Je stapt in die boot of je gaat thuis zitten scrabbelen

Waarom doen we op vakantie dingen die we thuis nooit zouden doen? We zoeken nieuwe ervaringen. En passen ons aan.

Dikke kans dat je op vakantie meer risico’s neemt dan thuis. Hier springt een man van een rots op het Griekse Zakynthos FOTO AFP

We waren met elf volwassenen en zes tieners en we zagen allemaal: die boot is niet veel soeps. De bodem was een verzameling verschoten planken met wat teer ertussen. Er lag al een plas water, maar we gingen allemaal aan boord. Mensen met een vaste baan, met kinderen, en genoeg geld voor een safari in Afrika.

Anderhalf uur lang zou het motor-sloepje over het Victoriameer sukkelen, van de ene kust naar de andere. We telden acht reddingsvesten en drie bemanningsleden. Na een kwartier stak een van hen een emmertje in de lucht en schudde zijn hoofd. Het water gulpte met een driftig kolkje de romp in. Daar viel niet tegenop te hozen.

We hebben de overkant gehaald. En zelfs de terugtocht met dezelfde boot. De hozende scheepsjongen wist met een schroevendraaier een los bolletje teer in het lek te duwen en toen hield het gulpen op. Toen we aan land stapten, zeiden we tegen elkaar: „We hadden nooit aan boord moeten gaan.”

„Achteraf beschouwd hadden wij nooit op die boot moeten stappen.” Dat zei de zestigjarige Jan van Ommen in de Volkskrant van afgelopen dinsdag. Van Ommen en zijn vrouw hadden de schipbreuk van een veerbootje tussen Lombok en Komodo overleefd. Ze hadden veertig uur in het water gedobberd voor ze werden gered. De boot was lek geslagen, er was geen radio aan boord en de reddingsvesten waren van 1971.

Die boten? Levensgevaarlijk!

Achteraf wist iedereen het natuurlijk allang. Die boten daar zijn levensgevaarlijk en de toeristen zijn niet goed bij hun hoofd.

Waren wij niet goed bij ons hoofd?

Eén ding weet ik zeker: niemand van ons zeventienen zou op deze boot zijn gestapt als die ons van Enkhuizen naar Stavoren had willen brengen. Dan hadden we tegen de kapitein gezegd: sodemieter op met je wrak.

Wat gebeurt er met al die risicomijdende westerlingen zodra ze de grens overgaan? Waarom huurt iemand, die in Nederland zelfs nog nooit op een brommer over een polderweg heeft gereden, in Griekenland ineens een scooter om via gruiswegen een afgelegen strandje te zoeken?

Het lijkt wel of westerse toeristen zich in het buitenland onkwetsbaar wanen. Op internet wemelt het – vooral op sites van reisorganisaties – van de reisverslagen met dat-ging-maar-net-goed verhalen.

„Voor een deel zijn dat novelty seekers”, zegt Caspar Chorus, hoogleraar aan de TU Delft. „Mensen die op vakantie gaan om nieuwe ervaringen op te doen. Zulke toeristen kiezen voor een avontuurlijke reis en dan moet je niet zeuren, vinden ze, over een gaatje in de romp.”

Dan hebben we het dus niet eens over de echte risicozoekers, de off-piste skiërs, de canyonfietsers, de abseilers en de wildwaterrafters. Die gebruiken de vakantie om hun door alle westerse regels en maatregelen afgestompte zintuigen weer eens aan te scherpen met een authentiek gevaarlijke belevenis. We hebben het over de brave huisvader die op All Stars en in korte broek ’s nachts in het pikkedonker een vulkaan beklimt om de zonsopgang vanaf de top te zien.

Chorus is in Delft hoogleraar choice behavior modeling en heeft speciale aandacht voor het wiskundig beschrijven van de menselijke psyche. In de eerste plaats, zegt hij, zijn mensen betrekkelijk onsuccesvol in het maken van reële inschattingen van risico’s. „De kans op een ongeluk met een veerboot? Is dat 1 op de 100.000? 1 op 1 miljoen? Daar kunnen mensen zich geen voorstelling van maken als ze op de kade staan. En iets waar je je geen heldere voorstelling van kan maken, kun je des te makkelijker negeren. Ze zien bij wijze van spreken alleen de overkant voor zich.”

Op een exotische bestemming is de toerist bovendien zijn vertrouwde ijkpunten kwijt. Hij ziet alleen maar gammele taxi’s om zich heen en denkt: dat zal dan wel zo horen. Er zijn ook geen alternatieven voorhanden. Alle mensen gaan aan boord van die drijfhoutconstructie. „Hier leven wij in het land van de veilige alternatieven. Daar is het take it or leave it”, zegt Chorus. „Je stapt in die boot of je gaat thuis zitten scrabbelen.”

We schatten risico’s lager in

„Sociologen en psychologen opperen dat mensen op vakantie de normen van thuis expres even loslaten”, zegt Chorus. „Het vermijden van risico’s is zo’n norm. Een vader of een moeder voelt thuis verantwoordelijkheid voor de kinderen. Dus begeef je jezelf niet vrijwillig in gevaarlijke situaties. In de vakantie gebeuren twee dingen. Mensen schatten risico’s lager in dan normaal. En ze hebben een grotere bereidheid om risico’s te nemen.”

Het zou mooi zijn als daar een reële schatting van was van het aantal doden op vakantie. Maar noch het CBS, noch de ANWB, noch Veiligheid.nl houden gegevens bij over het aantal ongelukken in het buitenland. En het is wat cru om de cijfers van Van der Heden Internationaal Rouwvervoer en Uitvaartverzorging als uitgangspunt te nemen. Directeur Dirk van Vuure schat dat er jaarlijks tussen de 500 en de 700 mensen op een buitenlandse reis sterven. Hij kan zien dat ongeveer eenderde van hen jonger is dan zestig en dat de kans groter is dat die door een niet-natuurlijke oorzaak zijn omgekomen.

Caspar Chorus: „Je hoort mensen vaak zeggen dat ze liever spijt hebben van wat ze wél, dan van wat ze níet gedaan hebben. Mensen kunnen zichzelf en elkaar natuurlijk wel over de streep trekken met zo’n verhaal.”

Alle zeventien mensen van de safari zijn ongedeerd en zonder spijt thuisgekomen, afritsbroek en al.

    • Bas Blokker