Eerst tapte ze rubber, nu wil ze Brazilië leiden

Twee vrouwen strijden

om het presidentschap

van Brazilië. In Marina Silva

kent president Rousseff

een geduchte rivale.

Marina Silva neemt de kandidatuur over van Eduardo Campos, die vorige week omkwam bij een vliegtuigongeluk. Foto reuters

Ze is de schrik van de Braziliaanse president Dilma Rousseff. Bij de vorige presidentsverkiezingen, in 2010, kreeg ze onverwachts twintig miljoen stemmen en vorig weekend werd bekend dat ze in oktober opnieuw kandidaat is: Marina Silva is vanaf morgen officieel de nieuwe leider van de Socialistische Partij. Ze neemt de plek in van Eduardo Campos, die vorige week om het leven kwam bij een vliegtuigcrash.

Dat tragische ongeluk veroorzaakte een storm in het Braziliaanse politieke landschap en veranderde de verkiezingsdynamiek terstond. Was Campos met 8 procent van de stemmen volgens de polls geen bedreiging voor de zittende president, Silva brengt een eigen aanhang mee en spreekt een deel van het electoraat aan dat eerder zei niet te zullen stemmen. Met Marina Silva krijgt Dilma Rousseff (Arbeiderspartij) plots geduchte tegenstand.

Marina Silva (56) is geen onbekende in de Braziliaanse politiek. De voormalige milieuactiviste en toegewijd evangelist diende als minister van Milieu onder de vorige president, Rousseffs partijgenoot Lula. In 2008 stapte ze op, omdat ze vreesde dat de toenmalige regering zich te veel liet inpalmen door het bedrijfsleven. Haar strijd tegen de ontbossing van de Amazone werd daarvan de dupe, vreesde Silva.

Uit protest tegen het milieubeleid dat Lula na haar vertrek voerde, ruilde Silva de Arbeiderspartij in 2009 in voor de Groene Partij. Een jaar later stelde ze zich kandidaat voor het presidentschap, naar eigen zeggen om „de eerste zwarte vrouwelijke president van arme afkomst” te worden. Dat lukte niet: Dilma Rousseff werd de eerste vrouwelijke president van Brazilië. Maar haar naam vestigde Silva definitief. Twintig miljoen Brazilianen – 19 procent van het electoraat – stemden op Silva.

Haar populariteit dankt Silva niet alleen aan haar kritische houding ten opzichte van de zittende regering. Marina Silva’s geschiedenis spreekt tot de verbeelding. Ze groeide op in een arm gezin in de westelijke deelstaat Acre, midden in het Amazonewoud. Op jonge leeftijd verloor ze drie van haar tien broertjes en zusjes aan mazelen en malaria. Haar moeder overleed toen ze elf was. Vanaf toen hielp ze haar vader dagelijks met het verzamelen van rubber.

Geveld door hepatitis besloot Silva op haar zestiende medische hulp te zoeken in de nabijgelegen stad Rio Branco. Daar ging ze voor het eerst naar school en leerde ze lezen en schrijven. Ze bekostigde haar studie door te werken als dienstmeisje. Op haar 26ste studeerde Silva af als historicus.

Haar verhaal, dat van een vrouw die armoede en ziekte overwon en strijdt voor een betere wereld, is een voorbeeld voor veel Brazilianen. Haar pragmatische houding bracht haar vorig jaar tot een partnerschap met de Socialistische Partij, die zich onder Campos profileerde met een ‘derdewegpolitiek’: sociale ontwikkeling in combinatie met een vriendelijk investeringsklimaat, om ook het bedrijfsleven tegemoet te komen.

Met die koers kan Silva een serieus alternatief zijn voor Rousseff, zeggen analisten. Rousseff worstelt met een traag groeiende economie en sluimerende sociale onvrede. Het moet blijken of Silva die onvrede, geuit door miljoenen Brazilianen tijdens massademonstraties vorig jaar, kan beantwoorden. Zeker is dat de twee vrouwen een spannende verkiezingsstrijd tegemoet gaan.

    • Floor Boon