De Rus heeft nog genoeg te eten

Drie weken nadat Rusland een verbod instelde op import van levensmiddelen uit Europa en de Verenigde Staten is in winkels in Moskou van tekorten weinig merkbaar.

De Russische winkelschappen en marktkramen zijn nog rijk gevuld. Foto Reuters

Twee wielvormige gele kazen liggen te pronken in de zuivelvitrine van de luxe supermarkt Baggetlè in de Tverstraat, hartje Moskou. FRICO, staat er met koeienletters op de etiketten op de ruim vijftien kilo zware exemplaren. ‘Land van herkomst: Nederland’, meldt het productkaartje.

Huh? Wordt hier soms een boycot omzeild? „Nee”, verklaart Goelja, verkoopster op de kaasafdeling. „Toen de importstop werd aangekondigd hadden we nog een flinke voorraad. Die verkopen we nu gestaag.” Pas over een dag of tien, verwacht Goelja, zit Baggetlè zonder Frico-kaas. Zoals het tegen die tijd ook met de Franse Roquefort en de Deense Dana Blue zal zijn gedaan.

Drie weken nadat Rusland een verbod instelde op de import van groente, fruit, vis, vlees en zuivel uit de Europese Unie, de Verenigde Staten, Canada, Noorwegen en Australië, is van tekorten in Moskouse winkels weinig merkbaar. De schappen zijn bijna net zo rijk gevuld als voorheen. Het assortiment van bekende merkproducten is nauwelijks minder breed.

Alternatieve leveranciers

Bij Baggetlè domineren de labels van de Franse producent Danone, het Italiaanse Parmalat, het Duitse Ehrmann en het Nederlandse merk Campina onveranderd de zuivelafdeling. Dat zal de komende tijd waarschijnlijk ook zo blijven. Lokale productie valt immers niet onder de boycot en daarvan kunnen de al jarenlang in Rusland actieve multinationals profiteren.

FrieslandCampina bijvoorbeeld, heeft een eigen fabriek in het stadje Stoepino, 100 kilometer ten zuiden van Moskou. Daar worden voor de Russische markt onder meer toetjes, drinkyoghurts en koffiemelk vervaardigd. Nee, geen kaas. Die werd altijd geïmporteerd.

De Russische consument hoeft vooralsnog weinig tekort te komen. Wel moet hij het inmiddels stellen zonder Belgische broccoli, Noorse zalm, Deens varkensvlees, Australische biefstuk en Nederlandse tomaten.

Voor de meeste van die ‘verboden producten’ hebben Baggetlè, Azboeka Vkoesa, Sedmoi Kontinent en Alje Paroesa – supermarktketens die allemaal mikken op de bovenmodaal verdienende Moskovieten – alternatieve leveranciers gevonden.

Zo stuurt het Slavische broederland Servië sinds kort tomaten. ‘Italiaanse’ appelsoorten komen nu van de door Rusland geannexeerde Krim en uit Turkije. De visindustrie op het Oost-Siberische schiereiland Kamsjatka blijkt opeens een redelijke soort zalm te kunnen leveren.

En terwijl in de luxere supermarkten het aanbod van vlees uit Brazilië zichtbaar groeit, bericht de Russische zakenkrant Vedomosti dat ook Argentijnse exporteurs in Rusland op marktaandeel azen.

Voormalige sovjetrepublieken

De boycot van westerse import raakt vooral de welgestelde Russen. Voor de overgrote meerderheid van de Russische consumenten zijn uit Europa of Amerika geïmporteerde levensmiddelen gewoon te duur.

De gewone Rus winkelt bij prijsvechters als Perekrostok en Kopejka. Op de schappen van die supermarktketens ligt vooral Russische waar. Kaas, vlees, vis, groente. Blijkens de etiketten zijn ze ‘vaderlands’ geproduceerd of geteeld.

Bij de afkondiging van de handelsboycot, op 6 augustus, werd gevreesd voor scherpe prijsverhogingen. En dus voor een oplopende inflatie. Maar er lijkt te vroeg alarm geslagen. Alleen vis is merkbaar duurder dan een maand geleden. De prijzen van vleesproducten bleven nagenoeg stabiel, terwijl die van groente en, vooral, fruit juist zijn gedaald.

Volgens marktvorsers is dit vooral te danken aan het seizoeneffect. In het agrarische zuiden van Rusland, maar ook in de voormalige sovjetrepublieken Oezbekistan, Tadzjikistan, Azerbeidzjan en Armenië is het nu nazomer. Er wordt daar volop geoogst. Traditioneel vinden groente, fruit en aardappelen in deze periode massaal hun weg naar Moskou, Sint-Petersburg en andere Russische miljoenensteden. Het grote zomeraanbod drukt daar de prijzen.

„Appels, peren, pruimen, perziken, nectarines, druiven en meloenen zijn in augustus altijd op zijn voordeligst”, zegt Elena Osoebova die in de buurt van het Poesjkinplein een straatwinkeltje exploiteert. „Je betaalt nu twintig à dertig procent minder dan twee maanden geleden.”

Aangepast aanbod

Er meldt zich een dame bij Osoebova’s groente- en fruitstalletje. Of ze misschien aardbeien te koop heeft? Nee, luidt haar antwoord. „Het aardbeienseizoen is in onze contreien allang voorbij. En vanuit Spanje en Nederland, waar ze het hele jaar rond aardbeien telen, komt geen aanvoer meer.”

Straks wordt het herfst en daarna winter. Osoebova vreest dan vaker nee te moeten verkopen. In de vroegere sovjetstaten is de agrarische technologie nog lang niet op westers niveau. Het schort er bijvoorbeeld aan conservering, koeling en opslag. Buiten het seizoen is er daardoor te weinig aanbod, terwijl ook de kwaliteit te wensen over laat. Russen zijn daaraan gewend geraakt.

Nieuw is dat de welgestelde consument vertrouwd moet raken met het aangepaste aanbod. Bij Baggetlè klaagt een vrouw luidkeels over de „veel te droge” Granny Smith-appels uit Armenië, „met hun doffe kleur en stugge schil”.

Een andere klant stelt haar gerust. Op het zuidelijk halfrond begint over enkele maanden de zomer. „Producten uit Latijns-Amerika en Zuid-Afrika doen in kwaliteit en smaak niets onder voor die uit Europa.”

    • Hans Crooijmans