De zaak tegen Broeder nummer 2 is teleurstellend verlopen

Advocaat Victor Koppe verhuisde naar Cambodja om een Rode Khmer-kopstuk te verdedigen. „Een fascinerende en vriendelijke man. Maar sympathiek... Nee.”

Broeder Nummer 2 was in de Rode Khmer-tijd de rechterhand van leider Pol Pot. Foto AFP

Uitroeiing. Moord. Politieke vervolgingen. Verdwijningen. Aanvallen op de menselijke waardigheid. De laatste twee levende leiders van de Rode Khmer – Nuon Chea (88) en Khieu Samphan (83) – werden gisteren in Cambodja veroordeeld tot een levenslange gevangenisstraf.

Het Cambodja-tribunaal, samengesteld uit internationale juristen en betaald door de VN en Cambodja, houdt hen verantwoordelijk voor de dood van zeker 1,7 miljoen mensen tussen 1975 tot 1979.

Chea en Samphan hoorden de uitspraak in de rechtszaal van Phnom Penh onbewogen aan. De Nederlandse advocaat Victor Koppe (50) niet. Hij is teleurgesteld, blijkt tijdens een vraaggesprek via Skype. Vooral over het verloop van de rechtszaak. Anderhalf jaar geleden verhuisde Koppe naar Cambodja om Chea te verdedigen. Chea – Broeder nummer 2, rechterhand van leider Pol Pot.

Heeft u een moment gedacht dat u Broeder nummer 2 zou kunnen vrijpleiten?

„Nee, nee. En hij had daar zelf ook absoluut geen hoop op.”

Toch gaat u in Cambodja wonen, terwijl jullie allebei weten dat...

„...zijn leven zal eindigen in de cel. Ja, ik heb behoorlijk wat schepen achter me verbrand. Een groot risico, maar dat was het waard. Deze periode uit de geschiedenis fascineert me al vanaf mijn jeugd. Het is de eerste, de enige en vermoedelijk de laatste rechtszaak waarin verantwoordelijken voor misdaden in een communistisch regime terechtstaan.”

U verdedigt de man die bekendstaat als medeverantwoordelijke voor 1,7 miljoen doden.

„In Nederland vraagt men mij vaak of ik me daar niet schuldig over voel. Gek genoeg krijg ik dat verwijt in Cambodja helemaal niet. Zelfs mensen die veel familie hebben verloren tijdens het bewind van de Rode Khmer, vinden het goed dat er een proces is en dat ik de verdachten bijsta.”

In Het Parool zei u eerder dat er dringend behoefte is aan een nieuwe kijk op wat er onder de Rode Khmer is gebeurd in Cambodja.

„Over de Rode Khmer is veel geschreven wat historisch gewoon niet klopt. Over S21 bijvoorbeeld, een strafkamp voor gevangenen van de Rode Khmer. Daar zaten geen onschuldige burgers, maar Rode Khmers die zelf veel geweld hadden gebruikt.”

Dat klinkt alsof u de gruwelen wil verzachten.

„Nee, er is geen twijfel over mogelijk dat er ernstige misdrijven zijn gepleegd en veel doden zijn gevallen. Het historisch perspectief wordt alleen vaak niet goed geschetst, dat stoort me. Duidelijk is dat dit regime een wereldvisie had die bepaald niet de mijne is.”

Voelt u sympathie voor Chea?

Koppe laat een lange stilte vallen. „Uhm... Nuon Chea is een revolutionair tot zijn dood. Een dergelijke overtuiging is uitgestorven in de wereld. Ik vind hem een fascinerende, intrigerende en zeer vriendelijke man. Maar sympathiek... dat vind ik in dit verband een lastig woord.”

Was het een eerlijk proces?

„Absoluut niet. Er is van alles misgegaan. Cruciale getuigen zijn bijvoorbeeld structureel niet opgeroepen. De internationale rechters en aanklagers vonden dat deze mensen wel moesten worden gehoord. Bijvoorbeeld Heng Samrin, de huidige nr. 3 in de regering en zelf een hoge militair bij de Rode Khmer. Hij kent Chea al 60 jaar. Maar de nationale onderzoeksrechter en aanklager blokkeren dat omdat hij in de regering zit. En sowieso, voor een eerlijk proces is het fundamentele uitgangspunt dat de verdachte onschuldig is totdat zijn schuld bewezen is. Dat was hier nooit het geval.”

U bent daar naartoe gehaald door de Verenigde Naties om een eerlijk proces mogelijk te maken.

„Dat is dus niet echt gelukt.”

Er komt nog een tweede deel van dit proces.

„En we gaan in hoger beroep voor het eerste deel. Deel twee is eigenlijk interessanter. Ik zal opnieuw proberen aan te tonen dat de gruwelen weliswaar begaan zijn, maar dat niet zeker is of bewezen kan worden of Chea daarvan wist of ervoor verantwoordelijk is.

„De verplaatsing bijvoorbeeld van burgers uit Phnom Penh. Daar heeft Chea opdracht toe gegeven, dat bekent hij. Maar het is niet bewezen dat hij wist dat er massaslachtingen zouden plaatsvinden. Daar gaat het om.”

Is vrijspraak nog mogelijk?

„Wel als het hoger beroep eerlijk verloopt. Ik heb meer vertrouwen in de rechter die het hoger beroep gaat doen. De magistraten worden vervangen. Ik hoop dat het anders wordt.”

Cru gezegd, maar overleeft uw cliënt een jarenlang proces?

„Hij functioneert nu prima en volgt het proces met grote interesse. Maar op deze leeftijd kijken artsen niet verder dan een half jaar. Als hij komt te overlijden, eindigt mijn proces.”

    • Enzo van Steenbergen