‘Golden Girls’ moeten even stapje terug

De Nederlandse estafettezwemsters halen met twee jonge debutanten zilver op de 4x100 meter vrije slag. Kan Nederland hopen op een vervolg op de roemruchte Golden Girls?

Blijdschap bij het Zweedse team nadat duidelijk is geworden dat zij goud hebben gewonnen. Rechtshet Nederlandse team dat gisteren op de 4x100 meter vrije slag zilver haalde. Foto ANP

Jarenlang had Esmee Vermeulen ze gevolgd, vooral op tv: de Golden Girls die op de estafette heersten in zwembaden over de hele wereld. Gisteren zwom de pas 18-jarige sprintster er ineens zelf tussen. „Het is nog een beetje onwerkelijk. Zij wonnen altijd goud. Heel gaaf om er nu zelf bij te zitten”, zei Vermeulen gisteravond in het Velodrom in Berlijn, met een zilveren medaille om haar nek.

Het gouden kwartet – Inge Dekker, Marleen Veldhuis, Femke Heemskerk en Ranomi Kromowidjojo – bestaat sinds de Olympische Spelen van Londen (2012) officieel niet meer, maar met de helft van de oude bezetting slaagde de Nederlandse ploeg er gisteren toch in het podium te halen op de Europese kampioenschappen langebaan. Veldhuis stopte na Londen, Kromowidjojo besloot onlangs het evenement in Berlijn over te slaan na een moeizaam jaar vol onrust en trainerswisselingen.

Heemskerk (26) en de jarige Dekker (29), nu de oude rotten in de ploeg, hadden genoten van de estafettedebutanten Vermeulen en Maud van der Meer (22), al bleek de Europese titel een brug te ver. Nederland zwom naar brons, maar die kleur werd na de finish opgewaardeerd tot zilver: het Deense kwartet liep tegen een dramatische diskwalificatie aan wegens een te vroege overname van de jonge Julie Levisen.

Zweden, aangevoerd door een ontketende Sarah Sjöström, profiteerde maximaal van die fout en greep een zeldzame gouden medaille. „Wij wisten dat we onze kans moesten pakken, nu Ranomi er niet bij was”, zei Sjöström met een brede lach op haar gezicht. „Eindelijk hebben we de Nederlandse meisjes een keer verslagen.”

Sjöström, dit seizoen beduidend sneller dan de kwakkelende Kromowidjojo, is niet de enige zwemster die de afgelopen jaren soms tandenknarsend toekeek hoe de Nederlandse vrouwen er met de prijzen vandoor gingen. Wat dat betreft past het zilver op de openingsdag van het langebaantoernooi in Berlijn naadloos in de estafettetraditie die Nederland heeft opgebouwd.

Toch is de kans op een nieuwe generatie Golden Girls uiterst klein, denkt Heemskerk, gisteravond veruit de snelste van de Nederlandse ploeg. Heemskerk is er al bij is sinds de WK langebaan van 2005 in Montreal. „We missen Marleen, dat merk je wel. En we blijven een klein land: het is niet zo dat er tien gelijkwaardige zwemsters opstaan als er één uitvalt, zoals in Amerika. Maar er komt talent aan, zoals je ziet.” Dat vindt ook Dekker, al tien jaar lid van de estafetteploeg: „Het werd ook wel tijd dat er opvolging komt.”

Nederlandse – Noord-Europese – zwemsters zijn gemaakt voor de sprint in een zwembad. Zoals Jamaicaanse atleten voor de sprint, of Kenianen voor de marathon. Toenmalig technisch directeur Jacco Verhaeren beschreef vier jaar geleden tijdens de EK in Boedapest eens het ideale zwemmerslijf voor de 100 meter vrije slag: lang, boven de 1,80 meter, slank en sterk: „Daar kunnen ze in het buitenland alleen maar van dromen. Andere landen hebben echt minder van zulke zwemsters dan wij.”

De overvloed aan sprintsters was op dat moment zelfs zo groot dat het Nederland wel zeven 100-meterspecialisten kon afvaardigen naar de Spelen. Volgens Heemskerk was het voor een individuele Nederlandse zwemster zelfs moeilijker om in de nationale estafetteploeg te komen dan Europees kampioen te worden met dat team.

Inmiddels is Nederland overvleugeld door een land met een veel grotere zwemcultuur: Australië. Uitgerekend de Australische vrouwen verwezen drie weken geleden het laatste tastbare bewijs van de oranjehegemonie naar de geschiedenis. Tijdens de Gemenebestspelen in Glasgow verbeterden zij eindelijk het wereldrecord (3.31,72) dat de Golden Girls vijf jaar geleden zwommen in Rome.

Heemskerk had het zien aankomen. „Ik zei het die middag nog tegen Ranomi, tijdens de training. Nog een paar uur, dan zijn we het kwijt.” Heemskerk lepelt het nieuwe record zo op: 3.30,98, gezwommen door een fenomenaal viertal, de zusjes Brontë en Cate Campbell, Melanie Schlanger en Emma McKeon. En alsof het lot het zo had bepaald betekende dat het eerste Australische wereldrecord onder verantwoordelijkheid van de nieuwe bondscoach: Jacco Verhaeren, de architect van twintig jaar Hollands glorie.

Maar het was geen reden voor verdriet in het Nederlandse kamp. Heemskerk: „Nee, wij vormden destijds een heel bijzondere generatie. Australië heeft dat nu, een heel blik meisjes die de honderd meter in 53 seconden of minder zwemmen. Dan weet je: dat record gaat eraan.”

Kampioenen staan op, en na een paar jaar komen er weer nieuwe. Neem Duitsland, dat onder leiding van supersprintster Britta Steffen jarenlang estafettemedailles won en één van de belangrijkste concurrenten was voor Nederland. Voor eigen publiek konden de Duitse vrouwen gisteren in Berlijn geen representatief viertal aan de start te krijgen. „Duitsland heeft een mager jaar op de vrije slag”, constateerde Heemskerk droogjes.

Zo ver is Nederland niet teruggevallen. Met een topfitte Kromowidjojo strijdt de ploeg in Rio (2016) gewoon weer mee om de medailles. Maud van der Meer was er gisteren direct al mee bezig. „De Golden Girls waren natuurlijk een droom. Zeker om uiteindelijk onderdeel te worden van het team. Maar ik hoop over twee jaar nog een trede hoger te staan.”

Wat dat betreft bevindt de Silver Girl van Berlijn zich in goed gezelschap: Kromowidjojo begon haar EK-loopbaan in 2006 ook met een tweede plaats op de estafette.