Het is echt waar: Judit Polgar treedt af

Toen Judit Polgar woensdag in een interview in de Londense krant The Times vertelde dat ze na de olympiade in Tromsø zou stoppen met het wedstrijdschaak, was er behalve droefenis ook ongeloof in de schaakwereld. Klopte dat interview wel? Er was een tijd dat aan het woord van The Times niet getwijfeld zou worden, maar die tijd is voorbij. Een Engelse internetjournalist schreef: „Als dit niet waar blijkt te zijn, heeft The Times heel wat uit te leggen.”

Maar het was wel waar. De volgende dag zette Polgar het interview op haar Facebook-pagina, ze schreef dat het 25 verbazende jaren waren geweest en ze bedankte iedereen die haar daarbij tot steun was geweest. De koningin van het schaken nam afscheid.

Ik dacht aan de eerste keer dat ik haar zag spelen, in het Ohratoernooi in Amsterdam in 1989. Ze was dertien jaar en toen ze in een kort en fel partijtje van mij won, was Nederland geschokt. Journalisten die zich nooit met schaken hadden bemoeid, reisden naar Amsterdam om het wondermeisje te zien en een van hen vroeg me: „Hoe is het mogelijk dat je van een beginneling hebt verloren?”

Dat laat zien dat Google toen nog niet bestond. Judit Polgar had al een paar jaar in internationale toernooien gespeeld. In 1988 had ze in de vrouwenolympiade in Thessaloniki aan het tweede bord voor Hongarije, dat die olympiade won, de imposante score van 12,5 uit 13 behaald. Ze had bijna honderd ratingpointen meer dan ik.

Ik vond het inderdaad pijnlijk om van een klein meisje te verliezen, maar ik wist dat ze beter was dan ik. In dat Ohratoernooi deelde ze aan het eind de derde plaats met Boris Gelfand, die later ook ver gekomen is.

Aan het begin van de olympiade in Tromsø hield Polgar haar besluit om zich terug te trekken nog goed verborgen. Na de partij die hieronder staat, werd haar gevraagd of ze iets voelde voor een tweekamp tegen de Chinese vrouwenwereldkampioen Hou Yifan, die haar op de ratinglijst dicht genaderd is. Ze zei toen nog: „Als de locatie goed is en de voorwaarden goed zijn, is alles mogelijk.”

Andres Guerrero Vargas (Venezuela) - Judit Polgar, olympiade Tromsø 2014

1. e4 c5 2. Pf3 e6 3. d4 cxd4 4. Pxd4 Pc6 5. Pc3 a6 6. f4 Pge7 7. Pf3 b5 8. a3 Lb7 9. Ld3 Pg6 10. 0-0 Dc7 11. Pg5 Wit hoopte misschien op 11...h6 12. Pxf7 Kxf7 13. Dh5, al zou dat na 13...Pce7 niet helemaal duidelijk zijn, want op 14. f5 heeft zwart 14...Dc5+. 15. Kh1 Kg8. 11...f6 12. Ph3 Lc5+ 13. Kh1 0-0-0 Een avontuurlijke zet. 13...0-0 was veilig en comfortabel. 14. Dh5 Pce7 15. De2 e5 16. fxe5 Pxe5 17. Pf4 h5 18. a4 g5 19. axb5 Wit verscherpt de strijd met een stukoffer. 19...gxf4 20. bxa6 Lc6 21. Lxf4 Tdg8 22. Lc4 Tg4 23. Pd5 Lxd5 24. Lxd5 Pxd5 25. exd5 Kb8 Wit dreigde 26. a7. 26. Tf3 en nu dreigt hij 27. Tb3+. 26...Ka8 27. h3 Thg8 Te veel aanvalsdrift. 27...d6 was de goede en veilige zet. 28. d6 Zwart hoopte op 28. hxg4 hxg4 29. Tc3 Th8+ 30. Lh2 Txh2+ 31. Kxh2 Pf3+ en mat. Zulke dingen vind ik leuk, zei Judit na de partij. 28...Dc6 29. hxg4 hxg4 30. Tc3 Th8+ 31. Lh2 Dxd6 32. De4+ Pc6

Zie diagram boven

Tegen zwarts matdreiging heeft wit een winnende zet en een direct verliezende zet. 33. g3 Hij speelt de verliezende zet. Na het mooie 33. Th3, wat Polgar niet had gezien, zou wit gewonnen staan. 33...Txh2+ 34. Kxh2 Dd2+ Wit gaf op, want na 35. Dg2 of 35...Kh1 gaat hij mat door 35...Dh6+.

    • Hans Ree