opinie

    • Frans van der Helm

Biologische borrelpraat

En toen was de wereld opeens een beroemd trio rijker. Een unieke, nog naamloze reuzenpandadrieling. Veertien kwetsbare dagen na de geboorte werd die deze week voorgesteld vanuit het Chimelong Safari Park in zuidelijk China. Drie zeer prille beertjes ter grootte van een handpalm met alle charme van een naakte molrat. Beurtelings worden ze in de zware zwarte armen van hun moeder genomen. Wat later: een couveuse met drie mini-jonkies die al een frêle zwart brilletje dragen. De twaalfjarige moeder Ju Xiao – ‘Lach van de Chrysant’– was volgens woordvoerders na een bevalling van bijna vier uur te uitgeput om aan kinderzorg te doen.

Zo lijkt het opeens of reuzenpanda’s toch niet willen uitsterven. Ju Xiao negeert op verfrissende wijze de richtlijnen van filosoof Bas Haring. Die verkondigde in Plastic Panda’s (2011) dat het uitsterven van diersoorten, als je maar slim kijkt, geen probleem is. We kunnen best zonder ze. En die dieren hebben zelf geen besef van hun verdwijnen als soort. So what? Helaas verzuimde hij aan te geven, waarin 1,3 miljard Chinezen wel onmisbaar zouden zijn tegenover 1.600 panda’s. Of waar het aanwijsbare nut zit van Nederlanders tegenover grutto’s. Daarmee viel dat betoog in het genre dat bioloog-dichter Dick Hillenius ooit mooi naam gaf: vechten vóór de bierkaai. Het commentaar van deze panda-dame is driemaal raak.

Biologische borrelpraat wil ondertussen dat reuzenpanda’s het toch verdíénen uit te sterven. Als bezonken voedselspecialisten zijn ze niet meer van de tijd, die vraagt om het 24/7 flexibel aangaan van nieuwe uitdagingen. En wie maakt zich nou ook, als tot veganisme bekeerde carnivoor, afhankelijk van bamboe?

Stilzwijgend hadden panda’s daarop altijd het perfecte antwoord. Een stelselmatig goed gevulde witte buik. En de laconieke ondernemingszin om bij voedselgebrek een of twee bergen verder te sloffen. Dat laatste werd een beetje lastig toen mensen steeds meer bezit namen van rivierdalen.

„Gebiedsbescherming”, zegt dan het boerenverstand. Eind vorige eeuw nam men in China een andere afslag. Panda’s redden zich niet meer in het wild? Dan gaan we ze vangen en fokken. Heel hightech, met KI of in-vitrofertilisatie, keizersneden, en steriele betonnen hokken in panda-instituten. Het was de natuurbescherming op zijn kop.

Van die dwaalleer is men íéts teruggekomen. Deze moeder met haar uitzonderlijke drieling – normaal krijgt een panda één jong – lijkt even een late echo van doorgeschoten kunstmatig fokbeleid. Maar dit is toch echt een wat gewonere Blijde Gebeurtenis. Mede dankzij 17-jarige vader Linlin (‘De Schoonheid van een Tinkelend Belletje’). Jammer is wel dat alle drie in een couveuse terechtkwamen. Maar de nu al flink gegroeide jongen mogen af en toe wel bij Ju Xiao komen drinken.

    • Frans van der Helm