Draghi: het herstel in de eurozone vertraagt

Het lukt niet om de eurozone weer echt te laten groeien en de sanctiestrijd met Rusland vergroot de risico’s.

Het herstel in de eurozone blijft „zwak, kwetsbaar en ongelijk verdeeld”. Dat was gisteren de samenvatting van Mario Draghi, president van de Europese Centrale Bank (ECB) in zijn maandelijkse persconferentie. Hij heeft het de laatste maanden vaker gezegd. Het lukt maar niet om de economie weer echt aan het groeien te krijgen. Gisteren voegde hij toe: „Wie echt een signaal wil oppikken uit de afgelopen twee of drie maanden, ziet een vertraging van het groeimomentum.”

De statistieken uit de eurozone geven al maanden een weinig helder beeld over het herstel uit de crisis. Draghi wees er gisteren op dat de zogeheten zachte indicatoren – maatstaven die niet op harde cijfers zijn gebaseerd – zoals het consumentenvertrouwen en het vertrouwen van inkopers in de industrie, over het algemeen redelijk gunstig zijn. Tegelijkertijd vallen veel harde cijfers, zoals de werkloosheid en de economische groei, tegen. Volgende week wordt bekend wat de economische groei van de eurozone in het tweede kwartaal is geweest.

De inflatie bedraagt met 0,4 procent in juli ongeveer een kwart van het gewenste niveau, maar Draghi en de andere leden van de bestuursraad zagen nog geen reden voor extra maatregelen om deflatie te voorkomen. De lage inflatie is vooral veroorzaakt door de prijzen voor energie en voedsel, en de koers van de euro, die lange tijd hoog is geweest ten opzichte van de dollar. Een dure euro maakt export vanuit de eurozone duurder, waardoor de vraag afneemt en daarna de prijzen minder stijgen.

In de afgelopen drie maanden is de euro flink in waarde gedaald, van bijna 1,40 dollar naar 1,33. Volgens Draghi betekent dit dat de financiële markten begrepen hebben dat de ECB nog lang een soepel monetair beleid zullen aanhouden, in tegenstelling tot de Federal Reserve, die eind vorig jaar begonnen is met het afbouwen van de maandelijkse steunaankopen van obligaties.

De maatregelen die de ECB in juni nam om de kredietverstrekking aan het midden- en kleinbedrijf te bevorderen, moeten nog in effect treden. De ECB stelde toen 400 miljard euro beschikbaar aan banken, die het tegen zeer gunstige tarieven mogen lenen, op voorwaarde dat zij het weer uitlenen aan bedrijven.

De ECB werkt verder aan een programma om verpakte bankleningen op te kopen. Deze asset backed securities (ABS) zijn omstreden, omdat de handel hierin aan de wieg van de financiële crisis heeft gestaan. De ECB heeft een consultant ingehuurd om dit programma te ontwerpen. Draghi benadrukte gisteren dat de pakketjes in dit geval eenvoudig en transparant blijven, en moeten bestaan uit echte leningen, niet „een worst vol derivaten”. Het ABS-progamma moet banken meer ruimte geven om geld uit te lenen aan bedrijven en particulieren.

Over de sanctiestrijd tussen Rusland en de Europese Unie merkte de president desgevraagd op dat het moeilijk is om de gevolgen voor de eurozone in te schatten nu de crisis pas in het beginstadium is. Er zijn maar weinig financiële instellingen die echt veel met Rusland te maken hebben, zei hij. Maar hij wees er ook op dat escalatie van sancties en tegensancties negatieve gevolgen kan hebben voor het economisch herstel in de eurozone. Hij denkt dan in de eerste plaats aan de energieprijzen.

Er zijn meer crises die voor verhoogde risico’s zorgen, zei Draghi, en hij noemde Irak, Gaza, Syrië en Libië. Hij deed dit in algemene zin en leek zich meer zorgen te maken om de toestand in de wereld dan directe economische gevolgen.

De beurzen waren gisteren negatief gestemd, na de afkondiging van het Russische importverbod op levensmiddelen en Draghi’s persconferentie. De AEX sloot 0,8 procent lager. De rente op Duitse staatsobligaties bereikte een diepterecord van 1,069 procent, en zakte vanmorgen nog verder, een teken dat beleggers kiezen voor veiligheid. Op de euro had het slechte nieuws van gisteren een voor de eurozone positief effect: die daalde alleen maar verder.

    • Hanneke Chin-A-Fo