Laat gruwelijke intimidatie IS haar doel niet bereiken

Intimidatie. Dat is het doel van de Islamitische Staat (IS) met de nadrukkelijke vertoning van de onthoofding van de Amerikaanse journalist James Foley. Een professioneel gemaakt filmpje dat via internet werd verspreid, toonde deze gruwelijke gebeurtenis. Woorden, met een Londens accent uitgesproken, waarschuwen de Verenigde Staten dat executies in deze vorm zich vaker zullen voordoen als de Amerikanen doorgaan met luchtaanvallen op het gebied dat de IS als het zijne is gaan beschouwen.

Het Britse accent geeft ook aan: IS is er niet alleen in het Midden-Oosten, maar heeft medestrijders in het Westen. In elk geval sympathisanten, zoals helaas ook in Nederland waarneembaar is.

Dat moet niet het zicht ontnemen op wat IS op de eerste plaats is: een islamitische organisatie die in het Midden-Oosten andere moslims uitmoordt, met strijders die grondgebied hebben veroverd op landen waarin de islam dominant is. Als gevolg van hun waanidee dat hun fundamentalistische geloof het enige ware is en dat zij dat in een kalifaat moeten uitdragen en laten overheersen. Dat ook nog moet worden afgerekend met iedereen die het daarmee oneens is.

Onthoofdingen die in filmpjes op internet worden vertoond, komen vaker voor. Zoals dezelfde of andere oorlogen ook afschuwelijke effecten hebben die meestal minder de aandacht trekken.

Met de onthoofding van deze journalist, geen partij in de strijd maar slechts iemand die er verslag van deed, heeft IS maximaal de aandacht weten te trekken. Hoe wrang ook: zij is een publicitair succes, in die zin dat de Amerikaanse president Obama, de Britse premier Cameron en andere leiders zich gedwongen voelden erop te reageren en dat niemand deze afschuwelijke actie aan zich voorbij kon laten gaan. IS heeft zijn eigen afzichtelijkheid getoond.

De reactie van Obama was ook voorspelbaar en de juiste: hij zwicht niet voor deze terreur. Of de Amerikaanse en andere westerse inmenging in de gevechten rond Noord-Irak nu productief is of niet: de afschrikking die IS beoogt met de onthoofdingen en de beelden daarvan, mag niet leidend zijn voor de politieke keuzes. De beste reactie is de reactie die ertoe leidt dat de gevolgen voor IS averechts uitpakken ten opzichte van wat de beweging beoogde.

IS zaait angst onder de bevolking, aanvankelijk vooral in Syrië en Irak, nu eigenlijk ook in de rest van de wereld. Maar ook voor de burger geldt dat hij zich niet door IS moet laten intimideren. IS bereikt nu vooral dat al heersende afkeer van de islam door zijn acties groter wordt. Moslimorganisaties die net zo gruwen van de IS-terreur doen er goed aan hiervan luidkeels te getuigen. Zoals anderen moeten beseffen dat zij moslims in het algemeen niet met deze wreedheden horen te verbinden.