Nieuwe strop dreigt voor corporaties

Woningcorporaties dreigen opnieuw honderden miljoenen te moeten bijdragen aan de redding van de wankelende corporatie Vestia. Dat zegt Daphne Braal, directeur van de financiële toezichthouder CFV.

Vestia kwam in 2012 in grote problemen door speculatie met derivaten (rentecontracten). De andere corporaties hielden Vestia toen overeind met een injectie van 675 miljoen euro. Dat moesten ze, omdat de sector een ‘zekerheidsstructuur’ kent, waarin woningcorporaties elkaar redden in geval van nood.

Vestia heeft bij toezichthouder CFV een nieuw plan ingediend hoe het – zoals afgesproken – in 2021 weer financieel gezond denkt te zijn. Eerdere versies van het plan werden nog afgekeurd omdat ze niet tot duurzaam financieel herstel leidden. Dit plan voldoet volgens het CFV wel aan die eis, en is daarom nu goedgekeurd.

Vestia heeft voor bijna 6 miljard euro aan leningen uitstaan, onder meer door het derivatendrama. Het kan de komende drie jaar aan zijn aflossingsverplichtingen voldoen door op grote schaal huurhuizen te verkopen. Daarna is de situatie onzeker en moet Vestia mogelijk weer een beroep doen op andere corporaties voor steun. Of dat nodig is, hangt af van de rente. Als die laag blijft, zorgt dat voor extra financiële problemen. Aflossing van de leningen wordt dan te duur. Bij een rentestand van 3 procent zou Vestia 686 miljoen euro aan extra saneringssteun nodig hebben van de andere corporaties. Braal: „En bij een lagere rente nog meer.” Op dit moment is de rente lager dan 2 procent.

    • Anne Dohmen