Zulke rellen zijn ook in Nederland mogelijk

De rellen in de VS lijken op die in Engeland en Frankrijk. Steeds waren er drie ingrediënten: een fataal voorval, politie en onduidelijkheid, zegt Luuk Slooter.

Voetgangers in een wijk in Londen. FOTO getty images

Op 9 augustus werd Michael Brown in Ferguson doodgeschoten door de politie. Vreedzaam protest vermengd met rellen, plunderingen en hevige confrontaties met de politie volgden. De discussies over het geweld richten de blik vooral naar binnen: de rol van Obama, de historische context van de burgerrechtenbeweging uit de jaren zestig, eerdere episodes van stedelijk geweld en de hardnekkige raciale breuklijnen in de Verenigde Staten.

Maar een blik naar buiten laat zien dat het niet uitsluitend om een Amerikaans probleem gaat. De rellen in Frankrijk van 2005 en Groot-Brittannië in 2011 laten een soortgelijk patroon zien. Zowel de aanleiding als de onderliggende oorzaken lijken op elkaar. De aanleiding voor het geweld bevat elke keer drie klassieke ingrediënten: een fataal voorval, politiebetrokkenheid, en onduidelijkheid over wat er gebeurd is. In de herfst van 2005 komen Bouna (15) en Zyed (17) om het leven in de Noord-Parijse voorstad Clichy-sous-Bois. De jongens zijn hun identiteitskaart vergeten tijdens een potje voetbal. Als ze een politieauto voorbij zien rijden, besluiten ze weg te rennen. In hun vlucht verstoppen ze zich in een transformatiehuisje. Niet veel later maken ze een misstap en worden geëlektrocuteerd. De Franse premier en de minister van Binnenlandse Zaken beschuldigen de jongens in eerste instantie van een inbraak, maar later worden die aantijgingen weer ingetrokken. De politie ontkent betrokkenheid en stelt de jongens niet te hebben achtervolgd. Vrienden en familieleden vinden daarentegen dat Bouna en Zyed wel degelijk de dood in zijn gejaagd door de politie. Het is, in hun ogen, het resultaat van de dagelijkse onterechte identiteitscontroles in voorstedelijk Frankrijk. ‘Mort pour rien’, staat er op hun spandoeken. Voor niets gestorven. Autobranden en confrontaties met de politie volgen. De rellen in voorstedelijk Frankrijk duren 21 dagen.

De zaken zijn door mist omgeven

Zes jaar later wordt Mark Duggan (29) in Tottenham (Londen) doodgeschoten door de politie. Aanvankelijk verschijnen verhalen in de media dat Duggan het vuur op de politieagenten geopend zou hebben, maar familieleden zeggen dat hij ongewapend was. Onderzoek wijst later uit dat Duggan niet geschoten heeft. Twee dagen na de dood van Duggan komen familieleden, vrienden en honderden anderen verhaal halen bij het plaatselijke politiekantoor. ‘No Justice, No Peace’, scanderen ze. Ze willen antwoorden en gerechtigheid. Dezelfde avond beginnen de eerste branden, plunderingen en confrontaties met de politie. De rellen in Groot-Brittannië houden vijf dagen aan.

Ook de dood van Michael Brown (18) is door mist omgeven. De politie spreekt over een worsteling en stelt, dagen later, dat Brown een ongewapende overval had gepleegd. Stilstaande videobeelden uit een winkel moeten het bewijzen. Een vriend van Brown beweert dat Brown zich echter met zijn handen in de lucht heeft overgegeven. Hij zegt dat zijn vriend in koelen bloede is vermoord. Het autopsierapport dat de familie van Brown heeft laten opmaken spreekt over zes schotwonden, waarvan twee in het hoofd van Brown.

De onduidelijkheid en gebrekkige informatievoorziening van de overheid over de rol die de politie heeft gespeeld, leidt in alle drie gevallen tot grote onrust en geruchten in de buurt. Die geruchten zijn, zoals politicoloog Donald Horowitz in zijn boek The deadly ethnic riot stelt, niet slechts verhalen, maar hebben een functie. De mist en onduidelijkheid maakt dat mensen hun eigen interpretaties kunnen verbinden aan de dood van Bouna, Zyed, Mark en Michael. Het biedt relschoppers, wat hun motief ook is, de mogelijkheid om geweld tegen de politie te legitimeren.

Mensen voelen zich tweederangsburgers

Maar er is meer nodig voor het uitbreken van grootschalig stedelijk geweld: een voedingsbodem, die door de jaren heen broeit en groeit. Een voedingsbodem die het fatale voorval en de daarop volgende geruchten in een bredere context plaatst en betekenis geeft. Segregatie, armoede, hoge (jeugd)werkloosheid en alledaagse ervaringen van (politie)discriminatie. De onderliggende oorzaken die nu aan de onrust in Ferguson worden gekoppeld, klonken eerder in Frankrijk en Groot-Brittannië. Hoewel de intensiteit van die structurele problemen en de dominante breuklijnen in de samenleving (etnisch, religieus, ‘raciaal’ of territoriaal) verschillen per land, zijn er aan beide kanten van de Atlantische Oceaan vergeten stukken land die afgedreven zijn van de samenleving. Wijken waar mensen zich behandeld voelen als tweederangsburgers en waar groot wantrouwen heerst ten aanzien van de staat. Wijken die zich naar binnen keren, omdat ze geen uitzicht meer hebben op een succesvolle toekomst daarbuiten.

De onrust in Ferguson zegt niet alleen iets over Amerika en over een historisch gegroeid probleem aldaar, maar ook iets over onszelf in het hier en nu.

    • Luuk Slooter