opinie

    • Marcel van Roosmalen

Papa mag niets meer in dit land

Zelf wilde ik me ook weleens afreageren op een onschuldige dienstverlener. De avond ervoor nog was ik in een zinloze discussie beland met een medewerker van de helpdesk van KPN, alleen maar omdat hij zich verdedigde tegenover mij, een ziedende klant die het niet normaal vond dat hij 48 minuten in de wacht stond omdat hij zijn pincode voor ‘video-on-demand’ wilde achterhalen. Zijn argument – „we zitten in de vakantieperiode” – werkte als een rode lap, wist hij wel dat ik de hele aflevering van Knevel & Van den Brink met de mobiele telefoon aan het oor had moeten kijken?

Maar zo willekeurig boos als de man die z’n zoontje meesleurend in tram 4 stapte, was ik nooit geweest. Het begon ermee dat hij de trambestuurder afsnauwde.

„Rustig, jij krijgt je geld, rustig. Rustig!”

Goed was dat, anderen tot rust manen terwijl je zelf de enige bent die niet rustig is.

De trambestuurder, hij onderschatte zijn machtspositie niet, gooide olie op het vuur door te zeggen dat meneer ‘normaal’ moest doen, want anders…

Nog buiten zichzelf nam de man even later wijdbeens plaats op het stoeltje tegenover me.

„Wat een kutland!”, zei hij. „Waarom komen we niet in opstand?”

Hij was even tevoren geweigerd bij het De Miranda-zwembad omdat hij geen legitimatie bij zich had. Hij spreidde de armen: „Eerst maken ze zo’n foto van je en daarna vragen ze om je legitimatie. Ik zei: „Wat is dit? Een bank? Ik wil zwemmen, doe even normaal man.”

Zijn zoontje, een op de groei gekocht Ajax-shirt tot op de knieën, stond in het gangpad en hing tegen hem aan.

„Wat gaan we nu doen papa?”

„Niets!”, schreeuwde papa, „papa mag niets meer in dit land!”

Wat er verder omging in dat hoofd bleef onbekend, wel dat er iets knapte toen hij een halte verderop werd gesommeerd de tram te verlaten wegens ‘te hard praten’.

We keken hem na. Hoe hij daar heel erg alleen heel erg boos op straat stond te staan. Over de inhoud ging het niet, ik geloof dat iedereen het heel normaal vond dat je in Amsterdam alleen kon zwemmen als je je paspoort bij je had. Er werd niet meer geschreeuwd en we reden weer, dat was het belangrijkste.

    • Marcel van Roosmalen