Wat Poetin wil is niets nieuws

In 1991 hield de Sovjet-Unie op te bestaan, niet vanwege de strijd tussen de zwalkende Jeltsin en de machteloze Gorbatsjov, maar door de vastberadenheid waarmee de leiders in Kiev vasthielden aan de onafhankelijkheid van Oekraïne.

Vermeende Russische troepen bij de Oekraïense legerbasis Perevalnoje bij Simferopolop de Krim in maart 2014 Foto Hollandse Hoogte

‘Als ook maar een republiek de relaties met Rusland doorsnijdt, dan behoudt Rusland zich het recht voor om de kwestie van territoriale eisen aan de orde te stellen.’

Het is eind augustus 1991. Vladimir Poetin is nog maar een regionale apparatsjik in Leningrad, als Boris Jeltsin, de president van de Russische Socialistische Federatieve Sovjetrepubliek, zich dreigend uitlaat over het onafhankelijkheidsstreven van Oekraïne. De Sovjet-Unie loopt op haar laatste benen. In Moskou speelt zich een machtsstrijd af tussen Jeltsin en Michail Gorbatsjov, dan nog de president van de Sovjet-Unie. De twee haten elkaar. Ze zijn het over alles oneens, behalve over de dreigende onafhankelijkheid van Oekraïne – die moet ten koste van alles worden voorkomen.

Over de laatste maanden van de Sovjet-Unie, de strijd tussen Jeltsin en Gorbatsjov, en vooral de cruciale rol die Oekraïne speelde in de ondergang van de voormalige supermacht gaat The Last Empire. The Final Days of the Soviet Union van de Oekraïens-Amerikaanse en aan Harvard docerende historicus Serhii Plokhy. Het is een fraai boek: goed geschreven, gebaseerd op recent geopenbaarde bronnen, gedetailleerd, spannend, en met omineuze verwijzingen naar de huidige spanningen tussen Rusland, Oekraïne en de rest van Europa.

Er lopen drie lijnen door The Last Empire: het bittere conflict tussen Jeltsin en Gorbatsjov, de tegenstellingen tussen Oekraïne en Rusland, en de rol van de Verenigde Staten in de ondergang van de Sovjet-Unie. Het laatste verhaal is snel verteld. De regering van George H.W. Bush was er veel aan gelegen de Sovjet-Unie overeind te houden. Bush en zijn adviseurs vreesden de consequenties van het uiteenvallen van de communistische superstaat: burgeroorlog en het op drift raken van het omvangrijke nucleaire arsenaal.

Symbool voor Bush’ voorzichtigheid was zijn betoog in het Oekraïense parlement van 1 augustus 1991 tegen de onafhankelijkheid van Oekraïne. Het is de annalen ingegaan als de ‘Chicken Kiev speech’, waarbij ‘chicken’ niet staat voor het gerecht, maar voor ‘lafaard’. Het triomfalisme waarmee de Amerikaanse president uiteindelijk de overwinning in de Koude Oorlog zou claimen, stond in schril contrast met zijn uiterst terughoudende politiek tijdens de laatste maanden van de Sovjet-Unie.

Rijkdommen

The Last Empire begint in juni 1991. De leiders van de Sovjet-Unie en de belangrijkste deelrepublieken zijn het eens geworden over een nieuw unieverdrag. De president van de Sovjet-Unie, Gorbatsjov, houdt de controle over de nationale veiligheid, inclusief de nucleaire strijdkrachten; de republieken zullen over zo goed als de rest gaan, inclusief hun natuurlijke rijkdommen. De onderhandelaars komen ook overeen dat Gorbatsjov een aantal hardliners in zijn directe omgeving zal ontslaan. De ondertekening van het nieuwe unieverdrag staat gepland op 20 augustus. Opgelucht gaan Gorbatsjov en zijn gezin met vakantie, naar de Krim.

En dan gebeurt wat sommigen hadden voorspeld, maar niemand voor mogelijk had gehouden: dezelfde conservatieve leiders die Gorbatsjov zou ontslaan, plegen een staatsgreep. Aanvankelijk proberen de coupplegers Gorbatsjov voor hun zaak te winnen; als dat mislukt, schuiven ze hem terzijde, officieel om ‘gezondheidsredenen’. De staatsgreep is dan eigenlijk al mislukt. Ze loopt stuk in besluiteloosheid, verdeeldheid en zware wodkadampen.

Jeltsin werpt zich op als de verdediger van de democratie in Rusland en leidt het (bescheiden) volksverzet tegen de politieke stuiptrekking van Sovjetleger en KGB. Na enkele dagen weet Gorbatsjov zich uit zijn gedwongen ballingschap te bevrijden. In het vliegtuig naar Moskou merkt de Sovjet-president op: ‘We keren terug naar een nieuw land.’ Hij had helemaal gelijk, maar hij kon zich er nauwelijks bij neerleggen.

Lange tijd is verondersteld dat Gorbatsjov op de één of andere wijze bij de staatsgreep betrokken was. De conservatieve krachten in het Kremlin zouden afrekenen met de vermaledijde demokratoera, zoals de Sovjetleider de democratische oppositie in Rusland placht te noemen, waarna hijzelf als redder van het Vaderland naar Moskou zou terugkeren. Plokhy ontkent dit. Er zijn geen aanwijzingen voor een dubbelrol van Gorbatsjov. En anders dan de meeste historici meent Plokhy dat de staatsgreep de politieke situatie in de Sovjet-Unie weliswaar ingrijpend veranderde, maar dat de uiteindelijke ondergang van de superstaat zeker niet onvermijdelijk was.

De ‘dubbele macht’ in Moskou, tussen een danig verzwakte Gorbatsjov en een machtige, maar zwalkende Jeltsin, had heel anders kunnen aflopen. De belangrijkste reden dat de Sovjet-Unie in december 1991 ophield te bestaan, meent Plokhy, was niet de strijd tussen Jeltsin en Gorbatsjov, maar de vastberadenheid waarmee de lokale leiders in Kiev vasthielden aan de onafhankelijkheid van Oekraïne – zeer tegen de zin van zowel Gorbatsjov als Jeltsin.

Doodgraver

Jeltsin is doorgaans voorgesteld, vooral ook door hemzelf, als de doodgraver van de Sovjet-Unie. In The Last Empire wordt zijn historische rol fors genuanceerd. Al diens koerswijzigingen in acht genomen, werd Jeltsin toch vooral geleid door één dominante ambitie, concludeert Plokhy: ‘Rusland eerst’.

Na de mislukte staatsgreep wilden Jeltsin en zijn raadgevers inderdaad van de Sovjet-Unie af, al was het alleen maar om Gorbatsjov van het politieke toneel te verwijderen. Maar in de plaats van de communistische supermacht stelde Jeltsin zich een nieuwe unie van staten voor, ook met een sterk centrum, en ook onder leiding van Rusland. Jeltsin zag dan ook met afgrijzen hoe de ene na de andere republiek zich losmaakte uit de Sovjet-Unie, en daarmee uit de greep van Rusland. En vooral de onafhankelijkheidsverklaring van Oekraïne, op 24 augustus 1991, ergerde hem mateloos. Hij kon zich net als Gorbatsjov (en Poetin), geen Rusland zonder Oekraïne voorstellen.

Jeltsin oefende daarom zware druk uit op de republieken. Nadat hij eerder had besloten om geen cent meer aan het Sovjetoverheidsapparaat te besteden, zette hij nu ook de financiële steun aan alle republieken stop. En mocht Oekraïne volharden in zijn onafhankelijkheid, zo waarschuwden Jeltsin en de zijnen, dan zou Rusland zich niet meer gebonden achten aan bilaterale afspraken over de wederzijdse grenzen. Jeltsin wilde Gorbatsjovs macht breken en een nieuwe unie creëren onder leiding van Rusland.

Op 7 december kwamen de leiders van Rusland, Wit-Rusland en Oekraïne op instigatie van Jeltsin in het geheim bijeen in Viskuli, diep in de oerbossen van Wit-Rusland, dichtbij de Poolse grens. ‘Gorbatsjov moet in ieder geval weg’, benadrukte Jeltsin. ‘Het is genoeg geweest! …Geen getsaar meer’. In plaats van de Sovjet-Unie stelde hij de oprichting van een unie van Slavische staten voor, die eerder door de dissidente schrijver Aleksandr Solzjenitsyn was geopperd als een vehikel voor een Groot-Rusland.

De Oekraïense president Leonid Kravtsjoek gaf echter geen krimp: samenwerking was alleen aanvaardbaar op basis van volledige onafhankelijkheid. Uiteindelijk ging Jeltsin door de bocht. Rusland en Oekraïne werden het eens over een Gemenebest van Onafhankelijke Staten, waarvan het hoofdkwartier in Minsk werd gevestigd. De Sovjet-Unie zou worden ontbonden. Vanaf het einde van de maand was Gorbatsjov ambteloos burger.

Serhii Plokhy schreef zijn geschiedenis voordat Rusland eerder dit jaar de Krim annexeerde en de burgeroorlog in het oosten van Oekraïne opstookte. The Last Empire redeneert dus niet terug, zoals historische beschouwingen over actuele gebeurtenissen doorgaans doen, het redeneert vooruit. Plokhy levert argumenten voor een ontwikkeling die hij wellicht voorzag: Poetins agressieve strategie om Oekraïne terug in de Russische invloedssfeer te krijgen, maar waarvan hij de huidige, dramatische escalatie niet kende. Dit maakt de strekking van het boek bij uitstek geloofwaardig: het lot van de Sovjet-Unie, ’s werelds laatste imperium, werd vooral bepaald door de politieke strijd om hegemonie en onafhankelijkheid tussen Rusland en Oekraïne.

Het minste wat we kunnen zeggen, ruim twee decennia na de ondergang van de Sovjet-Unie, is dat die strijd nog niet is gestreden.

    • André W.M. Gerrits