee luchtaanvallen uitgevoerd op Tripoli. foto Aimen Elsahli/REUTERS

In Libië is een burgeroorlog aan de gang die niet alleen binnen de grenzen van het land in hevigheid toeneemt. Het wordt ook steeds meer een regionaal conflict. Twee keer binnen een week hebben Egypte en de Verenigde Arabische Emiraten (VAE) luchtaanvallen uitgevoerd op fundamentalistische milities in de Libische hoofdstad Tripoli. Dat meldt The New York Times op basis van gesprekken met vier hoge Amerikaanse functionarissen.

De luchtaanvallen werden uitgevoerd vanaf bases in Egypte. De Emiraten leverden piloten, straaljagers en tankvliegtuigen. De eerste bombardementen waren een week geleden, zaterdag volgden nieuwe aanvallen. Zo probeerden Egypte en de Emiraten te voorkomen dat de fundamentalistische milities de luchthaven van Tripoli in handen kregen – tevergeefs.

Al honderden doden gevallen

Dit weekeinde veroverde een alliantie van fundamentalistische milities de internationale luchthaven van Tripoli – na vijf weken van hevige gevechten. De Dageraad van Libië noemt die alliantie zich. Televisiebeelden toonden bebaarde strijders die op vliegtuigen stonden, in de lucht schoten en allahu akbar (God is groot) schreeuwden.

Bij de gevechten om de luchthaven vielen honderden doden. Delen van Tripoli zijn in puin gelegd, veel mensen zijn gevlucht. Opslagtanks bij het vliegveld met 25 miljoen liter brandstof staan al weken in brand.

De strijd in Libië draait grotendeels om de controle over luchthavens, olieterminals en andere belangrijke installaties. Maar de burgeroorlog heeft ook een ideologische dimensie. Het gaat tussen voor- en tegenstanders van de fundamentalistische Moslimbroederschap.

De oorlog in Libië laaide op na de verkiezingen in juni, waarbij de Moslimbroederschap een zware nederlaag leed. De fundamentalistische milities beschouwen het nieuwe parlement als onwettig. Daarom riepen ze dit weekeinde het oude, door de Moslimbroederschap gedomineerde parlement op weer bijeen te komen. Daarmee heeft Libië twee parlementen met eigen legertjes: één in Tripoli en één in de oostelijke stad Tobruk.

Het nieuwe parlement zetelt in Tobruk omdat die stad in handen is van oud-generaal Haftar. Hij presenteert zich als een Libische Sisi, de sterke man van Egypte, en heeft de fundamentalistische milities de oorlog verklaard. Het nieuwe parlement noemde de verovering van de luchthaven van Tripoli het werk van „terroristische groepen” die de legitimiteit van de staat ondermijnen. Maar die staat bestaat alleen in naam.

De Libische burgeroorlog wordt ook steeds meer een weerspiegeling van de machtsstrijd in het Midden-Oosten tussen voorstanders van de Moslimbroederschap (Qatar, Turkije) en tegenstanders (Saoedi-Arabië, de Verenigde Arabische Emiraten, Egypte). Nadat Sisi vorig jaar de macht greep in Egypte heeft hij de Moslimbroederschap de oorlog verklaard. De beweging is in Egypte verboden, duizenden leden zijn opgepakt, honderden gedood. Samen met Saoedi-Arabië en de Emiraten is Sisi ook een regionale campagne begonnen om de beweging uit te roeien.

Gaddafi's wapens zijn geplunderd

De buurlanden van Libië vrezen dat de fragmentatie van het land een bedreiging vormt voor hun eigen veiligheid. De afgelopen jaren zijn veel wapens uit de depots van Gaddafi geplunderd. Ze zijn opgedoken in bijna alle landen in Noord-Afrika. Egypte en Algerije kijken machteloos toe hoe Libië een vrijhaven voor radicaal islamitische groepen wordt.

De luchtaanvallen op doelen in Tripoli moesten de opmars van aan de Moslimbroederschap gelieerde milities stoppen.

De VS zijn woedend dat ze in het ongewisse is gelaten door Egypte en de VAE, twee belangrijke regionale bondgenoten. De luchtaanvallen bij Tripoli zijn mogelijk uitgevoerd door gevechtsvliegtuigen die door de VS zijn geleverd.

De VS, Frankrijk, Duitsland, Italië en het Verenigd Koninkrijk hebben in een gezamenlijke verklaring „buitenlandse inmenging” in Libië krachtig veroordeeld. Ze waarschuwen dat dit „de huidige verdeeldheid verscherpt en de democratische overgang ondermijnt”.

Ironisch genoeg hielpen juist deze landen bij de luchtaanvallen om de Libische leider Gaddafi omver te werpen in 2011.

    • Toon Beemsterboer