Mijn to-do lijst voor de mannen in spijkerbroek

Ik heb deze column geschreven in spijkerbroek. Als een kabinet of een wereldleider eens even rustig moet nadenken over de toekomst van de wereld, trekken ze een spijkerbroek aan. Deze week bijvoorbeeld struinden de kabinetsleden in spijkeroutfits rond op landgoed Het Nijenhuis in Overijssel. Ze dachten na over de beste agenda voor de komende twee jaar.

Een spijkerbroek aantrekken kan ik ook! Laat ik eens een potje meedenken, dacht ik deze week. Wat zou mijn to-do-lijst zijn voor Rutte II?

Het kabinet zou in elk geval de grote vergeten hervorming moeten aanpakken: ons gedrocht van een belastingstelsel. Het is een onlogisch, ingewikkeld, inefficiënt stelsel, – een kerstboom volgehangen met voor de Belastingdienst zelve bijkans onuitvoerbare regelingen. De voortdurende en grote problemen bij de Belastingdienst kennen een duidelijke oorzaak: het door politici van alle middenpartijen mishandelde stelsel. Elke partij creëerde sinds 2001, het jaar van de laatste grote stelselherziening, zijn eigen belastingspeeltjes: maatregelen die de eigen achterban ten voordeel strekken. Wat leuks voor autobezitters, iets extra’s voor de minima, een voordeeltje voor kunstverzamelaars, een vrijstelling voor mantelzorgers. Waarom niet mensen? Het is gratis geld voor niks!

Opportunisme rond belastingen is geen partij vreemd. Zo was de immense verontwaardiging van oppositiepartij CDA over de recente fraude met belastingtoeslagen nogal wrang. Het waren CDA-bewindslieden die de toeslagen invoerden, zich bewust van de fraudegevoeligheid ervan.

Laat nou ongeveer elk prominent lid van deze coalitie zich al hebben uitgesproken voor een hervorming. Belastingstaatssecretaris Eric Wiebes (VVD) zei het zelf in deze krant: vereenvoudiging is geen keuze, want de belastingwetten zijn eigenlijk te complex om goed uit te voeren. We hebben de zolder volgezet met troep, en nu moet hij opgeruimd worden.

Je zou dus denken dat dit kabinet dat meedenken van mij niet bepaald nodig heeft. De grote vraag is echter hoe hard het kabinet het meent. Blijft het bij een paar kleine vereenvoudigingen en een pietsie lastenverlichting? Of wordt het stelsel grondig hervormd en schoongeveegd? De mensen die ik spreek in Den Haag verwachten er niet superveel van. Voor een echte stelselherziening liggen VVD en PvdA ideologisch te ver uit elkaar, klinkt het. En zijn de overheidsfinanciën te fragiel.

M aar Wiebes is een praktisch denker. Tussen bijna niks doen en een algehele herziening liggen mooie maatregelen die beide partijen met liefde zouden kunnen omarmen. Ik kan me niet voorstellen dat Wiebes die niet al lang in de smiezen heeft. Ik werp eens een balletje op:

1. Voer één btw-tarief in. Nu nog zijn er twee: 6 en 21 procent. Dat lage tarief moet mensen met lage inkomens helpen, maar mensen met hoge inkomens profiteren er het meest van, concludeerde het Centraal Planbureau in maart. Bovendien heeft een ondernemer een cursus nodig om te begrijpen voor welk goed of dienst welk van de tarieven geldt.

2. Schaf de vermogensrendementsheffing op kleine vermogens af. Niemand verdient op zijn spaargeld: de rente erop is lager dan de inflatie plus belastingheffing. Wat klein is, staat open voor debat. De Franse econoom Thomas Piketty pleit voor een hogere belasting op vermogen, maar pas vanaf een miljoen euro.

3. Verlaag de belasting op werken (gebruik hiervoor eventueel de opbrengst van het ene btw-tarief). Verklein het verschil tussen wat de werkgever betaalt aan een werknemer en wat die op zijn rekening bijgeschreven krijgt. Dat is twee keer goed: werkgevers nemen meer mensen aan, én meer mensen willen werken. Doe dat zo radicaal mogelijk voor banen op het minimumloon. Dat helpt mensen aan de onderkant veel meer dan de bureaucratische nachtmerrie die loonkostensubsidie heet.

In Den Haag erkent kabinet op kabinet dat een herziening zeer nodig is. Maar er gebeurt niks. Heren, de spijkerbroeken zijn aan, even doorpakken nu.