Schippers nu ook op jacht naar snelle Jamaicaansen

Hoe gaat het verder met Dafne Schippers, de ster van het toernooi in Zürich? De meerkamp zal ze niet mijden, maar het sprintsucces heeft haar wel heel hongerig gemaakt.

Dafne Schippers op het podium na haar gouden race op de 200 meter . Foto AFP

Huh, bericht van Fanny Blankers. Wat gek, die is toch in 2004 overleden? Word ik in de maling genomen? Tot Dafne Schippers verder las en ontdekte dat het om de dochter van de Grote Fanny ging. Die complimenteerde haar met de twee Europese sprinttitels en meldde dat ze qua stijl erg op haar moeder lijkt. Van de vloedgolf aan felicitaties raakte deze haar in het bijzonder, zegt Schippers.

Ruim zestig jaar na haar dictatuur op de korte afstanden heeft Fanny Blankers-Koen een opvolgster. En wat voor één. Een sprintster die, net als haar illustere voorgangster, de meerkamp als basis heeft. Maar waar Blankers-Koens keus voor de sprint als vanzelfsprekend werd gezien, is er rond Schippers een brede maatschappelijke discussie ontstaan. Moet ze als de nummer drie van de wereld kiezen voor de meerkamp of voor de sprint, waarop de blonde atlete haar Europese heerschappij zodanig moet kunnen uitbouwen dat ook de Amerikanen en vooral de Jamaicanen schrik wordt aangejaagd?

Echt, Schippers weet het nog niet. De zevenkamp is haar dierbaarder dan de sprint, maar alleen hardlopen brengt haar meer aanzien. En meer geld, al zegt Schippers haar besluit niet op financiële gronden te zullen nemen. Haar uitgangspunt wordt: waar liggen mijn grootste medaillekansen op de Olympische Spelen over twee jaar in Rio de Janeiro.

Het meest waarschijnlijke scenario voor 2015, laat haar trainer Bart Bennema doorschemeren, is een herhaling van dit seizoen. Dat betekent meerkamp tot en met de meeting in het Oostenrijkse Götzis en vanaf juni sprinten. Die keus impliceert dat Schippers op de wereldkampioenschappen in Beijing de confrontatie met de Amerikanen en Jamaicanen aangaat.

Dat wil haar trainer ook. Leuk en aardig die Europese sprintsuccessen, vindt Bennema, maar wat zijn ze waard op mondiaal niveau? Realistisch: „Dat Dafne een medaillekans heeft op de 200 meter lijkt me na haar ’s werelds snelste seizoenstijd (22,03) op de 200 meter evident. Maar lukt haar dat eveneens tegen drie Jamaicanen en drie Amerikanen die dat kunstje ook beheersen? Die stap moet ze nog maken.”

Bennema zegt het niet uit te maken welke keus Schippers maakt . Hij ziet zichzelf als een meerkamptrainer met een voorliefde voor de snelheidsnummers. Als het de sprint wordt, zal hij in de training hooguit wat accenten verleggen, iets meer specifieke sprinttrainingen inpassen. Zeker ten aanzien van de start, „want die was hier in Zürich erbarmelijk slecht.” Bennema zegt Schippers’ besluit niet te zullen sturen. „Ik schetst de scenario’s met de voors en tegens en laat de keus aan haar.”

Zo is het ook in aanloop naar de EK in Zürich gegaan. Na de Diamond-Leaguewedstrijd, begin juli in Lausanne, waar de Nederlandse estafetteploeg het nationaal record tot 42,40 seconden aanscherpte, ontstond Schippers’ aarzeling. Is het niet beter de meerkamp in de wisselen voor de sprint? Na een weekeinde denken, wist ze het zeker: ze wilde sprinten in Zürich. Daarmee verraste ze zelfs haar ouders, die al kaartjes voor twee zevenkampdagen hadden gekocht. Die voelden zich verplicht extra toegangsbewijzen aan te schaffen, wat tot een niet ingecalculeerde uitgavenpost van zo’n 1.500 euro leidde.

Na zes dagen Zürich lijkt Schippers’ liefde voor de sprint te zijn gegroeid. Ze miste weliswaar het warme nest van de sociale meerkampsters, maar haar dominantie op de 100 en 200 meter maakte de absentie meer dan goed. De test van een dagelijkse sprint is in zowel fysiek als mentaal opzicht geslaagd, terwijl haar eerzucht volledig is bevredigd. En haar nieuwe sterrenstatus liet Schippers zichtbaar niet onberoerd; aan gezichtsuitdrukking en lichaamstaal was af te lezen dat titels haar gelukkig maken.

De verhevigde aandacht streelt haar ego, daar is Schippers eerlijk in. Dat een bekend gezicht ook ongemakken met zich meebrengt, merkte ze zaterdagmiddag in de binnenstad van Zürich, nadat ze als beloning voor haar Europese titels twee speciaal gemaakte en gegraveerde Zwitserse zakmessen had opgehaald. Toen Schippers bij een scherm stilhield om toen zien hoe Sifan Hassan en Susan Kuijken het er op de 5.000 meter vanaf zouden brengen, werd ze belaagd door mensen. Oprecht verbaasd: „Ik kan nergens meer rustig rondlopen. Ik ben maar in een hoekje gaan zitten om de wedstrijd te kunnen zien.”

Diep in haar hart vindt Schippers die enorme aandacht overdreven en vooral „erg jammer voor de meerkamp.” Maar zo liggen de verhoudingen nu eenmaal. De sprint genereert naam en faam, hoewel coach Bennema het contrast wel erg groot vindt. „In de atletiek is iedereen gelijk, maar de sprint is net een beetje belangrijker. Ik snap dat wel. De sprint begrijpt iedereen, de meerkamp is voor de kenners. Ik zie ook nooit schaken op televisie.”

Een dag na alle aanhankelijkheidsbetuigingen op straat, ondervond Schippers de betrekkelijkheid van sport. De derde (gouden) medaille die ze zo graag had willen winnen met de estafetteploeg kwam er gisteren niet. En daaraan was zij mede schuldig. Schippers ging als tweede loopster zo snel van start, dat Madiea Ghafoor het stokje niet in haar hand kon leggen. In een uiterste poging Schippers’ hand alsnog te bereiken kwam ze ten val, waarna Ghafoor met de nodige schaafwonden werd afgevoerd, drie beteuterde sprinters achterlatend. Met een stevige vloek verliet Schippers de baan waarop ze de dagen ervoor internationale faam had opgebouwd. Om te beseffen dat ze nog niet volledig in de voetsporen van Fanny Blankers-Koen is getreden. Die won 64 jaar geleden op de EK in Brussel wel drie gouden medailles. Conclusie: er is nog werk aan de winkel.

    • Henk Stouwdam