Ruzie met Rusland, ruzie met zichzelf

Komende week wordt cruciaal voor Oekraïne. Morgen gaat de Duitse bondskanselier persoonlijk bemiddelen in Kiev. Dinsdag zit president Porosjenko met aartsvijand Poetin om de tafel. Ondertussen steggelen de partijen in het parlement.

Oekraïeners schuilen voor het oorlogsgeweld in het oosten van het land. Vanochtend werd bekend dat een Russisch hulpkonvooi de grens is overgestoken, zonder toestemming van Kiev. Het konvooi stond al een week stil voor de grens. De goederen zijn bestemd voor de inwoners van Loehansk.

De confrontatie tussen Oekraïne en Rusland gaat een beslissende fase in. Morgen reist de Duitse bondskanselier Angela Merkel naar Kiev. Zij is de eerste Europese regeringsleider die sinds het begin van de omwenteling op de Maidan, een half jaar geleden, die kant op gaat. Ze treedt nu zelf naar de voorgrond om een uitweg uit het Oekraïense conflict te creëren. Of er kans op succes is, zal vervolgens dinsdag blijken als president Petro Porosjenko het Russische staatshoofd Vladimir Poetin in Minsk ontmoet.

Merkel komt morgen aan in een land dat economisch aan de rand van de afgrond verkeert en waarin de politieke vechtcultuur de afgelopen zes maanden niet wezenlijk is veranderd. Alle ministers die na de val van het ancien regime van Viktor Janoekovitsj tot de regering toetraden, wisten dat ze aan een politieke kamikazereis begonnen. De euforie van de revolutie op Maidan zou vervliegen. Eensgezindheid was geboden.

De praktijk bleek weerbarstiger. Zelfs aan het vechten in het parlement is geen einde gekomen. In Oekraïne oogt de politiek als het spreekwoordelijke ‘feestmaal tijdens de pest’, zoals de Russische dichter Aleksandr Poesjkin ooit schreef. Het regent benoemingen en ontslagen. Gisteren nog trad minister Pavel Sjeremeta van Economische Zaken af omdat hij niet was gekend in de benoeming van een nieuwe handelsafgezant. Eerder trad premier Arsen Jatsenjoek zelf af, omdat de losse parlementaire coalitie die zijn kabinet eind februari aan een vertrouwensvotum had geholpen, uit elkaar was gevallen. Jatsenjoek bleef toch aan.

Na zijn vertrek gisteren orakelde minister Sjeremeta gisteren op zijn Facebook-pagina: „In plaats van verder vechten met het systeem, heb ik besloten me te concentreren op de mensen van morgen die het systeem van morgen bouwen.” Mogelijk bedoelde hij hiermee dat de nieuwe machthebbers dezelfde aanpak hebben als het ancien regime. Wellicht werd de post hem te zwaar. Sjeremeta had in het begin immers openhartig voorspeld dat de economische crisis in Oekraïne nog twee jaar zou duren. Dat is geen prettige boodschap ruim een maand voor tussentijdse parlementsverkiezingen.

Legitimiteit

Volgens een assistent zal president Petro Porosjenko deze verkiezingen zondag, Onafhankelijkheidsdag, aankondigen en zal hij de datum (op zijn vroegst 5 oktober) een paar dagen later per decreet bekrachtigen. Die parlementsverkiezingen zijn voor de legitimiteit van de regering belangrijk. Tot nu toe heeft alleen Porosjenko, op 25 mei met 55 procent van de stemmen tot president verkozen, een postrevolutionair mandaat van ná de Maidan. Het huidige parlement werd in het najaar van 2012 gekozen.

De regering kan in dit parlement alleen opereren omdat de meerderheidsfractie van de Partij der Regio’s, ooit het machtsvoertuig van Janoekovitsj, is versplinterd tot drie aparte groepen. Twee afsplitsingen hebben, samen met de drie oppositiepartijen van de Maidan, de regering van premier Jatsenjoek aan haar meerderheid geholpen. Alleen de overgebleven fractie van Regionalen en de op Rusland georiënteerde Communistische Partij voeren oppositie.

Maar de regering kan omgekeerd niet op de Verchovna Rada bouwen omdat het parlement nog wordt beheerst door een pre-revolutionaire geest. Die wordt grotendeels levend gehouden door volgelingen van de twee hoofdkampen uit het verleden. Enerzijds de wereld van de Partij der Regio’s van merendeels oostelijke industriële oligarchen. Anderzijds die van de Vaderland-partij van Timosjenko, die met premier Jatsenjoek en de parlementsvoorzitter Oleksandr Toertsjinov nog sleutelposities bezet.

Beide kampen hebben afgelopen maanden geprobeerd de parlementsverkiezingen te voorkomen of naar hun hand te zetten. Zowel Regionalen als Vaderlanders vrezen hun zetels, machtposities en dus bezittingen te verliezen aan de coalitie die de latere president Petro Porosjenko en burgemeester Vitali Klitsjko van Kiev dit voorjaar sloten. Volgens sommige bronnen deden ze dat onder auspiciën van de ondoorzichtige energiemakelaar/oligarch Dmitri Firtasj, die momenteel in Wenen in een soort huisarrest leeft omdat de Amerikaanse justitie zijn uitlevering heeft geëist. Een hechte organisatie hebben Porosjenko en Klitsjko echter nog niet van de grond gekregen.

Hoewel de oppositie zes maanden geleden eenstemmig vond dat er een nieuw parlement moest komen, steggelen de anti-Janoekovitsj-partijen vooral over de randvoorwaarden van de verkiezingen.

Op de achtergrond sluimeren drie kwesties.

Ten eerste de vraag of de kiezers in het rebellerende oosten nog recht hebben op een sterke stem in de landelijke politiek. Een relatief overwicht kan dienstbaar zijn aan decentralisering van de macht en dus aan een politiek compromis om de Oekraïense eenheidsstaat te redden. Maar wraakgevoelens staan deze nuchterheid in de weg.

Ten tweede de vraag of het bondgenootschap Porosjenko/Klitsjko de nieuwe Verchovna Rada kan gaan domineren dan wel dat toch weer de Vaderland-partij die rol herovert.

Ten derde de vraag of de nieuwe buitenparlementaire krachten van ná de Maidan zich schikken. Die groepen zijn meestal bewapend en vechten in de Donbass. Dat wordt gezien als heroïsch werk in de huidige oorlogstoestand. Vaak worden ze betaald door oligarchen, zoals gouverneur Igor Kolomoisi van Dnjepropetrovsk, of andere private groepen die ooit na de oorlog met de rebellen willen worden beloond voor hun patriottisme.

Het antwoord op deze drie vragen is bepalend voor de nieuwe maatschappelijk orde. En dus voor de nieuwe Grondwet, die bepalend kan worden voor de vraag of Oekraïne een herkansing krijgt een levensvatbare rechtsstaat te worden of toch afglijdt richting failed state en kleptocratie. „Plunderaars aan de macht. Huichelaars in het parlement. Een agressor aan de grens. Een maatschappij op haar kookpunt”, vatte parlementariër Inna Bogoslovska de situatie anderhalve maand geleden al treffend samen.

    • Hubert Smeets