Weertman dankt goud aan kracht en intelligentie

Met Ferry Weertman behaalde Nederland in Berlijn opnieuw goud op de tien kilometer. De kampioen doet in veel opzichten denken aan Maarten van der Weijden.

Ferry Weertman (onder) strijdt tegen zijn concurrenten op de 10 kilometer open water. Hij hoopt ook in het zwembad nog een finale te halen. Foto Reuters

Nederland staat in de zwemwereld al jaren bekend als een sprintland, met dank aan Pieter van den Hoogenband, Inge de Bruijn en Ranomi Kromowidjojo. Nieuw is dat nu ook de langeafstandszwemmers bijdragen aan dat imago. Na Sharon van Rouwendaal, woensdag, won gisteren Ferry Weertman dankzij een geweldige eindsprint in Berlijn de Europese titel op de tien kilometer in open water, het prestigieuze nummer met de olympische status.

De spectaculaire overwinning bezorgde de Nederlandse equipe een droom op de Europese kampioenschappen in Berlijn. Maandagochtend begint het langebaantoernooi, maar met twee gouden en een zilveren medaille in de eerste week is ‘Berlijn’ nu al een gedenkwaardig evenement voor Nederland. Morgen heeft de ploeg opnieuw grote medaillekansen met de gemengde teamwedstrijd in open water, waaraan Weertman, Van Rouwendaal en Marcel Schouten meedoen.

Weertman (22), die net als zijn grote voorbeeld Maarten van der Weijden wordt getraind door Marcel Wouda, was niet eens verrast over zijn prestatie op de Regattastrecke in Grünau. „Ik weet dat ik goed ben, ik heb hard getraind en ik heb me goed voorbereid”, sprak Weertman na afloop. Alsof het klinkende resultaat voor hem niet meer dan een logische optelsom was geweest.

Maar bijzonder was het wel wat hij had gepresteerd in het kielzog van Van Rouwendaal, zijn ex-vriendin. Weertman zette een indrukwekkend pak aan topzwemmers opzij. Na één uur, 49 minuten en 56,2 seconden finishte hij tamelijk comfortabel voor de Duitse thuisfavoriet Thomas Lurz, drievoudig wereldkampioen op dit nummer en winnaar van olympisch zilver (Londen, 2012) en brons (Beijing, 2008). De Griekse wereldkampioen Spyridon Giannotis leverde bijna tien seconden in op de lange Nederlander.

Weertman reageerde euforisch op zijn eerste grote titel. „Ik vind het leuk dat het openwaterzwemmen nu wat meer in beeld komt. En dit is een mooie motivatie voor de zwembadzwemmers die volgende week in actie komen.”

Voor zijn tegenstanders komt Weertman niet uit de lucht vallen. Vorig jaar kondigde hij zichzelf al aan met de zesde plaats op de WK in Barcelona, terwijl hij bij lange na niet de trainingskilometers maakt waarmee zijn concurrenten zich wekelijks afbeulen. Weertman zwemt onder Wouda zo’n zeventig kilometer per week, zijn tegenstanders zitten boven de honderd. „Ik maak nog steeds progressie, dus we gaan dat niet veranderen”, zegt Weertman vanuit Berlijn. „Wij trainen minder hard dan de anderen, maar wel slimmer.” In het open water maakt Weertman maximaal gebruik van zijn snelheid in de laatste ronde. „Ik heb de snelste 200 meter van iedereen. Daar zit mijn kracht.”

Van der Weijden

Wouda, die met eerdere grote titels van Van der Weijden en Linsy Heister een geweldige reputatie heeft opgebouwd als coach in het openwaterzwemmen, deinsde er een jaar geleden al niet voor terug om Weertman te vergelijken met Van der Weijden, die hij in 2008 in Beijing naar olympisch goud had gecoacht. Wouda was wel verbaasd over de enorme ontwikkeling die Weertman al op zo’n jonge leeftijd doormaakt. „Ferry is een beresterke kerel, technisch vaardig en uiterst gedreven.”

Hij roemt Weertman vooral als „intelligente” racer. Want zwemmen in open water, in een groep duwende en trekkende concurrenten, is compleet anders dan een race tussen de lijnen van een zwembad. „Dat helpt echt in deze sport. Je moet race-intelligentie hebben. Dat heb ik ook gemerkt bij Maarten, die was extreem slim. Ferry heeft daar wel wat van weg.”

Maar Weertman heeft nog iets extra’s boven zijn beroemde voorganger Van der Weijden. „Hij heeft veel betere eindsprint dan Maarten had.”

Toch keek Weertman de kunst van het sprinten af van Van der Weijden, die hem gisteren met een berichtje feliciteerde met zijn Europese titel. Die magische eindspurt destijds in Beijing, waarmee oud-kankerpatiënt Van der Weijden in één klap wereldberoemd werd, was ook voor Weertman een bron van inspiratie. Talloze keren keek hij het slot van die race na.

Hoogtetent

En in navolging van Van der Weijden gaat Weertman vanaf oktober vijf weken experimenteren met het gebruik van een ‘hoogtetent’, die met een variërende luchtsamenstelling een bepaalde hoogte kan simuleren. Minder zuurstof stimuleert de aanmaak van rode bloedlichaampjes, waardoor het uithoudingsvermogen wordt vergroot. „Ik ga eerst kijken of ik het mentaal aankan en of het meerwaarde heeft. Ik wil na de EK in Berlijn een keer met Maarten praten om te zien of hij nog tips heeft.”

Maar voor het zover is wil Weertman zijn goede vorm in Berlijn verzilveren. Na de teamwedstrijd van morgen duikt hij maandag het 50-meterbad in. „Ik zwem de 200, 400 en 800 meter vrije slag en de estafette 4 x 200 meter. Hoe de omschakeling naar het bad gaat weet ik niet. En ik heb niet zo veel ervaring als de zwembadzwemmers. Maar ik denk dat ik wel kan zeggen dat ik in vorm ben. Ik hoop een finale te halen op de 400 en 800 meter. En in de finale kan alles gebeuren.”