Vervoerders willen ook steun

Economische gevolgen van maatregelen tegen Rusland volgens belangenorganisatie onderschat

Terwijl Nederlandse telers afgelopen week volop in de belangstelling stonden, klagen andere ondernemers dat de schade die zij lijden door de wederzijdse sancties onopgemerkt blijft. „De sancties treffen veel meer sectoren dan alleen de agrarische”, zegt Godfried Smit, verantwoordelijk voor internationale handel bij verladersorganisatie EVO.

Volgens hem hebben de sancties die de Europese Unie op 31 juli instelde (het verbod op uitvoer van ‘strategische goederen’) een groter effect op de Nederlandse economie dan de Russische tegensancties, die de import van westerse landbouwproducten verbieden.

Het pleidooi van de EVO roept de vraag op waarom alleen telers steunkrijgen, en andere sectoren niet. Dat nu de telers aandacht krijgen komt vooral doordat hun situatie het meest nijpend is. Hun waar is bederfelijk, meer dan bijvoorbeeld de kaas die Nederland ook in grote hoeveelheden naar Rusland exporteert.

Verder is het relatief eenvoudig om de landbouw te helpen. „De instrumenten daarvoor liggen in Brussel gewoon op de plank”, zegt Smit. „De landbouw heeft een aparte status in het Europese beleid. Europa heeft allerlei mechanismen om de prijzen te reguleren. Het uit de markt halen van partijen is er één van.” De telers van groente en fruit verwachten elk moment uitsluitsel van eurocommissaris Ciolos (Landbouw) over een compensatieregeling voor overschotten die zij uit de markt willen halen om de prijzen op peil te houden.

Dit weekend protesteerden de telers tegen kortingsacties van supermarkten op Nederlandse groenten: het verkeerde soort hulp, vindt brancheorganisatie LTO Nederland, omdat telers de normale prijzen zoveel mogelijk willen handhaven. Die stonden ook zonder de sancties al langer onder druk.

„Toen de EU de sancties samenstelde heeft zij geschat dat dit Nederland ergens tussen de 0,1 en 1,3 procent van het bruto binnenlands product kan kosten”, zegt EVO-woordvoerder Smit. Het bbp bedroeg vorig jaar 603 miljard euro. De schade zou volgens deze schatting dus tussen 600 miljoen en 7,8 miljard euro bedragen, voor Nederlandse leveranciers en hun toeleveranciers.

De sancties van de EU betreffen de uitvoer naar Rusland van militaire goederen, technologie voor de oliewinning en een groep goederen voor ‘duaal gebruik’: producten die misschien in een van de bovenstaande categorieën kunnen worden toegepast. „Neem bijvoorbeeld vlakglas”, zegt Smit. „Dat kan zowel voor vensterglas dienen als voor nachtkijkers.” Omdat de douane nu voor de duale goederen moet beoordelen of zij onder de sancties vallen, kan het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) de schade van de Europese sancties niet becijferen.

Smit begrijpt dat de telers in acute nood zijn en dus hulp nodig hebben. Maar verder vindt hij: „Gelijke monniken, gelijke kappen”. De EVO, die elke ondernemer vertegenwoordigt die iets vervoert - van bakkers tot multinationals – pleit voor „een zekere mate van compensatie” voor met name mkb-bedrijven uit de categorie ‘duaal gebruik’, die veel aan Rusland leveren en nu in hun bestaan bedreigd worden”.

Brancheorganisatie Transport en Logistiek Nederland zegt dat de schade voor transportbedrijven meevalt. „Het meeste transport naar Rusland wordt gedaan door Oost-Europese of Russische bedrijven”, aldus een woordvoerder.