‘De wc is eigenlijk de enige plek waar je nog alleen bent’

Marieken van Huijstee (25) en Bas Kraak (25) wonen in Amsterdam. Zij is oprichter van Shit Art, een bureau dat kunst op festivals maakt, hij is IT-er. „Hij wordt huisman, dat hebben we al bedacht.”

Marieken: „We zijn binnen vier maanden samen gaan wonen.” Foto David Galjaard

Dixie-kunst

Marieken: „Vorige zomer hebben we veertien festivals gedaan, alleen maar kunst op wc’s. Op een gegeven moment kregen we met Shit Art steeds meer opdrachten.”

Bas: „Toen dacht je, ‘hé, hier kunnen we geld mee verdienen’.”

Marieken: „We maakten een wildplasarea, dan deden we allemaal takken in de wc. Of we deden een ‘biechtstoel’, dan lag er een boekje waarin je dingen op kon schrijven.”

Bas: „Schijftfeestje, dan hingen we allemaal slingers en ballonnen op.”

Marieken: „Ik liep stage bij Raúl&Rigel, een guerrillamarketingbureau. Ik was heel erg met guerrilla art bezig. De wc is ideaal voor kunst omdat er bijna geen andere plek is waar je nog dingen in je eentje kan ervaren. In het begin was het geen nobele insteek, we wilden gewoon gratis naar zoveel mogelijk festivals. Achteraf denk ik dat ik het ook wel fijn vond om mijn kunst anoniem uit te proberen. Ik kon wel kijken hoe de mensen reageerden, maar het was niet zo dat ze op mijn naam hoefden af te komen.”

Marieken: „Voor dit jaar hadden we het wel een beetje gezien met alle schijtgrappen. Op Dekmantel Festival hebben we een refreshmentbooth gemaakt met flessen deodorant. En op het All We Want Festival deden we ‘lachen met vlaggen’. Mensen konden vlaggen beschilderen die we met bamboestokken hadden gemaakt – zo konden ze hun tent terugvinden.”

Dag twee aan het Kerstdiner

Bas: „Ik kwam Marieken tegen in het huis van een clubgenoot. Twee dagen later zaten we bij mijn ouders aan het kerstdiner. En Tweede Kerstdag zat ik bij jouw grootouders aan tafel.”

Marieken: „We zijn binnen vier maanden gaan samenwonen.”

Bas: „Ik wilde weg uit Delft omdat ik er niks voor elkaar kreeg.”

Marieken: „Ik deed de Design Academy in Eindhoven, maar dat vond ik helemaal niks. De school is heel competitief en ik vind het juist leuk om samen te brainstormen, ideeën te delen. Ik werd daar heel ongelukkig. Ik wilde liever stage lopen en aan het werk. Toen dachten we: we gaan naar Amsterdam.”

Bas: „Mijn ouders waren niet blij, omdat ik in Delft niks had afgemaakt.”

Marieken: „Eerst woonden we vijf maanden op een grote zolderkamer. Toen kochten mijn ouders dit appartement. Mijn vriendinnen zeiden: je gaat eerst maar met ons samenwonen, want dat heb je beloofd. Na een jaar zeiden ze: ga maar, dit heeft geen zin, jullie zijn toch altijd bij elkaar.”

Als een kamerplant op de RAI

Bas: „We hebben eerst bij uitzendbureaus gewerkt.”

Marieken: „Als een kamerplant op de RAI. Gewoon staan en wuiven.”

Bas: „Flyeren, goodiebags uitdelen.”

Marieken: „Of gewoon alleen maar staan. En dan één keer een deur opendoen. En je dan om vijf uur ’s ochtends aanmelden.”

Bas: „Omdat de beurs om zes uur begon. We leefden nog op het laatste restje van onze stufi. De Libelle Zomerweek hebben we ook gedaan.”

Bas: „Ik werk nu bij NewsKool, een detacheringsbureau dat ook mijn opleiding betaalt. In de avond studeer ik Technische Informatica ernaast.”

Marieken: „In onze vriendengroep waren wij degenen die als laatste zouden gaan samenwonen. En nu zijn we eigenlijk dolgelukkig.”

Bas: „Ja we hebben eindelijk onze carrière op de rails. We wonen nog samen en dat gaat hartstikke goed.”

Marieken: „Het is geen vetpot.”

Bas: „We leven op mijn salaris.”

Marieken: „Oh?”

Bas: „Ja, jij draagt ook je steentje bij.”

Marieken: „Soms is het twintig uur, dan is het tachtig uur werken per week. Ik weet nu dat het over twee weken weer heel druk wordt. Dan doen we de wc’s op Mysteryland. We maken een wachtverzachter, een soort chill area. Productiebedrijven als Natwerk of 100% Halal zijn mijn voorbeeld.”

Stofzuigen doet ze niet

Marieken: „Hij wil huisman worden, dat hebben we al bedacht.”

Bas: „De rollen zijn een beetje omgedraaid bij ons.”

Marieken: „Komen we thuis en zegt hij ‘Marieken, de pollepel ligt weer in de lepeltjesbak. WAAROM?’”

Bas: „Marieken, waarom staat de mayo nog steeds open op het aanrecht? Bij mij moet voedsel in de ijskast staan.”

Marieken: „Oh jee mijn telefoon, kan ik ineens bedenken, en dan helemaal vergeten waar ik mee bezig was.”

Bas: „Ik was niet echt opgeruimd, maar sinds we samen zijn en jij het helemaal niet bent – ben ik dat geworden. Marieken doet echt niet de was.”

Marieken: „Je moet helemaal naar boven. Ook stofzuigen vind ik vervelend, het geluid maakt me gek. Ik kook.”

Bas: „Wat we eten, dat maakt me geen drol uit. Ik ben vaak laat thuis. Ik zet wel eens de schone was in de mand in de kamer en dan ga ik kijken hoe lang het duurt voordat Marieken het opruimt. Dan wacht ik net zo lang tot alles weer vies door de kamer ligt.”

Marieken: „Bas probeert mij te straffen maar dan straft hij zichzelf.”

Bas: „Boodschappen doen we samen, anders duurt het zo vier uur.”

Marieken: „Bas is van het algemene schoonmaken en ik ben beter in de grote schoonmaak. Dan ben ik in een keer vijf uur achter elkaar bezig.”

Bas: „En dan ben ik alles kwijt.”

    • Rolinde Hoorntje