Niet alle genocides worden zo genoemd

Volkerenmoord Wanneer is massamoord ook genocide? Als doelbewust een volk of gemeenschap wordt uitgeroeid. Maar het moet de VS ook uitkomen om het zo te benoemen.

„Pas op. Het constateren van een genocide kan de regering verplichten om echt iets te doen”, schreef een medewerker van het Pentagon in een memo ten tijde van de slachtingen in Rwanda, in 1994. Het citaat toont dat het gebruik van het woord genocide naderhand misschien een kwestie van juridische definiëring is, maar in het heetst van de strijd eerder een politieke afweging.

De vraag of een oorlog genocide moet worden genoemd, speelde deze week ook in Nederland. Oppositiepartijen verweten minister Timmermans (Buitenlandse Zaken, PvdA) dat hij zich te omfloerst uitliet over de acties van IS in Irak. In een brief aan de Tweede Kamer van gisteren laat hij zich stelliger uit. „Vermoedelijk verantwoordelijk voor ernstige internationale misdrijven zoals genocide”, schreef hij.

„De Amerikaanse regering wrong zich in allerlei bochten om het woord genocide niet te gebruiken, hoewel duidelijk was dat op grote schaal Tutsi’s en gematigde Hutu’s werden afgeslacht”, zegt Gregory Stanton, hoogleraar genocidestudies en -preventie in Virginia, en een mondiaal expert op dit gebied. „Dat kwam doordat allang vast stond dat niet zou worden ingegrepen.” Achteraf is juridisch vastgelegd dat de slachtpartijen in Rwanda, net als die in Srebrenica in 1995, genocide waren.

Dit geweld mocht wel genocide heten:

De ultieme misdaad, gemunt in 1943

Genocide geldt als de ultieme misdaad. De naar de VS gevluchte Pools-Joodse advocaat Raphael Lemkin muntte het begrip in 1943 om een mate van horror te omschrijven nooit eerder was bereikt in de geschiedenis van de mensheid. Sinds de VN-Conventie voor Genocide van 1948 verplichten landen zich genocide te voorkomen en te bestraffen. Die geladenheid bepaalt het politieke gebruik van het woord, zegt Stanton.

„De morele verplichting die van de Conventie uitgaat is nog altijd enorm. Vandaar dat politici het woord doorgaans alleen in de mond nemen als ze wat gaan doen. In strategische landen gebeurt dat sneller dan in Zuid-Soedan of Birma. De moord op de Birmese Rohingya’s is regelrechte genocide, maar politici noemen het niet zo. En vlak empathie niet uit. Bij christenen wordt sneller alarm geslagen dan bij moslims.”

En vindt in Syrië geen genocide plaats?

Al deze overwegingen gelden ook voor Irak en Syrië. Eind vorige week omschreef president Obama, later gevolgd door Europese leiders, het bedreigen en afslachten van Yezidi’s in Irak als „genocide”. Maar volgens Stanton is ook in Syrië een genocide aan de gang, die nooit als zodanig benoemd zal worden. Stanton:

„IS in Noord-Irak heeft uitdrukkelijk de intentie de andere volkeren van Irak – Koerden, Christenen en shi’ïten – te vernietigen. Die intentie – een volk, ras, religieuze of etnische groep weg te vagen – onderscheidt genocide van massamoord. Het vervolgen en vermoorden van Sunnieten in Syrië heeft net zulke genocidaire trekken. Maar dat benoemt Obama niet, omdat hij allang besloten heeft niet in te grijpen.”

De regel dat een massaslachting door politici alleen genocide wordt genoemd als ze er ook iets aan willen doen, noemt Stanton een natuurwet. Zeker sinds 1994. De regering-Clinton wist snel wat er gebeurde in Rwanda, maar wilde na een desastreuze interventie in Somalië een nieuwe inmenging in Afrika vermijden.

Het niet ingrijpen in Rwanda in 1994 en de lange aarzeling van de NAVO om in te grijpen in Bosnië leidden tot een golf aan westerse schaamte in de late jaren negentig. Het werden standaardvoorbeelden van hoe het níet moest. In 2002 verscheen vervolgens het geruchtmakende boek A problem from Hell van de Amerikaanse juriste Samantha Power, waarin zij benadrukte hoe vaak de Amerikaanse regering had weggekeken bij zowel de Holocaust als genocides daarna. Power maakt nu deel uit van de regering-Obama. Behalve tot ambassadeur bij de VN benoemde hij haar tot voorzitster van een Atrocities Prevention Board die in een vroeg stadium moet rapporteren over tekenen van genocide.

Dit geweld mocht geen genocide heten:

Een les is dat de wereld doorgaans te lang aarzelt. Genocidaire moordpartijen ontrollen zich vaak snel, na een lange aanloop van haat, polarisatie en ontmenselijking van toekomstige slachtoffers. President Obama leek deze les in de praktijk te brengen toen hij eind vorige week besloot de stellingen van IS te bombarderen. Stanton:

„In Irak hebben de VS een geschiedenis, de regering vroeg er zelf om hulp en er kon relatief makkelijk iets gedaan kan worden om verdere escalatie tegen te gaan.”

In Syrië is de situatie volgens Stanton veel ingewikkelder. „Daar heeft Obama zijn kans voorbij laten gaan. Hij heeft een grote fout gemaakt toen hij besloot de gematigde rebellen in Syrië niet te steunen toen die nog een kans hadden.”

    • Maartje Somers