Column

Meeuwenterreur altijd beter dan onthoofding

Meeuwenterreur in het ‘Achtuurjournaal’ (NOS).

Het was een bruggetje van anchor Rob Trip naar weerman Gerrit Hiemstra, maar de verzuchting gold feitelijk ook het voorafgaande item in het Achtuurjournaal (NOS): „We snakken naar goed nieuws!”

Het item van Martijn Bink over „meeuwenterreur” was weliswaar enigszins alarmerend van toon, maar relatief licht en ironisch, in vergelijking met de grimmige verslagen in de rest van het nieuws. In een normale zomer heb je een op het Katwijkse strand aangespoelde walvis of een naar Hitchcocks The Birds gemodelleerde aanval op de Alkmaarse kaasmarkt nodig om het magere nieuwsaanbod te spekken. Maar nu de Middeleeuwen oprukken, willen we zo ontzettend graag horen over zaken die maar een beetje erg zijn. En waar we zelf wat aan kunnen doen.

Dat moet ook de gedachtegang zijn geweest van de Alkmaarse backbencher Rudmer Heerema (VVD), in de Tweede Kamer woordvoerder natuurbeleid, dierenwelzijn en jacht. Hij stelde voor om meeuwen af te schieten en ze in ieder geval niet langer als beschermde diersoort te beschouwen.

Er is ook al een burgerinitiatief, van het middelbare echtpaar Han en Coby ten Berge uit Haarlem. Met lange blaaspijpen bestoken ze vanuit hun betegelde achtertuin het overlast biedende gevogelte. Niet dat de propjes doel treffen, eigenlijk gebeurt dat nooit, volgens Coby. Maar je hebt toch het gevoel dat je de dieren laat weten dat we het niet langer pikken.

Het proppenschietersechtpaar leek wel een creatie van Van Kooten en De Bie, wier woordvondst Krasse Knarren deze zomer ook al voor de tweede keer de titel vormt van een docusoap met hoogbejaarde voormalige televisiesterren, die van Omroep MAX moeten leren koken.

Bij Knevel & Van den Brink (EO) was Hans Dorrestijn, cabaretier en vogelaar, uitgenodigd om de verdediging van de meeuw ter hand te nemen. Om te beginnen, zo stelde Dorrestijn in een parafrase van koningin Máxima, bestaat „de meeuw” niet. Er zijn in onze streken zo’n twintig soorten, waarvan alleen de grote mantelmeeuw en de kapmeeuw wel eens agressief kunnen zijn. Maar er is nog nooit een kind gewond geraakt door een vogelaanval. Bovendien is het aardige van de meeuw „dat hij zo filosofisch om zich heen kan kijken”.

Als we dan toch menselijke eigenschappen op de meeuw willen projecteren, dan mag de visie van de Haagse burgemeester Jozias van Aartsen, partijgenoot van Heerema, niet ontbreken. In een interview in deze krant zei hij zaterdag over de PVV-aanvallen op zijn beleid: „Het symbool van de PVV is een meeuw, als ik het goed heb. Om vier uur ’s nachts beginnen die beesten te krijsen. Dat heb je met Wilders ook.”

De grote electorale winnaar van de internationale verharding zou wel eens de Partij voor de Dieren kunnen worden.