Crisisberaad Oekraïne leidt tot mager resultaat

Na vijf uur praten speculatie over treffen Poetin en Porosjenko

Een multilateraal topoverleg in Berlijn vannacht heeft nog niet geleid tot de wapenstilstand die nodig is om hulpkonvooien naar het oorlogsgebied in Oost-Oekraïne te laten doorrijden. Terwijl de ministers van Buitenlandse Zaken van Duitsland, Frankrijk, Rusland en Oekraïne bijna vijf uur lang onderhandelden in Berlijn, voerden de Oekraïense strijdkrachten in de Donbass het offensief tegen de pro-Russische milities op.

Volgens Sergej Lavrov, de Russische minister van Buitenlandse Zaken, is er vannacht bij het vierpartijen-overleg een „zekere vooruitgang” geboekt en is er kans op „concrete voorstellen die door de leiders van Rusland, Duitsland, Frankrijk en Oekraïne zullen worden bekeken”. Vandaag voegde Lavrov daaraan toe dat er door de vier ministers van Buitenlandse Zaken consensus was bereikt over de noodzaak om de bijna driehonderd Russische vrachtwagens van het hulpkonvooi, dat nog steeds bij de grens staat te wachten, met hun humanitaire goederen tot de Donbass toe te laten.

Gastheer Frank-Walter Steinmeier concludeerde ook dat op enkele punten vooruitgang was geboekt. Er was soms „openhartig gesproken”, zei de Duitse minister naderhand.

Russische media berichtten dat er mogelijk een top op het niveau van de regeringsleiders op komst is. De twee presidenten Rusland en Oekraïne zouden elkaar dan tête-à-tête ontmoeten. Op een min of meer toevallig treffen in Normandië in juni dit jaar na hebben Vladimir Poetin en Petro Porosjenko elkaar tot nu toe gemeden.

De Oekraïense minister van Buitenlandse Zaken, Pavel Klimkin, toonde zich echter minder optimistisch. Hij meldde vannacht dat de gesprekken in Berlijn „ingewikkeld” waren en dat er „vele vijf uren nodig zijn om elkaar te naderen”. Klimkin beklemtoonde dat Kiev zich door Duitsland en Frankrijk „gesteund voelt”.

Tegelijkertijd verhevigde Oekraïne zijn „antiterroristische operatie” in de Donbass. In Loegansk, de stad die het meest heeft te lijden onder de oorlog, zou het lokale politiebureau op de pro-Russische milities zijn heroverd. In Donetsk verslechtert de toestand snel. De Oekraïense strijdkrachten zouden vandaag de iets noordelijker gelegen stad Gorlivko, een bolwerk van de rebellen, nu geheel hebben afgegrendeld. Volgens de legerleiding in Kiev ontvluchten de „Russische huurlingen de stad in paniek”. Deze laatste frase is niet te toetsen. Beide zijden verhevigen hun propagandaoorlog.

Een treffend voorbeeld daarvan is het mysterie rond de twaalf Russische pantservoertuigen die vrijdag door Oekraïense artillerie zouden zijn uitgeschakeld, hetgeen in Moskou later categorisch werd ontkend. Buitenlandse journalisten hadden inderdaad pantserwagens op Oekraïens grondgebied gezien. Maar meer ook niet.

    • Hubert Smeets