Alles is hier mogelijk als je maar betaalt

Iris Hannema (1985) reisde alleen de wereld over. Haar moeder nam stiekem screenshots tijdens hun Skype-sessies. De komende weken schrijft Iris over die gesprekken en haar reis. Deze aflevering: Libanon

Ik voelde me als een kind in de snoepwinkel: eindelijk, ein-de-lijk, stond ik dan in Beiroet. Wat een moeite ik daarvoor had moeten doen. Eigen schuld want ik had met mijn domme hoofd de Israëlische douane een paar maanden terug in mijn paspoort laten stempelen. En een bezoekje aan de zionistische buren staat voor de Libanezen synoniem voor heulen met de vijand. Uiteindelijk heb ik in Kairo een tweede Nederlandse paspoort aangevraagd en gekregen. Daarna moest ik nog een Egyptische douanebeambte omkopen voor een vals entreestempel en dat was dat. Ik vond reizen door het Midden-Oosten steeds leuker worden: alles was mogelijk, als je maar betaalde. Op het vliegveld was ik doodsbang dat ze aan mijn gezicht zouden kunnen lezen dat ik in Israël geweest was. Maar er gebeurde niets en iedereen bij de douane was heel vriendelijk, ik kreeg veel 'salaam-aleikhums' en 'where you from's', én die felbegeerde stempel. Op naar Beiroet, het Parijs van het oosten!

Zwaarbewapende bodyguards

Ik maakte echt de meest bizarre dingen mee in Beiroet. Zo logeerde ik de eerste twee nachten bij een steenrijke vrijgezel die ik had ontmoet op het vliegveld. Hij vroeg of ik al wist waar ik zou overnachten en ik zei dat ik naar een hostel zou gaan. Zijn chauffeur en hij gingen mij er afzetten, hij stond erop. Met zijn enorme Mercedes en zwaarbewapende bodyguards zat ik even later op de leren achterbank. Ik was ook helemaal niet bang dat ik ontvoerd zou worden en zag het als typische oosterse gastvrijheid. Eenmaal voor de deur van het hostel waren de mannen verbouwereerd: zou ik in zo'n vervallen achterbuurt overnachten? Het was inderdaad een nogal sjofele bedoening en de gevel doorzeefd met kogelgaten. De miljonair nodigde mij bij hem thuis uit. Ik zou een eigen slaap- en badkamer krijgen en een slot op de deur. Na twee luxe, maar saaie dagen ben ik alsnog bij het hostel ingecheckt.

Er logeerde een gezellig groepje buitenlanders (Amerikanen, Australiërs, Polen, Duitsers), allemaal klaar om Beiroets nachtleven te bezoedelen. Terwijl ik in Egypte zo bedekt mogelijk rondliep, lange mouwen en enkellange rokken, liep ik in Beiroet in een kort jurkje over straat, niemand staarde, floot of siste. En daar moest ik weer aan wennen, ik miste het zelfs een beetje. Het was snikheet en in het hostel was overdag geen elektriciteit vanwege een terrorismedreiging op een elektriciteitscentrale. Ik reisde zonder laptop en moest dus op de hostelcomputer met beeldbuis Skypen. De verbinding was superslecht en ik kon mijn moeder totaal niet verstaan. Af en toe een woordje als 'leuk', 'goed', 'wat', 'versta', 'niet'- meer heb ik niet begrepen. Dat de foto's wel gelukt zijn is echt een wonder.

Na een nogal lugubere rondleiding door een oud-martelcentrum van de Israëli’s ver buiten Beiroet, heb ik mij nog een kanariegeel Hezbollah-T-shirt laten aansmeren. Ik vond het terroristische T-shirt prachtig, ideaal om in te slapen, maar dat vond de hosteleigenaar absoluut niet.

Shirts smokkelen

Uiteindelijk heb ik het shirt wel bewaard en zelfs na een half jaar, op mijn retourtocht, Israël binnengesmokkeld. Laten we het erop houden dat ik op zoek was naar een groots en avontuurlijk leven. Jaren later zag ik een man in de Bijenkorf in Amsterdam met een Hezbollah-pet op zijn hoofd. Ik wilde hem aanspreken maar liep toch door. Saai hè?

    • Iris Hannema