Wat is de prijs van macht?

Er gaat er wel eens één de mist in. Zo schreef de Romeinse redenaar Cicero in 44 v. Chr. over Octavianus: ‘Het is een jongen, een tamelijk domme jongen nog wel. Hij begrijpt niets van politiek, zal dat op termijn vast ook niet doen.’ Cicero kon toen niet weten dat hij het over keizer Augustus (63 v. Chr.-14 n. Chr.) had, maar van inzicht getuigt het niet.

Dit citaat komt uit een van de brieven die John Williams ‘aanhaalt’ in zijn net vertaalde gefictionaliseerde biografie van Augustus, eerste keizer van Rome. Het verhaal – samengesteld op basis van brieven, dagboekfragmenten, dienstbevelen – begint met de moord op Julius Caesar en eindigt met Augustus’ dood.

Een van de geestigste personages in de roman is de vilein formulerende Cicero. Zo geeft hij een fijne omschrijving van de dichter Maecenas als iemand die ‘op uiterst afstotelijke wijze met zijn wimpers knippert’ en wordt Cleopatra weggezet als ‘die Egyptische hoer van Caesar’. Iemand die zulke taal uit slaat moet wel net als Cicero eindigen: zijn afgehakte hoofd en handen werden tentoongesteld op het Forum in Rome.

De moord op Cicero had plaats in opdracht van Antonius, met medeweten van Octavianus, ook al had ‘de bleke bastaard met zijn bleke kop’ – zoals Octavianus ook wordt genoemd – zijn macht deels aan hem te danken. Het voorval toont het onderwerp van de roman in een notendop: wat is de prijs van macht?

Williams zelf omschreef Augustus als een boek over ‘de ontwikkeling en de werking van de geest van een schijnbaar eerzaam man die gedwongen wordt slechte daden te verrichten om iets groters te bereiken’.

In het laatste deel blikt Augustus terug op zijn leven in een brief die hij half ijlend schrijft. Williams probeert het koortsige effect in de brief te verwerken. Maar het resultaat is een wat langdradig epistel waarbij Augustus concludeert dat zijn leven niet veel heeft voorgesteld. Dat neemt niet weg dat Williams er wel degelijk in is geslaagd een verhaal over macht over te brengen.

Ironisch genoeg was dat ook een belangrijk onderwerp in het tijdloze Stoner, al werd de machtsstrijd daar uitgevochten op een middelgrote universiteit, met als inzet een tentamenuitslag en een baantje. Niet erg heroïsch – maar die machtsstrijd blijft de lezer langer bij dan de aangekondigde, grootse ondergang van een beschaving.

    • Toef Jaeger