Engels spreekt iedereen, maar vraag alleen niet hoe

Vergissen is menselijk. Maar als je écht niet weet hoe het moet, druk je dan in het Nederlands uit, zegt Hieke Jippes.

illustratie rik van schagen

De excellente Technische Hogeschool München heeft in navolging van andere Duitse universiteiten besloten dertig procent van zijn colleges in de master alleen nog in het Engels te geven. En de Britten signaleren weer eens dat Engels dan wel de lingua franca van de wereld mag zijn, maar dat échte Engelsen hun geboortetaal aan zich zien ontsnappen door de aanpassingen die anderen zich in het gebruik daarvan permitteren.

Van het Amerikaans tot het creools, Standaard Engels legt op den duur het loodje.

In München, meldt The Times, hebben de studenten zelf gevraagd om deze innovatie. Verstandig, omdat ze zich in die taal straks beroepsmatig moeten gaan redden. Maar er hangt mogelijk in Duitsland – net als in Nederland – ook iets modieus aan het gebruik van wat niet-Engels sprekenden denken dat Engels is.

Met meestal irritante maar soms ook komische gevolgen. Dat laatste als, bijvoorbeeld, een boulevard- of showbizzpresentator niet begrijpt wat hij zelf zegt: „Ik was breath taken”, dan wel „ik level mezelf daar helemaal mee''. Of het eerste als een serieuze, op de radio geïnterviewde psycholoog meent te moeten zeggen: „Dan vraag ik mezelf af: Why?”

Een onverhoedse vergissing is menselijk. Toen de Nederlandse ambassadeur in Londen Britse uitgevers probeerde warm te maken voor vertaalde Nederlandse literatuur sprak hij ze aan als publicans – kroegbazen – in plaats van publishers . Een foutje dat hij misschien had kunnen voorkomen.

Een Nederlandse premier die „still not” antwoordde op een vraag waarop het antwoord „not yet” had moeten zijn, sprak – als de meeste van zijn ambtgenoten – gewoon slecht Engels, maar was in het vuur van zijn betoog tijdens een persconferentie en kon daarom worden vergeven.

Maar met alle respect voor Rena Netjes, de correspondente die, omdat ze haar werk deed in Egypte bij verstek werd veroordeeld tot tien jaar gevangenisstraf – voor haar zonk mijn sympathie toen ze „out-ra-gous”, de wereld in twitterde, een quote die op alle nieuwszenders voorbij kwam. Als je de ‘e’ in outrageous niet kunt vinden, hou je dan aan je moedertaal en schrijf „schan-da-lig”.

Ik ben, blijkens mailwisseling met in Nederland wonende anglisten, niet de enige die pedant genoeg is om een lijstje bij te houden van quasi-Engels op de televisie hier. Doorn in ons oog zijn de foute vertalingen in ondertitels van

Engels-Amerikaans gesproken programma’s als Masterchef of Law and Order of Politie op je hielen én de foutieve uitspraak van Engelse woorden, die daardoor – voor echte Engelsen – een andere betekenis krijgen.

Een voorbeeld:de AT5-verslaggever die kortgeleden de Gay Pride-boten door de „kènnels” dacht te laten varen, kan beter gewoon „grachten” zeggen als hij de klemtoon in canàls niet kan vinden.

Het wasmiddel Ariel maakt reclame voor huisdieren (pets) en niet voor pads – kussentjes. Fatale gevolgen soms van het op deze manier verkorten van de klinker:de presentator van het programma Blauw Bloed, die duidelijk niets met Engels heeft (steevast „fasjinator” voor de luchtige hoofdversiering die fascineert en daarom fascinator heet) beschreef de door een royal verrichtte opening van een conferentie tegen kinderhuwelijken (titel Too Young To Wed) met de woorden „Too Young, Too Wet”.

Foute vertalingen, door vertaalbureaus die trots bij de aftiteling worden genoemd: het gerecht mushy peas and belly pork (groene erwten met speklapjes) werd ‘weke erwten en varkensmaag’, my basket with goodies (mijn mandje met lekkere dingen; net gebakken koekjes in dit geval) werd ‘mijn mandje bonbons’, het Amerikaanse you're entitled to a brief (je hebt recht op een advocaat) werd ‘u hebt recht op een verklaring’. En altijd, altijd wordt het Engelse estate – ook al staan we er visueel middenin na meestal een spannende politieachtervolging van autodiefjes – niet vertaald als ‘(volks-)buurt’, maar als ‘landgoed’.

‘We kunnen er maar beter aan wennen”, schrijft The Times in een hoofdartikel, dat anderen doen met het Engels waarover standaard-Engelssprekers niets te zeggen hebben.

Wie zijn wij, Hollandse pedanten dus? En soms heeft al die Engelsheid ook nog wel komische consequenties, zoals kortgeleden in de TGV Brussel-Marseille waar de Franssprekende treinsteward aan Engelse passagiers moest uitleggen dat het buffet niet bevoorraad was. Geen sandwiches, geen wijn, geen salades dan alleen die van – in zijn beste Engels – „raped carrots” (carottes rapées – geraspte wortel in het Frans).

Een tweetalige Fransman riep hem tot de orde. „Pas op met wat je zegt, hè! Raped carrots, dat zijn carottes violées!”