Hogescholen praten over aanpak van radicalisering studenten

Hogescholen ontwikkelen protocollen voor pesten en brandveiligheid. Nu komt daar ook radicalisering bij.

De vijf grote hogescholen in de Randstad hebben de afgelopen maanden een aantal keer overleg gehad over het bestrijden van radicalisering onder studenten met een moslimachtergrond. Aan de gesprekken tussen de Haagse Hogeschool, de Hogeschool van Amsterdam, Hogeschool InHolland, de Hogeschool Rotterdam en de Hogeschool Utrecht deed ook de gemeente Den Haag mee.

Dat bevestigen woordvoerders van de betrokken instellingen. De gesprekken richtten zich op „deskundigheidsbevordering” bij de scholen: hoe herken je een student die radicaliseert en wat is er aan te doen?

Bij de Hogeschool InHolland, met vestigingen in onder meer Den Haag, Rotterdam en Amsterdam, wordt inmiddels gewerkt aan de ontwikkeling van een training voor medewerkers, laat een woordvoerder weten. „Al onze studenten hebben recht op een veilige leeromgeving. Daarom hebben we als school een veiligheidsprogramma. Dat heeft betrekking op zaken als brandveiligheid, maar bijvoorbeeld ook op het tegengaan van pesten. We hebben besloten dat ook de aanpak van radicalisering onderdeel moet zijn van dit programma.”

De hogeschool heeft geen reden om aan te nemen dat er nu al InHolland-studenten betrokken zijn bij terroristische activiteiten. Door de recente ontwikkelingen is echter toch besloten een programma te ontwikkelen. „ Wij zien wat er gebeurt, bijvoorbeeld met jongeren die naar Syrië vertrekken”, aldus de woordvoerder.

Het is nog onduidelijk hoe het programma er precies komt uit te zien en wanneer het wordt ingevoerd. De ontwikkeling ervan is nog niet voltooid.

De andere bij het overleg betrokken hogescholen gaan nog geen training voor hun medewerkers ontwikkelen. „Maar we houden de situatie goed in de gaten”, zegt een woordvoerder van de Hogeschool Rotterdam. „Wellicht doen we het later alsnog.”