Bach is wat we nu nodig hebben

Vanavond speelt violiste Lisa Batiashvili het Prinsengrachtconcert in Amsterdam. Vorig jaar keken daar bijna een miljoen mensen naar.

Dit is Lisa Batiashvili: een vrouw met een orthodox kruis aan een kettinkje dat ze sinds haar vierde draagt. Een Georgische die al langer in Duitsland woont dan in haar geboorteland. Een moeder die, als ze niet op tournee is, iedere dag voor haar twee kinderen (10 en 6) kookt, die haar groene thee koud laat worden omdat ze niet stopt met praten.

En ook: een topvioliste die soleerde bij de Berliner Philharmoniker en dit seizoen artist in residence is bij de New York Philharmonic.

Maar eerst is Lisa Batiashvili (1979) de hoofdgast op het Prinsengrachtconcert, vanavond in Amsterdam. Dat is iets groots in Nederland, weet ze. Vorig jaar, toen het Koninklijk Concertgebouworkest en tenor Joseph Calleja optraden, werd het door 919.000 mensen op televisie bekeken.

„Ik hou ervan om in de open lucht op te treden”, vertelt ze in een café om de hoek bij haar huis in München. „Het publiek staat dichter bij de artiest. Maar je moet ook harder werken. Buiten zijn mensen sneller afgeleid. Je moet ze wakker houden.”

Dat doet ze vanavond met Piazzolla, een Sjostakovitsj-wals, folkloristische miniaturen van de Georgische componist Sulkhan Tsintsadze, en Bach. Met haar echtgenoot François Leleux speelt ze het Concert voor viool en hobo. Het stuk is hun handelsmerk geworden. Ze namen het op voor Batiashvili’s nieuwe cd, net uit, die geheel aan Bach (Johann Sebastian én zijn zoon Carl Philipp Emanuel) gewijd is.

„We proberen elk seizoen een paar keer samen te spelen”, zegt ze. „We kunnen heel ontspannen samenwerken. Als musici zijn we erg verschillend, maar we zijn ook erg flexibel. Hij is expressiever, soms te expressief, vindt hij zelf. Ik ben juist introvert. Door hem heb ik geleerd me meer open te stellen. Ik kan me beter uitdrukken sinds ik met hem samenspeel.”

In 1991 kwam Batiashvili in Duitsland terecht. „Mijn ouders besloten dat ik in Europa moest studeren. Ze wisten dat als we langer in Georgië zouden blijven, het moeilijker zou worden om weg te gaan. Een dag nadat we weggingen, brak een lange periode van onrust aan.”

Nu wordt ze als Georgische violiste vermarkt. In een clip voor haar nieuwe cd is ze te zien met Georgische bergen op de achtergrond. „Ik voel me sterk verbonden aan mijn thuisland. Ik koop instrumenten voor de muziekschool waar ik les kreeg. Maar ik maak me ook zorgen. Het is nog steeds niet de soevereine democratie die het zou moeten zijn. En een deel wordt nog altijd door Rusland bezet.”

Russische propaganda

Opmerkelijk is dat Batiashvili in september het podium deelt met Valery Gergiev tijdens zijn festival in Rotterdam. Toen in 2008 de Ossetië-crisis uitbrak, sprak de Russische sterdirigent en vertrouweling van Vladimir Poetin openlijk zijn steun uit voor de militaire interventie.

„Wat er toen gebeurde, herhaalt zich nu in het groot in Oekraïne”, zegt Batiashvili. „Nu de hele wereld toekijkt, zal Gergiev zoiets niet snel meer zeggen. Hij is onderdeel geweest van de Russische propaganda. Maar ik neem het hem niet kwalijk. Het is heel moeilijk om bekend te zijn in Rusland. Of je speelt het spel volgens de regels, of je houdt je er niet aan – en dan krijg je geen kansen meer.”

Ook tijdens het Prinsengrachtconcert wil ze stilstaan bij de spanningen in de wereld. „Ik wil op dit moment geen programma spelen met alleen maar fun stuff. We kunnen niet doen alsof er niets aan de hand is. Bach is wat we nodig hebben nu. Zijn muziek geeft zo veel kracht.”

Of het wel werkt tussen de toeterende bootjes met rosédrinkende mensen? Ze maakt zich er niet druk om. „Er is geen slechte plek voor Bach. Hij raakt ons altijd.”

Bovendien volgt onherroepelijk de jaarlijkse toegift: Aan de Amsterdamse grachten. Ze heeft het nog niet gespeeld. „Maar de noten zien er makkelijk uit”, lacht ze.

    • Merlijn Kerkhof