In het Drentse bos omarmt de Franse prinses stevig de boom

Daar staan vier sjieke Franse prinsessen in het Shakespearetheater van Diever al amoureus zuchtend een luchtbed op te pompen. Een koning en zijn edellieden hebben juist besloten elk vrouwelijk gezelschap te mijden. De dames moeten maar in het bos kamperen, buiten de kasteelmuren. Het is een zomerzotte scène uit Lang leve de liefde, naar Shakespeares vroege komedie Love’s Labour’s Lost. Het is verbazingwekkend dat dit lichtvoetige toneelspel nooit eerder in Diever is opgevoerd.

Regisseur Jack Nieborg en zijn spelers maken er een vrolijke, uiterst toegankelijke versie van. De komedie is als een seksstaking door mannen: omdat ze zich aan boeken en studie willen wijden vergrendelen ze hun middel met een kist. Maar door de komst van de beeldschone Françaises beginnen die kistjes behoorlijk te knellen.

Nieborg weet Shakespeare fris te brengen voor een groot publiek. Soms slaat de balans echter door naar al te veel frivoliteit. Bij een volkse komedie als deze past dat eventueel, maar de toeschouwer wil toch ook iets meer diepgang.

Dat neemt niet weg dat het verbazingwekkend is wat de acteurs presteren. Floris Albrecht brengt zijn monoloog dat vrouwen beter zijn dan boeken met ongekende verve. Er is een bizarre kindervriendscène met onder meer een erg geestige Pipo de Clown. Bijzonder is bovendien de prinses die wil dat zij bij een man past „als schors om een boom”: in het Drentse bos omarmt ze die boom ter plekke.

    • Kester Freriks