Ook Europa wil films met donkere cast

Dit weekend wordt voor de eerste maal het Da Bounce Urban Film Festival georganiseerd. Met succesvolle ‘black films’ die nooit de Nederlandse bioscoop halen. De gedachte dat ze te weinig publiek trekken overheerst nog steeds.

Producent van Bad Boys Jerry Bruckheimer was in 1995 weinig enthousiast over het plan van hoofdrolspeler Will Smith om zijn film te promoten tijdens het festival van Cannes. De actiekomedie over twee hippe, donkere detectives was bedoeld voor de Amerikaanse binnenlandse markt. Een film met een zwarte cast, daar zat de Europese filmwereld niet op te wachten. Na veel drammen mocht Smith naar Frankrijk, hij gaf er persconferenties, interviews en enkele feestjes. Resultaat: Bad Boys bracht in het buitenland 75 miljoen dollar op – vijftien keer meer dan verwacht.

De anekdote van 20 jaar geleden lijkt achterhaald en – gezien het wereldwijde succes van Smith – surrealistisch. Toch blijft hij voor menig zwarte filmmaker herkenbaar. „Films met een donkere bezetting krijgen in de filmindustrie nog altijd het etiket ‘zwarte film’”, zegt Reguillo Wijngaarde. Volgens de organisator van het Da Bounce Urban Film Festival (DBUFF) staat dat etiket gelijk aan „niet interessant voor een brede doelgroep” – ook nu nog.

Wijngaarde spreekt uit ervaring. De 45-jarige Amsterdammer organiseert met zijn bureau Maybuse al veertien jaar de Da Bounce Movienights. Op de filmavonden worden enkel films vertoond met Afro-Amerikaanse, Afro-Caraïbische of Afro-Europese acteurs of makers of met een gerelateerd onderwerp. De avonden, vier keer per jaar, trekken zo’n zevenhonderd bezoekers. Aanbod is er genoeg. „Er komt jaarlijks een massa aan zwarte films uit, maar in de Nederlandse bioscopen krijg je ze vrijwel nooit te zien.”

Om deze zogeheten ‘urban films’ alsnog in Nederland onder de aandacht te brengen, organiseert Wijngaarde nu een festival. Drie dagen lang worden op het Amsterdamse Westergasterrein ‘black films’ vertoond. Het programma biedt voor iedereen wat wils: van mainstream tot arthouse, van romkom tot docu. Wijngaarde wil Nederlandse filmliefhebbers laten kennismaken met deze films, maar ook de filmindustrie overtuigen van hun mogelijkheden.

In de VS halen ‘all black casts’ regelmatig de box-office top-10 en niet zelden nummer één, zoals The Best Man Holiday. Deze comedy van regisseur Malcolm D. Lee is een vervolg op de The Best Man (1999), die destijds in de VS een groot succes was. „Het was duidelijk dat het een hit zou worden”, zegt Wijngaarde. Hij wilde de film programmeren tijdens zijn filmavonden. Negen maanden voor release belde hij daarom met distributeurs die de film in Nederland zouden kunnen uitbrengen. Niemand had interesse. Wijngaarde: „Pas toen The Best Man Holiday in de VS Thor: The Dark World versloeg en in het openingsweekend al 30,6 miljoen dollar opbracht, werd hij hier opgemerkt.” Maar toen was het te laat, de film werd al massaal gedownload via internet.

Nederlandse distributeurs hebben vaak rechten voor deze films, vertelt Wijngaarde. „Maar de gedachte overheerst dat ‘zwarte films’ uitsluitend een donker publiek trekken.” Hij noemt dat een misvatting. Het publiek van zijn filmavonden is divers. „Je komt er alles tegen, zowel autochtone als allochtone Nederlanders en die laatste zijn niet allemaal zwart, ook pakweg Marokkaans, Chinees of Deens.”

En dat publiek wordt momenteel alleen maar breder. Vorig jaar beleefden ‘black films’ een ware hausse. The Butler, over de butler Cecil Gaines die acht Amerikaanse presidenten diende, won twee Hollywood Film Awards. Het drama Fruitvale Station over een zwarte inwoner van San Francisco die door de politie werd doodgeschoten deed het goed op het Sundance Festival en Twelve Years a Slave sleepte drie Oscars in de wacht. Het valt wel op dat de bovengenoemde films niet alleen zwarte acteurs, maar ook zwarte onderwerpen hebben. Ze behoren eigenlijk tot een subgenre, vindt Wijngaarde. „Ze kunnen niet als representatief voor de hele sector worden beschouwd.” Eigenlijk is hij sowieso niet blij met labels als ‘black’ of ‘urban’. Het liefst zou hij de door hem vertoonde films niet op een speciaal festival willen zien, maar in de reguliere programmering van de bioscoop om de hoek. „Maar daar worden ze nu eenmaal niet vertoond. Dus is een festival de enige manier om ze een podium te geven”, vervolgt hij.

Ondanks de succesvolle distributie van zwarte films in de VS is ook daar de strijd niet gestreden. Acteur Taye Diggs (The Best Man) opende vorige maand publiekelijk de aanval op de Amerikaanse filmindustrie. Die hanteert volgens hem dubbele standaarden als het gaat om zwarte films. „Het succes van zogenaamde ‘black films’ wordt telkens weer afgemeten aan het succes van andere ‘black films’”, aldus Diggs. „Ook al hebben ze niets met elkaar te maken.” Frustrerend, zegt hij. „We worden nog altijd gezien als risico, terwijl we dat volgens mij niet zijn.”

    • Steffi Weber