‘Ik wil zelf bepalen met wie ik werk’

Tom van Aken

(43) is directeur van Avantium, dat een fles van bioplastic heeft ontwikkeld als alternatief voor de PET-fles van aardolie.

foto maurice boyer

Leerschool

„Mijn vader zei: ga iets natuurwetenschappelijks studeren, dan leer je analytisch denken. Ik had een leuke scheikundeleraar, dus werd het scheikunde. Ik was niet de slimste, wel sociaal en communicatief. Na mijn studie werd ik verkoper voor DSM, eerst in India en China, later in New York. Culturen, onderhandelen, er ging een wereld voor me open. De vrijheid was fenomenaal. Maar het werken voor een multinational brak me op. In Amerika werkten we maanden aan een contract dat vijf voor twaalf niet doorging, voor mij een schok. DSM reageerde gelaten. Toen dacht ik: dit is toch niet waar ik mijn energie in wil steken.”

Beleving

„Op 11 september 2001 zat ik met mijn vrouw en oudste dochter in het vliegtuig naar New York, waar we woonden. Halverwege vertelde de piloot dat er vliegtuigen waren gekaapt en er twee in het World Trade Center waren gevlogen. Het werd ijzig stil. Het luchtruim werd gesloten, we moesten terug. Pas op Schiphol zagen we de beelden. Ik weet niet goed of het me heeft veranderd, maar de tijd erna was heel onwerkelijk. Dreigend. Op kantoor werd de post met handschoenen geopend vanwege antraxgevaar. Plotseling was het onbezorgde leven voorbij. Iedereen kende wel iemand die vermist was of overleden.”

Focus

„Avantium intrigeerde me. Ook na diverse gesprekken begreep ik niet precies wat ze deden, maar Shell en AKZO investeerden erin en ze hadden net 30 miljoen opgehaald. Toen ik begon bleek de directeur te zijn weggestuurd en het geld al grotendeels op. Het leek meer een onderzoeksinstituut dan een bedrijf. De projecten waren interessant, maar het was onduidelijk hoe er geld verdiend ging worden. Ik dacht: heb ik hier mijn carrière voor opgegeven? Maar het was ook avontuur. We hebben drastisch gesaneerd en ons toegelegd op het ontwikkelen en testen van katalysatoren. Daarin zijn we nog altijd leidend in de wereld.”

Momentum

„Na een deal met BP zag ik in dat we technologie voor onszelf moesten gaan ontwikkelen. Wij hadden een paar miljoen euro verdiend, ik was blij, maar voor hen was onze katalysator zeker 100 miljoen waard. We wilden niet concurreren met klanten, dus richten we ons op ‘hernieuwbare grondstoffen’, niet op olie. Onze technisch directeur bedacht een proces om chemische bouwstenen te maken uit koolhydraten. Dat werd de basis voor het molecuul van ons bioplastic. Vier jaar later zetten we bij Coca Cola onze oerfles op tafel. Gemaakt van plantaardig PEF in plaats van PET van aardolie.”

Verplichting

„Eind 2007 zouden we naar de beurs gaan. Maar ineens kelderde de AEX, de avond voor de notering hebben we alles afgeblazen. Een enorme teleurstelling. Investeerders wilden uitstappen. Wat scheelde, is dat het niet aan ons lag, maar aan de financiële crisis. Dat gaf een boost: we gaan het redden. Het ophalen van geld blijft ook nu een continue zorg. Ik voel me verantwoordelijk voor onze investeerders en 130 werknemers. Als ik iemand aanneem zeg ik: weet dat dit een hoog risico-bedrijf is. Ik slaap er overigens geen minuut minder om. Ik draag die last liever zelf dan dat ik afhankelijk ben van een ander.”

Streven

„Ergens schuilt een idealist in me. Verhalen over klimaatverandering raken me, zoals we de aarde nu gebruiken, kán niet. Ik kan me druk maken dat technologische ontwikkelingen zo langzaam gaan en bedrijven verantwoordelijkheid afschuiven. Aanvankelijk zijn we met ons plantaardige plastic naar chemiebedrijven gestapt, die wilden er niets van weten. Ik ben trots dat onze flessen straks wezenlijk bijdragen aan een beter milieu. Maar ik ben geen wereldverbeteraar. Als directeur bekijk ik alles rationeel. We willen een nieuw plastic in de markt zetten omdat er vraag naar is.”

Houvast

„Bij mijn aantreden had ik één voorwaarde: ik wil bepalen met wie ik werk. Daar ben ik nog blij om. Over veel zaken, zoals de crisis, 9/11, heb ik geen controle. Het enige waar ik echt grip op heb is met wie ik werk. Slimme mensen, met wie ik het leuk heb. Als student dacht ik dat ondernemen ging om het briljante idee. Naïef, Jan Zeeman ontwerpt het ondergoed ook niet zelf. Het gaat om de mensen met wie je het doet. Dat vertel ik scheikundestudenten in gastcolleges: denk niet na over wat je later wilt maken, maar over hoe je wilt ondernemen. Er zijn kansen genoeg.”