Iraakse premier Nouri al-Maliki treedt af

Nouri al-Maliki tijdens een interview met The Associated Press in Bagdad. Foto AP/Khalid Mohammed

De Iraakse premier Nouri al-Maliki treedt af. Hij maakt plaats voor Haider al-Abadi, meldt persbureau AP. Al-Maliki stond al langer onder druk om op te stappen. De Iraakse president Fouad Massoum passeerde hem eerder deze week door Al-Abadi te vragen een nieuwe regering te vormen.

De Iraakse Nationale Shi’itische Alliantie, waar de partij van Al-Maliki deel van uitmaakt, droeg Al-Abadi maandag voor als nieuwe premier. Al-Maliki was fel tegen. Hij vond dat zijn partij, Staat van het Recht, de kandidaat moest selecteren, omdat zijn partij als grootste uit de bus was gekomen bij de parlementsverkiezingen eerder dit jaar. Hij deed de benoeming van Al-Abadi, vicevoorzitter van het parlement, af als een “gevaarlijke schending van de grondwet” en kondigde aan de fout te “corrigeren”.

Chaos in delen van Irak

Een dag later instrueerde Al-Maliki veiligheidstroepen niet in te grijpen in de politieke crisis en in plaats daarvan het land te verdedigen tegen sunnitische strijders van onder meer de Islamitische Staat. De terreurgroep heeft met hulp van andere groeperingen delen van het land veroverd. Honderdduizenden mensen zijn op de vlucht geslagen en christenen en yezidi’s worden vervolgd. De Amerikanen grepen vorige week in met luchtaanvallen om te voorkomen dat Erbil, de hoofdstad van de autonome Koerdische regio in Irak, ook zou worden veroverd door IS.

Bron: UNHCR, New York Times. NRC

President Obama hamerde al een tijdje op het belang van een regering van nationale eenheid om Irak te redden. Al-Maliki zou zijn eigen shi’itische bevolkingsgroep voortrekken en zo een oplossing in de weg staan. Koerden hadden zich afgekeerd van zijn regering. Al-Abadi was vanuit Washington al gefeliciteerd met zijn nieuwe baan, een indicatie dat de wissel op instemming van de VS kan rekenen. Al-Maliki had de steun van de VS in elk geval al lang verloren.

De shi’itische politicus was sinds 2006 premier van Irak. Hij was een uitgesproken tegenstander van Saddam Hoessein – hij bestreed hem als balling in Syrië – en werd oorspronkelijk gesteund door de Amerikanen. Maar in de acht jaar van zijn premierschap profileerde hij zich telkens als onverzoenlijke tegenstander van de sunnitische minderheid in Irak. Zo liet hij het leger hard optreden tegen sunnitische demonstranten, ook als hun protesten vreedzaam waren.

    • Laura Klompenhouwer