Looptalent met reuzenambitie

Van Jip Vastenburg gaat de wereld nog veel horen, zegt de atlete zelf. Dat is geen grootspraak, na haar vierde plaats op de 10.000 meter.

Jip Vastenburg gisteren in actie op de 10.000 meter. In 2020 wil ze uitkomen op de marathon in Tokio. Foto Soenar Chamid

Je hebt ambitieuze atleten en je hebt Jip Vastenburg. De jonge langeafstandsloopster weet zeker dat ze heel goed wordt. Haar referentie is Paula Radcliffe, de Britse wereldrecordhoudster op de marathon. De debutante op de EK wurmde zich gisteravond met een vierde plaats op de 10.000 meter in Zürich alvast tussen de Europese toploopsters. In de beleving van Vastenburg is dat slechts het begin.

Haar vergezicht is Tokio, waar in 2020 de Olympische Spelen worden gehouden. Daar wil Vastenburg knallen op de marathon. Daar wil ze een medaille winnen en niet, zoals gisteravond, afhaken als er even gas wordt gegeven. Ze hield een vloek binnensmonds, maar noemde het na afloop „heel zuur” dat ze nog een eindsprint in huis had die net niet toereikend was voor de derde plaats.

Op dat moment besefte Vastenburg dat ze drie ronden voor het einde een inschattingsfout had gemaakt. Toen versnelde de latere winnares Jo Pavey (40) uit Groot-Brittannië en liet Vastenburg een gaatje vallen. „Ik had moeten meegaan”, sprak ze schuldbewust. „Ja, dat mag je een tactische fout noemen. Een harde les. Maar je denkt dat je niet beter kunt. Die mentale knop moet dan om. Maar dat besefte ik te laat, want op de laatste meters had ik wel degelijk adem over.”

Eén seconde, wat is nu één seconde

Het verschil met de derde plaats van de Française Laila Traby – haar landgenote Clémence Calvin werd tweede – was ruim een seconde. Eén seconde, verbeet Vastenburg diverse keren haar teleurstelling. Wat is nu één seconde? Pas in de catacomben van stadion Letzigrund drong de rauwe werkelijkheid diep tot haar door en barstte ze tweemaal in tranen uit, eerst bij de confrontatie met de Nederlandse journalisten en vervolgens bij het weerzien met haar trainer Johan Voogd.

De zalvende woorden van de coach dat ze gewoon een puike prestatie had geleverd, drongen niet echt tot haar door. „Ik denk dat ik pas na een nachtje slapen trots op mijn vierde plaats kan zijn”, snotterde Vastenburg vol zelfbeklag.

Een bijzonder kind, die Vastenburg. En dat is ze. In mentaal opzicht, maar ook met haar postuur. De blonde 20-jarige psychologiestudente is met haar lengte van 1,81 meter een opvallende verschijning in een veld met loopsters die vrijwel allemaal een kop kleiner zijn. Haar lengte vindt ze niet bezwaarlijk, en evenmin haar lange benen, waardoor ze een ander pasritme heeft dan haar concurrenten. Met de nodige aanrakingen tot gevolg. Opvallend nuchter: „Ik ben wel 20.000 keer op mijn hakken getrapt. Moet je tegen kunnen, vind ik. Ik doe er niet moeilijk over. Tegenstanders vaak wel; die hoor je veelvuldig vloeken.”

Het zal Vastenburg een zorg zijn. Ze eist gewoon haar plek op in een wedstrijd. Denk maar niet dat ze zich aan de kant laat duwen. Maar later, als Vastenburg meer ervaren is, hoopt ze verlost te zijn van kwelgeesten op de baan. Ze kijkt nu al uit naar de ruimte die ze krijgt op de marathon. Want daarover kent Vastenburg geen twijfel: zodra ze er fysiek aan toe is, zal ze in de voetsporen van Radcliffe treden.

Wereldrecord als richttijd

Groot denken, dat is haar stijl. Niet ineenkrimpen en zeggen dat het wereldrecord onhaalbaar is. Nee, gewoon zeggen dat die tijd van Radcliffe je richtpunt is, ook al is het een uitermate scherpe tijd. Vertel Vastenburg wat. Toen ze nog bij haar ouders in Nieuw-Loosdrecht woonde, passeerde ze in Hilversum vaak het kantoor van sportfirma Nike. „Daarop staat met grote cijfers 2.15,25, het wereldrecord van Radcliffe. Elke keer als ik dat gebouw passeerde, gaf me dat een boost, motiveerde me dat extra. Die tijd wil ik lopen. En dat ga ik in 2020 in Tokio ook doen.”

Krasse taal. Maar Vastenburg ben je geneigd te geloven, hoe omineus die woorden ook klinken uit de mond van een atlete die als junior prijzen heeft gewonnen, maar als senior nog alles moet bewijzen. Ik weet van jongsaf aan dat ik heel goed word”, zegt ze zonder een spier te vertrekken. „Daarom ben ik naar Apeldoorn verhuisd, om te trainen bij Voogd. Hij kan me verder helpen. Je moet keuzes maken om doelen te verwezenlijken.”

Op Europees niveau kan Vastenburg al goed mee, dat bewees ze gisteravond in Zürich. Maar mondiaal is de tegenstand van een ander niveau. Daar zal de loopster ook de strijd moeten aangaan met sterke Oost-Afrikanen. Ziet ze daar tegenop? Niet dus. „Ook Afrikanen moet gewoon trainen”, zegt Vastenburg broodnuchter. „Als ik op de huidige weg blijf doorgaan, verwacht ik op de marathon met de besten mee te kunnen, dus ook met de Afrikanen. Daarom is Radcliffe ook mijn grote voorbeeld.”

    • Henk Stouwdam