Bedreigde Israëliërs zijn niet onredelijk

Verdedigen tegen raketten is legitiem. Het stoort Israëliërs dat ze als bron van het kwaad worden gezien, schrijft Frits Barend.

illustratie pavel constantin

NRC-correspondente Leonie van Nierop heeft afscheid genomen van Israël, Gaza en de Westelijke Jordaanoever. Haar afscheidsartikel (Kans op vrede zag ik hier nooit, 9 augustus) is bitter van toon, een weerspiegeling van haar gevoelens over de - in haar ogen - verharding en verrechtsing van vooral de Israëlische samenleving.

Van Nierop schreef soms zeer kritische artikelen over Israël en Gaza, zoals veel Israëlische journalisten kritisch zijn over Israël. Het Israëlische dagblad Haaretz is de luis in de pels van elke Israëlische regering. En Van Nierop hoefde nooit te vluchten uit Israël, werd nooit bedreigd met gevangenisstraf, zoals geen enkele journalist uit Israël hoefde te vluchten.

Het recht van journalisten verjagen is voorbehouden aan buurlanden van Israël zoals Egypte van waaruit onlangs een kritische collega van Van Nierop halsoverkop moest vluchten om gevangenisstraf te ontlopen. Dat maakt Israël uniek in het complexe Midden-Oosten, dat journalisten als Van Nierop kunnen en mogen schrijven wat ze willen.

Gevolg van die vrije nieuwsgaring is ook dat er relatief veel dagelijkse aandacht is en was voor gruwelijke beelden van gedode kinderen in Gaza. Zeker in vergelijking met de aandacht voor de al jaren durende dagelijkse martelingen, gedode kinderen en aanslagen in Syrië, Irak en Iran. Nu een echte genocide dreigt in Irak en de ‘vrije’ wereld Amerika smeekt zich ermee te bemoeien, dringt hopelijk tot meer weldenkende mensen door dat in bijna de hele Arabische regio rond Israël geen plaats is voor oppositie, vrije pers en andersdenkenden, om nog maar te zwijgen van plaats voor andersgelovigen.

Het leven voor christenen op de Westelijke Jordaanoever was onder Israëlisch bestuur eufemistisch uitgedrukt iets aangenamer dan op dit moment onder min of meer autonoom Palestijns bestuur. Het enige land in het Midden-Oosten waar moslims op vrijdag zo goed als ongestoord naar hun moskee, joden op zaterdag naar hun synagoge en christenen op zondag naar hun kerk kunnen gaan, is Israël. Hoeveel christenen en joden wonen er verder nog vrij en onbezorgd in het hele Midden-Oosten?

Christenen worden met stille trom maar niet minder fanatiek ausradiert uit vele aan Israël grenzende landen zoals joden al veel eerder soms binnen 24 uur massaal uit hun huizen zijn gejaagd tussen de Nijl en de Tigris. Ook zij waren eens vluchtelingen, maar ze bleven geen vluchteling, integendeel, ze werden immigranten in hun nieuwe land.

Mede daarom stoort het veel vooral gematigde Israëliërs dat zij worden gezien als de bron van het kwaad als ze zich in hun ogen legitiem verdedigen tegen bijvoorbeeld meer dan 11.000 (!) raketten sinds 2002; dat veel debaters in westerse landen net doen alsof de buurlanden en tegenstanders van Israël geen totalitaire regimes zijn die al dan niet openlijk Israël willen vernietigen. Maar hoe pijnlijk de kritiek de laatste tijd soms ook is voor de inwoners in hun schuilkelders, kritiek en debat horen bij de open democratie die Israël nog altijd is.

Correspondente Van Nierop trekt bij haar afscheid conclusies aan de hand van persoonlijke ervaringen. Dat mag, dat zou ik als correspondent waarschijnlijk ook hebben gedaan, maar die conclusies zijn niet meer dan haar beeld, zijn een situatieschets van de journalist die drie jaar heeft rondgelopen in Israël. Haar waarheid is net zo min als mijn waarheid de waarheid, maar slechts een waarheid. Als Leonie mijn familie in Rishon Lezion, Ashdod of Kiryat Bialik regelmatig had gesproken – gemiddelde, keihard werkende burgers in plaats van de usual suspects – had ze, denk ik, een heel ander beeld van Israël gekregen. Ook zij zijn somber over de toekomst, maar om andere redenen dan Van Nierop. Overigens is zoeken naar afwijkend nieuws, kortom naar nieuws, inherent aan haar en mijn vak. Dat Spakenburg doping gebruikte, is nieuws, dat buurman IJsselmeervogels het zonder doping deed, is geen nieuws.

Maar er is nog iets wat me opvalt in het afscheidsartikel van Van Nierop. Er heeft bij mijn weten geen Argentijnse of Koreaanse correspondent in ons land gewoond om regelmatig over het Nederland van de laatste jaren te berichten. Maar als er een was geweest, had zij, net als Van Nierop bij haar afscheid van Israël, met bitterheid kunnen concluderen dat de kans op meer begrip tussen de verschillende bevolkingsgroepen onderling in Nederland de laatste jaren ‘danig achteruit is gegaan’. Sterker, veel meer conclusies uit het artikel van Van Nierop over het verharde Israël zijn één op één van toepassing op Nederland en misschien wel op heel West-Europa. Ik vrees dat die fictieve buitenlandse correspondent in ons land een bijna identiek afscheidsartikel over Nederland had kunnen schrijven als Van Nierop over Israël. Aan de hand van letterlijke citaten van Van Nierop over Israël zal ik mijn stelling onderbouwen.

Haar constatering over Israël: „Aan de bar klinkt steeds vaker ‘ik haat politiek’ en ‘ik lees geen kranten meer’”, wijkt niet af van de gemiddelde kroegpraat in Nederland. Als Van Nierop over Israël schrijft: „Intussen kreeg radicaal rechts de wind in de zeilen en verhardde de toon van het politieke debat”, denk ik meteen aan het politieke debat in Nederland van de laatste jaren.

Waar Van Nierop voor de onderbuik wijst op de taxichauffeur getuige de constatering „Ik heb taxichauffeurs Palestijnen vaak ‘beesten’ horen noemen”, denk ik aan die ene uitspraak van de kandidaat-ombudsman Guido van Woerkom ‘dat hij zijn vrouw niet zo snel in een taxi zou stoppen omdat er „nog weleens een Marokkaan achter het stuur zou kunnen zitten”.

Bij de zin van Van Nierop over Israël „Een parlementariër van een coalitiepartij noemde moslims de vijand”, denk ik aan onze eigen PVV die gedoogpartner was van een Nederlandse coalitie. Ook de volgende citaten over Israël zou een buitenlandse correspondent bij haar afscheid over Nederland kunnen schrijven:

„Het parlement probeert subsidies te schrappen voor organisaties die aandacht vragen voor vluchtelingen en misstanden elders in de wereld.”

„Mijn dierenarts, een mollige veertiger, hoorde zijn klanten steeds meer eisen en steeds vaker schreeuwen. ‘Alle fatsoen is weg.’ Deze maand is hij met zijn gezin naar Australië geëmigreerd.”

Natuurlijk zijn er zaken die niet te vergelijken zijn in het verharde politieke debat. Nederland heeft een open grens met zijn buurlanden dus geen muur of slot op de deur nodig, Israël heeft geen knecht van Sinterklaas die Zwarte Piet heet. Ik sluit af met de laatste zin van Van Nierop, slechts aangepast aan de Nederlandse situatie anno 2014: „Bij een pro-Palestijns protest in Den Haag, vlak bij het Binnenhof, droegen ultrarechtse moslims vlaggen met nazisymbolen.” Om maar eensluidend als Van Nierop te eindigen: „Dit is mijn laatste bijdrage als correspondent in Nederland.”

    • Frits Barend