Vind jij soms dat ik over alles een mening heb?

Hij praat alleen maar over zaken waar ik iets van weet: misdaad, sport, media, politiek en nieuws. En het Koninklijk Huis. Peter R. de Vries moet niets hebben van die dweperij, zegt hij in een vraaggesprek met zichzelf.

illustratie enkeling

Misdaadverslaggever, voetbalmakelaar, programmamaker, schrijver… wat ben je nu eigenlijk?

„Alles. Ik vind het fijn om op verschillende fronten actief te zijn. Ik ben zeventien jaar lang op mijn tv-programma gericht geweest. Daarvoor moest alles wijken, ik werd geregeerd door mijn agenda. Het is een verademing om nu ook met andere zaken bezig te zijn, meer lucht te hebben.”

Meer lucht? Het lijkt me juist heel druk…

„Haha, ja dat is ook zo. Ik heb het nog steeds razend druk. Ik ben gestopt met mijn tv-programma, maar niet met werken natuurlijk. Het afgelopen jaar heb ik geloof ik 22 weken in het buitenland gezeten, onder meer voor een reportageserie over de schendingen van kinderrechten. Dat hakt er inderdaad wel in qua tijd, soms moet ik schipperen, maar met hard werken en een beetje efficiëntie is veel mogelijk.”

Mis je je misdaadprogramma wel?

„Nee. Ik heb het heel lang gedaan, maar het was een enorme opgave. Veel verantwoordelijkheid, advocaten in je nek, bedreigingen, elke dag tragiek en verdriet. Ik heb er eigenlijk veel te weinig plezier aan beleefd. Ik ben er in feite nog steeds van aan het herstellen.”

Dat klinkt heftig. Vertel er eens iets meer over…

„Nee.”

Waarom niet?

„Waarom wel? Als mensen niet vanzelf begrijpen dat het niet in je kouwe kleren gaat zitten om decennialang met misdaad, moord en doodslag, trauma’s en drama’s bezig te zijn, heeft het ook geen zin daar meer uitleg over te geven.”

Maar je doet nog wel misdaadzaken?

„Jazeker. Dat zit in mijn DNA. Ik werk nog steeds aan een aantal onopgeloste zaken, vaak ook in samenwerking met de politie. Dat zijn dossiers die me hoog zitten, waarvoor je me met de oplossing ’s nachts wakker mag bellen. Dat verandert nooit. En elke dag krijg ik via mijn website hulpverzoeken voor nieuwe zaken, maar daar ben ik wel selectief in geworden.”

Maar wat doe je daar dan mee, nu je geen misdaadprogramma meer hebt?

„Och, ik kan dat overal kwijt. Ik publiceer erover maar kan mijn ei ook kwijt bij RTL Boulevard, DWDD, Humberto Tan, EenVandaag...”

Ja, je zit overal… Het lijkt wel of je meer op tv bent dan ooit.

„Je zegt dat op een toon alsof…”

Nou ja… Er zijn mensen die vinden dat je kennelijk over alles een mening hebt.

„Of vind jij dat soms? Nou, dat valt wel mee hoor. Ik praat alleen maar over zaken waar ik iets van weet: misdaad, sport, media, politiek en nieuws. Op het gebied van kunst, muziek, cultuur, literatuur, religie en wetenschappen zul je mij nooit horen. Weet ik gewoon te weinig van. Ook doe ik nooit mee aan spelletjes of programma’s als het Nationaal Dictee, dus…”

Je bent wel nogal uitgesproken…

„Ja… En?”

Wat vind je van de situatie rond de MH17 en de berichtgeving daarover? Het valt me op dat je daar niet over twittert.

„Dat klopt. Daarvoor is Twitter te beperkt en ligt alles te gevoelig.”

Maar wat vind je ervan?

„Moet dat echt?”

Het gaat over media… Jouw terrein toch?

„Oké dan… Wel, ik erger me wezenloos aan de buitenlandberichtgeving in vrijwel alle media. Het is zo ontzettend geconditioneerd, zo vooringenomen, zo tendentieus, zoveel dubieuze stemmingmakerij. Ja, ook bij de ‘staatsomroep’. Zeker als het gaat om landen als Rusland, China, Noord-Korea, mensen als Poetin, dan is het zo ontzettend karikaturaal. Het grappige is dat we zelf geloven dat we onpartijdige en onafhankelijke journalistiek bedrijven en dat het in al die buitenlanden bar en boos met de media is gesteld, maar de pers heeft vaak gewoon niet door dat we zelf ook sjablonen-journalistiek bedrijven: The Good Guys against The Bad. Het is zo zwart-wit. Als je ziet waar Poetin allemaal voor wordt uitgemaakt… Als Obama zijn vloot naar een brandhaard dirigeert, is het een ‘strategische oefening’, als Poetin een beweging maakt is ‘spierballenvertoon’ en ‘machogedrag’. Als hij iets ontkent of tegenspreekt is hij meteen een leugenaar en is de Russische pers een willoze marionet.”

Is dat niet zo dan?

„Nou, het kan wel wat evenwichtiger. Of moet ik eraan herinneren dat juist onze grootste bondgenoot, de VS, met keiharde leugens en verzinsels over massavernietigingswapens de inval in Irak zijn begonnen, met tienduizenden, honderdduizenden doden tot gevolg? Dat het juist de VS zijn die martelen, verdachten jarenlang zonder proces opsluiten, hun bondgenoten en zelfs hun eigen senaatsleden afluisteren en bespioneren, die zelf all over the world stiekem wapensystemen aan rebellen verkochten, verkiezingen manipuleerden, onwelgevallige regimes afzetten, coupes financierden, politieke tegenstanders vermoordden en terreurorganisaties in het zadel hielpen? Moet ik nog even doorgaan?”

Zit je nog meer dwars dan?

„Ja, ik stoor me ook aan de gemakkelijke berichtgeving als er bijvoorbeeld een leider in Noord-Korea overlijdt, of als er opstand is in Afrikaanse landen. Er wordt dan altijd klakkeloos bericht dat het verdriet van de bevolking ‘georkestreerd’ is, dat medestanders van het regime omgekocht zijn en tegen betaling langs de straten staan. Ik heb daar echter nog nooit bewijs van gezien. Sterker nog, ik ben veel in het buitenland geweest, in totaal in meer dan tachtig landen. Ik begrijp die emoties daar, die zijn voor het grootste gedeelte niet nep of betaald, maar oprecht, hoe merkwaardig wij dat misschien ook vinden. Het werkelijke probleem is dat wíj ons niet in een andere samenleving kunnen verplaatsen. Ze hebben gewoon een andere visie een andere beleving. Hetzelfde geldt voor de persoonsverheerlijking in die landen, waarover hier altijd wordt gesneerd. Je zou met evenveel recht hetzelfde over Nederland kunnen zeggen.”

O ja? Vertel!

„Nou, wat dacht je van de dweperij rond het Oranjehuis? Ik kan geen tunnel, viaduct, brug of wijk passeren of deze is genoemd naar het een lid van het koningshuis. In elk openbaar gebouw hangen portretten. De rechtspraak is in naam van de koning. De vorst staat op onze munten. Bij de troonswisseling lagen alle media wekenlang in kritiekloos katzwijm. Het tv-interview met Willem-Alexander en Máxima was volkomen geregisseerd en gespeend van elke kritiek. In het NOS-panel dat het achteraf bijna lyrisch becommentarieerde zat geen enkele republikein.

„Onze pers houdt zich ook braaf aan een eenzijdig opgelegde gedragscode als het om foto’s van het Oranjehuis gaat. Een vrouw met een onschuldig spandoek op de Dam wordt tijdens de troonswisseling meteen gearresteerd, als in de beste Kremlintradities. En wat dacht je van al die duizenden mensen die met oranje sjaaltjes en vlaggetjes met Prinsjesdag of Koninginnedag langs de route staan, waarom zijn die ineens niet georkestreerd of betaald? Voor de goede orde: ik geloof daar niet in, maar roep dat dan ook niet meteen over andere landen, waar ze ook van hun staatshoofd houden. En als Willem-Alexander een door anderen geschreven kersttoespraakje vanaf de autocue voorleest, roept men in koor dat het zo indrukwekkend is. Kom op zeg, alsof het bijzonder is dat de koning een speechje kan afsteken!”

Je bent niet bepaald fan van het Oranjehuis?

„Ik ben republikein, dat is wat anders. En dan heb ik het nog niet eens gehad over het feit dat onze pers en politiek de stuitende corruptie van de prins-gemaal decennialang vrij stelselmatig onder het tapijt hebben geveegd, terwijl het om een waslijst aan strafbare feiten ging. Puur machtsmisbruik. Omkoping. Verduistering. Manipulatie. Leugens en Bedrog. De regeringsrapporten daarover zijn nog steeds niet openbaar in onze democratie. Staatsgeheim. Gewoon overheidsprotectie. We pikken en slikken het allemaal. Hoe vind je dat?! Alles wordt met de mantel der liefde bedekt. We willen het gewoon niet weten. Het sprookje moet in stand blijven. Ja… Dat is het gewoon. Of niet soms?”

...

„Ik zei: of niet soms?!”

Nou eh… eh.

„Ja, kijk, dat bedoel ik nou. Haalt dit interview de krant überhaupt?”

    • Peter R. de Vries