Steeds meer doden door oorlog in Donbass

Kiev verhevigt het offensief tegen de rebellen aan de vooravond van de komst van kanselier Merkel en het feest op Onafhankelijkheidsdag.

In de aanloop naar de jaarlijkse onafhankelijkheidsdag van aanstaande zondag intensiveren de Oekraïense strijdkrachten hun tegenoffensief rond Donetsk, Loegansk en andere plaatsen in de Donbass. Het dodental, ook onder burgers, stijgt met de dag. Afgelopen paar dagen zijn meer dan vijftig mensen omgekomen.

Vooral in Donetsk, een industriestad met een miljoen inwoners, wordt zwaar gevochten. Oekraïense troepen zijn opgerukt tot in Makejevka, een oude buitenwijk van Donetsk. Ook het centrum van Donetsk is toneel van zware artilleriegevechten. Rondom het stadion van de lokale voetbalclub Sjachtjorsk, eigendom van de oligarch Rinat Achmetov en landskampioen, zouden pro-Russische milities zich volgens lokale media zonder onderscheid des persoons verdedigen.

Volgens de Oekraïense regering is Donetsk nu afgesloten van de buitenwereld. Kiev claimt het grootste deel van Loegansk, de tweede stad in de Donbass, te hebben heroverd op pro-Russische rebellen. Omdat het gebied rond Thorez, de plaats waar de MH17 vijf weken geleden is neergestort, een soort niemandsland is geworden, zijn de aanvoerroutes uit het Oosten via Loegansk naar Donetsk afgesneden.

De verheviging van de Oekraïense ‘anti-terroristische operatie’ heeft niet alleen militaire maar ook symbolische betekenis. Zondag viert Oekraïne zijn onafhankelijkheidsdag. 24 augustus 1991, een paar dagen ná het mislukken van een staatsgreep tegen toenmalig Sovjetpresident Michail Gorbatsjov, verklaarde het parlement van Sovjetrepubliek Oekraïne zich ‘soeverein’.

De feestdag wordt dit jaar gevierd met een speciale militaire parade in Kiev. Burgemeester Klitsjko heeft onlangs het tentenkamp rond de Maidan met politiegeweld ontruimd.

President Porosjenko, die zaterdag de Duitse bondskanselier Merkel in Kiev ontvangt en gisteren weer heeft benadrukt dat een militaire zege op de separatisten niet voldoende is om de vrede te herstellen, moet tijdens die parade een succes presenteren. Want hoewel de Oekraïense strijdkrachten het initiatief in handen hebben, zijn veel troepen zo langzamerhand wel aan het einde van hun Latijn. Zo heeft het Donbass Bataljon in Ilovaisk nabij Donetsk gisteren een tegenaanval met tanks van het pro-Russische Bataljon Oost afgeslagen, maar tegelijkertijd van Kiev geëist dat de regering meer versterkingen en vuurkracht levert.

Naarmate de oorlog heviger wordt, worden steeds meer burgers het slachtoffer. Volgens de vluchtelingenorganisatie van de Verenigde Naties (UNHCR) zijn er door de oorlog al meer dan 415.000 burgers van huis en haard verdreven. Ongeveer 190.000 mensen zouden ergens in Oekraïne hun toevlucht hebben gezocht. Bijna 200.000 zouden naar Rusland zijn uitgeweken, aldus de UNHCR.

Over het humanitaire hulpkonvooi vanuit Rusland wordt niettemin nog steeds gesteggeld. De bijna 300 vrachtwagens staan vast bij de grens. Volgens het Internationale Rode Kruis stellen de Oekraïense autoriteiten, die zeggen bang te zijn dat het konvooi wordt gebruikt voor wapensmokkel, steeds nieuwe eisen aan de Russen.

Om de Oekraïense angst voor contrabande weg te nemen, zouden de trucks vanaf de grens naar Loegansk in één ruk moeten doorrijden zonder onderweg te stoppen. Het Rode Kruis heeft goede hoop dat het konvooi nu eindelijk Loegansk kan bereiken.

    • Hubert Smeets