Het verraad van een revolutionaire kameraad

De Lech Walesa van Zuid-Afrika is nu multimiljonair en vice-president. Heeft hij dode mijnwerkers op zijn geweten?

Vice-president Ramaphosa op een politieke bijeenkomst vorige maand. Foto AFP

Het was de grootste mijnstaking uit de geschiedenis van Zuid-Afrika: 300.000 mijnwerkers die de economie van dit land op haar knieën brachten. Drie weken lang gingen ze door, aangevoerd door hun leider die later zei: „Wij voelden de kracht door onze aderen stromen”. Die leider was Cyril Ramaphosa. Het was augustus 1987.

Diezelfde man werd gisteren in een vergaderzaal in Centurion, het vroegere Verwoerdburg, uitgejouwd door mijnwerkers van een nieuwe generatie. Ze noemden hem moordenaar, verrader en leugenaar, en schreeuwden dat hij „bloed aan zijn handen” heeft. Ramaphosa, omringd door zijn lijfwachten, bleef onverstoorbaar.

Het werd allemaal live uitgezonden op dezelfde tv-kanalen die in de afgelopen maanden enkel konden praten over die andere moordzaak, rond Oscar Pistorius. Maar onder deze beelden konden de commentatoren grotere vragen stellen: wat is er gebeurd met Ramaphosa, ooit de kroonprins van Nelson Mandela, nu multimiljonair, vicepresident en de grootste kanshebber op het hoogste ambt in dit land? En daaraan gekoppeld: Wat ging er mis in Zuid-Afrika?

Ramaphosa moest gisteren en vandaag verschijnen voor de commissie die de dood van 34 mijnwerkers onderzoekt tijdens de staking in de platinamijnen rond Marikana, op 16 augustus 2012. Ramaphosa was lid van de directie van het Britse mijnbedrijf Lonmin, waartegen in Marikana wekenlang werd gestaakt. De eis van de stakers: een loon van tegen de duizend euro, een verdubbeling van wat ze verdienden.

Zijn ondervragers hadden belangrijke munitie in handen: een e-mail die Ramaphosa 24 uur voor de dood van de mijnwerkers schreef aan een bestuurder in Lonmin. Nadat twee beveiligers van het mijnbedrijf en twee politieagenten door de stakende mijnwerkers waren vermoord schreef Ramaphosa: „Deze verschrikkelijke gebeurtenissen kunnen geen arbeidsconflict meer worden genoemd. Dit is gewoon lafhartig en misdadig en moet zo ook worden gezien. Er moet concomitant actie worden genomen tegen deze toestand.” Ramaphosa verdedigde die woorden gisteren. „Mijn eerste zorg was meer doden te voorkomen.”

De advocaat van 21 nabestaanden Dumisa Ntsebesa, beroemd geworden tijdens de waarheidscommissie, begreep het niet. Waarom had Ramaphosa niet meer gedaan? Hij had namens het ANC van Mandela met het apartheidsregime onderhandeld over de transitie naar democratie terwijl de townships in brand stonden. „Ik bemoei me niet met het dagelijks bestuur van de mijn. Ik adviseer alleen”, verdedigde Ramaphosa zich. Maar er was toch niets dat hem in de weg stond om hoogstpersoonlijk met de mijnwerkers te gaan praten over een geweldloze uitweg? Hij is tenslotte Zuid-Afrika’s Lecha Walesa? „Objectief gesproken: dat klopt’’, gaf Ramaphosa zuinig toe.

Er staat meer op het spel dan alleen de waarheid. Ramaphosa staat in de coulissen om Jacob Zuma op te volgen als president. Alle vicepresidenten sinds de eerste vrije verkiezingen in 1994 kregen die baan: Thabo Mbeki, Jacob Zuma. Ramaphosa was begin jaren negentig Mandela’s favoriet, wordt altijd gefluisterd, tot hij door Mbeki werd overtroefd en in ballingschap ging in de zakenwereld.

Met belangen in banken, verzekeringen, telecommunicatie en mijnen wordt zijn vermogen geschat op 500 miljoen euro. In een veiling bood hij eens 18 miljoen rand (1,2 miljoen euro) voor een buffel en een kalf. Zomaar. Als adviseur bij Lonmin ontving hij 20.000 euro per maand. Dat het bedrijf slechts drie stenen huizen bouwden voor zijn in krotten wonende mijnwerkers, in plaats van de beloofde 5500, zag hij over het hoofd, gaf hij gisteren toe. Dat was een „tegenvallende prestatie”.

„Kameraad Cyril Ramaphosa heeft alle geloofwaardigheid verloren als een leider van het volk en revolutionair die vecht voor het lot van de arbeidersklasse”, sprak de jeugdliga van het ANC, na de slachting in Marikana. De jeugdliga wijst de nieuwe baas aan in dit land. Zo was het altijd in Zuid-Afrika. Maar dit land is veranderd. Niemand die deze verandering beter verbeeldt dan Ramaphosa.

    • Bram Vermeulen