Demonstratieverbod is discutabel

De kans is groot dat de rechter het demonstratieverbod in de Schilderswijk van tafel veegt, menen Bas Wallage en Boris Kocken.

Nog vóór het spoeddebat op 14 augustus in Den Haag over de ongeregeldheden in de Schilderswijk maakte burgemeester Van Aartsen al bekend voorlopig geen enkele demonstratie in de Schilderswijk te zullen toestaan. Is een dergelijk algeheel demonstratieverbod juridisch houdbaar?

Het recht om te demonstreren volgt uit zowel het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens (EVRM) als de Grondwet. Het recht is echter niet absoluut, er kunnen beperkingen aan worden gesteld. Dat moet bij formele wet, dat wil zeggen een wet die door regering en parlement is vastgesteld.

Een demonstratie moet op grond van de Wet openbare manifestaties en de Algemene plaatselijke verordening voor de gemeente Den Haag tenminste 4 x 24 uur tevoren schriftelijk worden aangemeld bij de burgemeester. De burgemeester kan voorschriften en beperkingen stellen of een demonstratie geheel verbieden. Dit mag de burgemeester alleen doen ter bescherming van de gezondheid, in het belang van het verkeer en ter bestrijding of voorkoming van wanordelijkheden.

In de Schilderswijk geldt nu dus een algeheel demonstratieverbod, met een in tijd onbeperkt karakter, al heeft Van Aartsen tijdens het spoeddebat gezegd dat hij denkt aan een periode van twee maanden.

Volgens Van Aartsen, daarin gesteund door het Openbaar Ministerie, is het verbod noodzakelijk voor de rust in en het imago van de wijk. „Het ideaal van de samenleving moet worden verdedigd tegen de ideologische pyromanen die haar in gevaar brengen”, aldus Van Aartsen.

Met het algehele demonstratieverbod wordt het houden van een betoging in de Schilderswijk voor iedere organisatie onmogelijk. Dit terwijl niet iedere demonstratie aanleiding geeft tot wanordelijkheden. Of daarvoor zou moeten worden gevreesd. Er vindt geen individuele toetsing plaats.

Wij kunnen ons niet voorstellen dat een demonstratie die aandacht vraagt voor de teruglopende bijenstand zal leiden tot wanordelijkheden. Vanwege het ontbreken van een individuele toetsing lijkt het algeheel demonstratieverbod in strijd met het EVRM, de Grondwet en de Wet openbare manifestaties.

De Nederlandse Volksunie heeft al aangekondigd het verbod aan te vechten bij de rechter. De kans is groot dat de rechter het algeheel demonstratieverbod van tafel zal vegen.

Van Aartsen stelt terecht dat de vrijheid van meningsuiting en in het verlengde daarvan de vrijheid van demonstratie het sluitstuk vormen van een proces van tweehonderd jaar waarin onze democratische samenleving vorm heeft gekregen.

Verbazingwekkend is dat hij dan overgaat tot een algeheel demonstratieverbod. Hij heeft immers de bevoegdheid van geval tot geval te toetsen. Als er goede gronden zijn voor een vrees voor wanordelijkheden, dan behoort een verbod of beperking tot de mogelijkheden.