Succesvolste ebolamiddel in 19de-eeuwse traditie

Het relatief succesvolle medicijn ZMapp is meteen na besmetting toegediend aan proefdieren. Maar wie met ebola is besmet, wordt pas na een paar dagen ziek.

ZMapp is niet alleen een bijzonder ebolamedicijn omdat er afgelopen maand patiënten mee zijn behandeld. Het is ook uitzonderlijk omdat ZMapp in dierproeven ook werkt als de dieren al ziekteverschijnselen hebben (Science Translational Medicine, 21 augustus 2013). Dat lijkt normaal. Daarvoor worden medicijnen gemaakt. Maar alle experimentele ebolamedicijnen worden in proeven met apen allereerst gegeven als een dier nog maar een uur, of hoogstens een dag met ebolavirus besmet is.

De experimentele ebolamedicijnen die hier worden besproken, werken dan. Maar praktisch is die informatie niet. Iemand die met ebola is besmet wordt pas na een paar dagen ziek. Een pijlsnelle behandeling van mensen kan alleen als iemand in een laboratorium per ongeluk besmet raakt, dat weet en direct medicijn neemt.

Maar met ZMapp (of eigenlijk: zijn voorganger MB-003, dat waarschijnlijk iets minder goed werkt) overleefden drie van de zeven ziekgemaakte apen als ze vier tot vijf dagen na hun ebolabesmetting pas de eerste medicijndosis kregen. Ze hadden dan koorts (minstens 1,5 graad verhoging) én het virus was met een diagnostische test aangetoond in hun bloed. Twee dieren die in dat experiment wel besmet werden maar onbehandeld bleven, stierven allebei.

Daarmee lijkt het op een medicijn dat bruikbaar is in de praktijk, tenminste als mensen weten en erkennen dat ze mogelijk besmet zijn, als er een ebolatest voorhanden is, en als ze zich niet uit wantrouwen en angst verstoppen voor dokter en gezondheidsautoriteiten. In de Afrikaanse landen waar nu ebola heerst zijn op veel plaatsen de sociale omstandigheden voor een goede werking van een ebolamedicijn erg ongunstig.

MB-003 werkt na vier dagen minder goed dan wanneer het direct na besmetting wordt gegeven. Dieren die een uur na besmetting MB-003 kregen, overleefden allemaal. Van de dieren die twee dagen later het medicijn kregen, overleefde tweederde (PNAS, 13 oktober 2012).

ZMapp is tot nu toe het meest succesvolle ebolamedicijn, vinden de auteurs van een recente review van de komende ebolamedicijnen (Trends in Microbiology, augustus 2014).

Het idee achter ZMapp is gebaseerd op een behandeling tegen infectieziekten die al meer dan een eeuw oud is. En die na de introductie van veel succesvolle vaccins wat vergeten was.

Een infectie is een strijd tussen een virus, bacterie of eencellige parasiet en het afweersysteem van de patiënt. Als dat snel moleculen (antilichamen) maakt die goed aan de ziekteverwekker binden, dan ruimen cellen van het afweersysteem de indringers op. Als dat niet op tijd gebeurt, heeft de ziekteverwekker zoveel schade in zijn gastheer aangericht dat die sterft.

Na inspuiting van een vaccin maakt het lichaam zelf antilichamen. Maar het afweersysteem doet er een paar dagen over voordat er voldoende antilichaam is geproduceerd. Eind negentiende eeuw ontstond het idee om bloedvloeistof (serum) van genezen patiënten aan patiënten toe te dienen. Er zat ‘iets’ in het bloed wat de ziekte bestreed. Emil von Behring kreeg in 1901 de allereerste Nobelprijs voor de geneeskunde voor serumtherapie. Industrieel werden paarden besmet met difterie of tetanus. Als de dieren waren hersteld werd hun bloed afgetapt, waarna patiënten het bloedvocht (serum) kregen ingespoten. Serumtherapie bestaat nog, bijvoorbeeld als tegengif tegen sommige slangenbeten, maar verder is er zoveel mogelijk overgestapt op vaccins.

ZMapp is echter geen ouderwetse serumtherapie, schrijft fabrikant Mapp Biopharmaceutical. En dat is zo. Serum bevat duizenden verschillende eiwitten. Naast de antilichamen zitten alle bloedeiwitten er nog in en die kunnen akelige bijwerkingen geven.

ZMapp bestaat uit drie geselecteerde antilichamen die specifiek aan eiwitten op de buitenkant van het ebolavirus hechten. Het idee is dat het afweersysteem het virus dan aanpakt, maar het zou het virus ook verhinderen om cellen van zijn gastheer binnen te dringen. Het zijn antilichamen (eiwitten) die ooit in ebolabesmette muizen zijn gemaakt.

Het DNA voor het muizenantilichaam is in het lab ‘gehumaniseerd’ – dat voorkomt bijwerkingen en is tegenwoordig gebruikelijk – en daarna ingebouwd in tabaksplanten, wat weer bijzonder is. Het medicijn wordt dus gewonnen uit tabak, verbouwd door het bedrijf Kentucky Bioprocessing.

ZMapp is ontstaan uit twee eerdere experimentele medicijnen die ieder bestonden uit drie antilichamen tegen ebola. De ontwikkeling duurt al tien jaar en is in het kader van bioterrorismebestrijding gesubsidieerd door de Canadese en Amerikaanse overheid. Vorig jaar zijn beide medicijnen ondergebracht bij Leaf Biopharmaceuticals dat voor ZMapp drie antilichamen koos die het beste uit MB-003 en ZMab combineren. De fusie en de verdere planning van onderzoek „is goed ontvangen door onze partners van de Amerikaanse regering” zei Larry Zeitlin, de president van LeafBio in een persbericht van 15 juli 2014.

    • Wim Köhler