Het beste van Kees. Pluk de dag

‘Maak van iedere dag de beste dag’, of ‘Pluk de dag’. Af en toe hoor ik mensen dat wel eens zeggen. Geniet van het moment dat je toekomt. Makkelijker gezegd dan gedaan. Een nieuwe dag betekent telkens weer een uitdaging. Hoe ga ik deze indelen? Wat zal er op mijn pad komen? Vooral dat laatste bepaalt het karakter van de dag.

Als voorbeeld nemen we ‘het weer’. Wanneer er bijvoorbeeld in de zomer voor één of meerdere dagen warm weer is voorspeld, zal de dagbesteding een moeilijke opgave worden.

Hoge buitentemperaturen maken het leven zwaar. Ik ervaar die warmte als een onaangenaam gevoel. Bijna als een soort pijn. Wanneer ik een stap naar buiten zet en er onmiddellijk mee word geconfronteerd, is alles te veel.

In de ochtenduren ben ik nog het actiefst. In het dorp doe ik de boodschappen. Hoewel het nog vroeg is, laat de zon haar stralen voelen. Op menig open plek zindert reeds de warmte.

Ik vlucht een winkel binnen. De koele lucht van de airco betekent een welkomstgeschenk.

Vlakbij de kassa hoor ik opeens opgetogen stemmen van enthousiaste klanten. „Lekker weertje, hè?” „Ja, heerlijk die warmte! Gaan we samen een terrasje pakken.”

Op dat moment ga ik door de grond. Ik kan dit niet aanhoren. Wat bezielt die mensen om zo blij te zijn met die hitte?

Terug van de boodschappen besluit ik de rest van de dag binnen te blijven.

Ik vlij neer in een stoel. Afgemat buig ik mijn hoofd in mijn handen.

De zomermiddag duurt lang. Eindeloos. Naar buiten gaan is onverstandig. Alles gloeit.

‘Lekker weer’, zeiden ze toch? Stikken kan je, op het terras! Want die hitte, die weet wat!

Af en toe dood ik de tijd met een kruiswoordraadsel. Aan tekenen kom ik niet toe. Koken evenmin. Met zulke warmte laat zelfs mijn eetlust het afweten. Een soepje en wat sla, het is genoeg.

Pas wanneer de zon zakt, hoop ik weer buiten te zijn. Heel even maar, want ook na zevenen vind ik het nog niet echt koel.

Op het plaatsje voor het huis zie ik onkruid. Tussen de stenen begin ik te wieden. Ik bof, want hier is schaduw. Na het wieden veeg ik wat verdord blad bij elkaar. Samen met het onkruid stop ik het in een afvalemmer. Ik blik naar het resultaat. Ik mag tevreden zijn.

En zo heb ik toch nog het gevoel dat ik iets van de dag heb geplukt.

    • Kees Momma