De Rus, de gewone Rus, die wil geen oorlog

De spanning rond Oekraïne loopt steeds verder op. Moskou lijkt zich op te maken voor een oorlog. Maar de bevolking wil dat helemaal niet.

Leden van de repatriëringsmissie vertrekken in Oekraïne (boven), en komen aan op vliegbasis Eindhoven, waar ze gisteren welkom werden geheten door onder anderen commandant der strijdkrachten generaal Tom Middendorp, korpschef Gerard Bouman van de Nationale Politie en Steve Lancaster van de Australische politie. Foto’s ANP

In Rusland is sprake van twee realiteiten: die van de televisie, en die op straat.

Op de televisie in Rusland is het oorlog. Elke avond denderen oorlogstaferelen de huiskamers binnen. Dode zielen. Tanks en pantservoertuigen. Achtergelaten bejaarden. Bange kinderen. Huilende moeders. Brandende en verwoeste huizen. Vluchtelingen. Dat alles aangesticht door de „fascistische junta” in Kiev en de Amerikanen die Europa voor hun karretje spannen.

Maar op straat is Moskou zijn chagrijnige zelf. Er hangt geen oorlogszuchtige sfeer. De actualiteit is zelfs niet het allesoverheersende thema. Integendeel.

Dat is het grote verschil tussen Kiev en Moskou. In Kiev worden de cafés gevuld met conversaties over de ‘toestand’. In Moskou gaat het over geld, auto’s en stijgende prijzen. Soms worden jongelui in de bus tot de orde geroepen als ze al te luid in drieletterwoorden spreken. Moskou blijft, ook in oorlogstijd, die chagrijnige stad die het altijd is geweest.

Moskovieten uiten alleen hun opvattingen als je ze er expliciet naar vraagt. In een grillbar in Moskou drinken en eten Sergej en zijn zoon Andrej. Sergej is navigator geweest bij de luchtmacht van de Sovjet-Unie. Hij komt uit Belaja Tserkov, een stad ten zuiden van Kiev. Een groot deel van zijn familie woont nog steeds in Oekraïne. Zoon Andrej is geboren in Moskou.

De familiebanden van Sergej lijden onder het Oekraïense conflict. Zelf denken Sergej en Andrej dat MH17 is neergeschoten door een ongelukje aan Oekraïense legerzijde – het exacte tegendeel van de redenering in Nederland. „Er is daar iets fout gegaan”, zegt Sergej. „Oekraïners zijn niet professioneel genoeg om met die raketinstallaties om te gaan.”

Er zijn nauwelijks feiten

Versies – en vooral de interpretatie wie waar belang bij heeft – zijn in Rusland belangrijker dan de toch al schaarse feiten over de ramp. Over die versies bestaat in Moskou en andere grote steden ongekende eenstemmigheid. Volgens opiniepeilingen weet 82 procent van de stadsbevolking zeker dat de Boeing is neergeschoten door Oekraïners. In de dorpen is men minder stellig. Als het platteland wordt meegenomen, daalt dat landelijke percentage tot 64 procent.

Deze cijfers zijn opmerkelijk. Normaal is de mondaine en arrogante hoofdstad de uitzondering. Maar over Oekraïne heeft de publieke opinie in Moskou en de andere grote steden een even pregnante visie als de provincie. Dat 70 procent van de Moskovieten internet gebruikt – tegen 37 procent in de dorpen – lijkt nu effect te hebben.

Hoe is die paradox te verklaren?

Volgens sociologe Olga Zdravosmyslova ligt dat niet alleen aan het feit dat de televisiedichtheid in de stad het hoogst is en dat 80 procent van de burgerij haar informatie aan de beeldbuis ontleent. Het ligt ook aan de „scherpte van het migrantenprobleem” in met name Moskou. „De stedelingen voelen het ‘Russische vraagstuk’ meer en zien de strijd van de rebellen als verdediging van hun eigen Russische belangen.”

Verder gaan ze niet. Zoals de meeste burgers zich geen deel voelen van de staatsmacht maar zichzelf zien als toeschouwers in hun eigen maatschappij, zo beperken ze zich rond Oekraïne tot „kijkerssolidariteit”.

Cineast Andrej Zvjagintsev, regisseur van de dit voorjaar in Cannes bekroonde maar in Rusland niet vertoonde film Leviathan, verklaart de discrepantie tussen het tv-bombardement en het gangetje op straat zo: „Dat is de levenswijze van de Russen. De Rus die in Rusland leeft, is ervan overtuigd dat zijn mening weinig tot geen invloed heeft op de realiteit. De zwijgende meerderheid, het cement van elke maatschappij, gelooft niet dat er naar haar wordt geluisterd.”

Ze hebben wel wat beters te doen

In de grillbar komt die houding tot uiting. Eigenlijk vindt Sergej de schuldvraag vrij onbeduidend. Belangrijker is het lot van een neef die in dienst van het Oekraïense leger gewond is geraakt, midden in de frontlinie ten noorden van Loegansk. Hoe kon die neef zo stom zijn zich bij de militaire kwartiermeesters te melden. Dat is het toch niet waard?

Net als hun landgenoten volgen Sergej en Andrej het grote verhaal van de tv. En net als de rest van het volk willen ze dit woord niet in daad omzetten. Ze hebben wel wat beters te doen. Bijvoorbeeld met vakantie naar Europa, volgens Russen een van de (weinige) verworvenheden van de ondergang van de Sovjet-Unie. Die staat wel onder druk: onlangs is het geheime-dienstmannen, militairen en politieagenten verboden zonder toestemming naar het buitenland te gaan.

Maar ook dat reizen betekent niet automatisch dat de vakantiegangers zich laten verleiden door Europese waarden, zegt socioloog Olga Zdravomyslova. Die waarden laten de doorsnee Rus, die zich geen deel voelt van de verheven intelligentsia en niet individueel reist, „onverschillig”. Ook buiten Rusland is die gewone Rus liever toeschouwer dan deelnemer.

    • Hubert Smeets