Topregisseur van Gandhi en bekend acteur

Richard Attenborough (1923-2014)

De veelzijdige karakteracteur werd een regisseur die zijn spelers fenomenale prestaties wist te ontlokken.

Richard Attenborough in 2007 Foto AFP

Acteur, producent en regisseur Richard Attenborough is gisteren overleden, een paar dagen voor zijn 91ste verjaardag. Attenborough won een Oscar voor Gandhi, een van de acht beeldjes die zijn immens succesrijke filmbiografie over de vermoorde Indiase politicus in 1983 in de wacht sleepte. Hij had sinds hij in 1962 een biografie van Gandhi las, zo’n 20 jaar geprobeerd studio’s te interesseren voor het project. Voor die film ontlokte hij aan Ben Kingsley een fenomenale acteerprestatie die ook met een Oscar werd bekroond. Dat Attenborough een groot regisseur van acteurs was is niet echt verrassend, hij werd zelf opgeleid als acteur en speelde vanaf 1942 mee in talloze Britse klassiekers. De karakteracteur – hij had niet het uiterlijk om een grote filmster te worden – debuteerde op jonge leeftijd en maakte meteen indruk als bange stoker van een torpedojager in de oorlogsfilm In Which We Serve (1942). De oorlog was een terugkerend thema in zijn loopbaan, als acteur (Dunkirk in 1958, The Great Escape in 1963) en als regisseur – zo maakte hij A Bridge Too Far over de Slag bij Arnhem (1977). Zijn eerste film in de regiestoel was de verfilming van het satirisch getitelde Oh! What a Lovely War (1969), een toneelstuk/musical over de Eerste Wereldoorlog doorspekt met liedjes uit die tijd. De in 1923 in Cambridge geboren Attenborough kreeg al snel bekendheid door het neerzetten van gedenkwaardige schurken, zoals zijn doorbraakrol in Brighton Rock (1947). Hierin is hij Pinkie, een gewelddadige en gewetenloze gangster die niet voor wat moorden terugdeinst. Attenborough speelt hem met veel intensiteit en suggereert een morele leegte die griezelig is. Hij was even kil en memorabel als (echt bestaande) sinistere seriemoordenaar John Reginald Christie in 10 Rillington Place (1970) en als onder de pantoffel zittende echtgenoot van een nephelderziende in Seance on a Wet Afternoon (1964) – zijn eigen favoriet. Talent voor komedie had hij ook, getuige een aantal komische rollen, zoals in The League of Gentlemen (1960) en als geldbeluste kapitalist in I’m All Right Jack (1959). Op latere leeftijd kreeg hij het imago van leuke opa . Met zijn witte baard en buikje was hij dan ook uiterst geschikt om de Kerstman te spelen in Miracle on 34th Street (1994). Ook zijn rol als charismatische multimiljonair in Jurassic Park (1993) zorgde ervoor dat hij bekend bleef bij een groot publiek. De films die hij als regisseur maakte, zijn veelal biografisch van aard: Young Winston (1972), Chaplin (1992, met een sterke rol van Robert Downey Jr.), Cry Freedom (1987, over apartheidsstrijder Steve Biko, gespeeld door Denzel Washington) en het onderschatte Shadowlands (1993), over de gepassioneerde affaire tussen schrijver C.S. Lewis en de Amerikaanse dichteres Joy Gresham. Zijn laatste paar films waren een beetje ouderwets: goed gemaakt, met het hart op de juiste plaats maar soms ook een tikje braaf of zelfs sentimenteel. Dit geldt vooral voor In Love and War (1996) – over Hemingway in de Eerste Wereldoorlog – en zijn zwanenzang uit 2007, Closing the Ring. Incidenteel maakte hij films waarvoor zijn artistieke temperament minder geschikt was, zoals de musical A Chorus Line (1985) en de horrorfilm Magic (1978).

Richard ‘Dickie’ Attenborough was de broer van BBC-natuurprogrammamaker David Attenborough.

    • André Waardenburg