‘Het leven van een westerse journalist is waardeloos’

Fotojournalist

James Foley spande zich in 2012 in Syrië nog in om de ontvoerde Jeroen Oerlemans te redden.

„Dat dit met hem zou gebeuren? Nee, dat had ik niet verwacht.” De Nederlandse fotojournalist Jeroen Oerlemans reageert geschokt op de dood van de Amerikaanse fotograaf en filmer James Foley. Op 17 juli 2012 werden Oerlemans en zijn Britse collega John Cantlie in Syrië bij de grens met Turkije door een jihadistische groepering ontvoerd. Het was indertijd Foley die zich inspande om zijn goede vriend Cantlie en Oerlemans vrij te krijgen.

Nu is Foley zelf het slachtoffer geworden van een gruweldaad van de jihadistische terreurbeweging IS. Eergisteren werd op internet een videoboodschap geplaatst waarop te zien is hoe Foley, die al in november 2012 werd ontvoerd door extremistische strijders, door een IS-strijder wordt onthoofd. „Om eerlijk te zijn had ik wel verwacht dat James voor propagandadoeleinden zou worden ingezet. Deze onthoofding toont aan dat de situatie in Syrië inmiddels een stuk extremer is dan twee jaar terug. Het leven van een westerse journalist is niets meer waard.”

Wat is het verschil met de periode dat u gevangen werd gehouden?

„De opstand tegen Assad was in 2012 nog niet gegijzeld door de jihadisten. Destijds had het Vrije Syrische Leger (VSL) er nog belang bij om ons vrij te krijgen. Amerika had het VSL gewaarschuwd hun opstand tegen Assad niet te laten gijzelen door extremistische groeperingen. Dat zou consequenties hebben voor eventuele steun. Door ons te bevrijden, liet het VSL zien dat ze inderdaad niet met zich lieten sollen.”

U werd een week gegijzeld door een jihadistische strijdgroep. Maken zij nu deel uit van IS?

„Ja, waarschijnlijk. Althans, als de leden van die groep nog in leven zijn. Het waren radicale moslims afkomstig uit Engeland, Tunesië en Egypte. Ik denk dat ze zich zeker nu bij IS hebben aangesloten.”

Vreesde u destijds voor uw leven?

„Ja, daarom hadden we een ontsnappingspoging ondernomen. Na zeven dagen werden we bevrijd door gewapende strijders van het Vrije Syrische Leger, waarschijnlijk met behulp van de Turkse inlichtingendienst.”

De Amerikaanse organisatie Committee to Protect Journalists (CPJ) schat dat er, afgezien van Foley, nu nog zo’n twintig journalisten zijn gegijzeld in Syrië. Exacte aantallen zijn niet bekend. Waarom niet?

„Omdat een gijzeling vaak bewust stil wordt gehouden. Wanneer een westerse journalist wordt ontvoerd, ontstaat er, op verzoek van de familie of regering, vaak een media black-out. Dat was bij mij ook zo. Men wil voorkomen dat allerlei radicale partijen een claim doen op zo’n gijzeling. En wanneer een zaak breed in de media wordt uitgemeten, kan dat de onderhandelingen voor vrijlating negatief beïnvloeden.”

James Foley heeft zich destijds ingezet voor uw vrijlating. Hoe reageerde u op het nieuws van zijn dood?

„Het moet nog een beetje indalen. Ik kende hem niet heel goed, maar Foley was wel degene die meteen actie ondernam toen John Cantlie en ik vast zaten. Hij was een onbaatzuchtig persoon en zeer geliefd onder collega’s.”

    • Rosan Hollak