Zeeheld wordt filmheld

Met ‘boerenslimheid’ en een regisseur uit Hollywood verandert Michiel de Ruyter in een filmheld. „Verwacht een De Ruyter die aan een touw tussen twee schepen vliegt.”

De houtsnippers die net van het dek van de aangemeerde driemaster met een knal de lucht in zijn gevlogen, worden vluchtig bij elkaar geveegd. Een grimeur werkt haastig hoofdwonden bij terwijl 115 figuranten uit het schip kruipen. „Hoe zit het eigenlijk met de lunch”, puft een matroos. Aan de overzijde van de ponton op het Markermeer zwiept een touwladder tevoorschijn uit de kopie van een tweede oorlogsschip: de volgende scène van de Nederlandse actiefilm Michiel de Ruyter kan worden opgenomen.

Aan snelheid ontbreekt het regisseur en cameraman Roel Reiné niet tijdens het maken van zijn film over Nederlands bekendste zeeheld, aan ambitie evenmin. „Als kinderen over twintig jaar iets over de Gouden Eeuw willen weten, moeten ze nog steeds naar Michiel de Ruyter worden gestuurd”, vertelt hij terwijl hij even schuilt voor de brandende julizon. Tygo Gernandt, die admiraal Van Ghent speelt, kruipt ondertussen doorweekt aan wal. Vandaag geen dialogen met Frank Lammers (De Ruyter) of Hajo Bruins (Tromp) op het programma, maar opnames waarin Van Ghent overboord wordt geblazen.

Reiné (45) regisseerde de afgelopen jaren B-actiefilms in Hollywood. Allemaal straight-to-DVD zoals de Death Race-sequels, maar hij wilde al lang iets maken over de VOC-periode. Hij nam zelf contact op met producent Klaas de Jong (Toscaanse Bruiloft, Verliefd op Ibiza). Michiel de Ruyter speelt halverwege de zeventiende eeuw, als De Ruyter op zee overwinningen boekt in de Nederlands-Engelse Oorlogen, terwijl op het Nederlandse vasteland een conflict woedt tussen republikeinen en orangisten. Het is geen biografisch verhaal, verduidelijkt hoofdrolspeler Lammers. Minder heroïsche episodes uit de tijd dat de held koopman was en zijn mogelijke betrokkenheid bij slavenhandel komen niet aan bod. „Ons verhaal begint later in het leven van De Ruyter, het moment dat hij admiraal wordt. Hij wilde eigenlijk na z’n veertigste niet meer naar zee, maar werd er iedere keer weer ingezogen.” En net dat maakt De Ruyter een ideale filmheld, vertelt Reiné enthousiast: „Het was een gewone man die helemaal geen interesse had in politiek. Maar als hij ziet dat zijn land naar de verdommenis gaat, voelt hij zich geroepen het te redden.”

Reiné: „Verwacht geen oude man, maar een De Ruyter die aan een touw tussen twee schepen vliegt, aan boord springt bij de Engelsen en gaat zwaardvechten.” Visueel probeerde Reiné waarheidsgetrouw te zijn door sets te bouwen aan de hand van schilderijen en tekeningen uit die periode. Hij vindt het zelf geweldig dat de setting waarin de naakte en gevilde lichamen van de gebroeders De Witt hangen nadat ze zijn vermoord, een exacte kopie is van het schilderij van Jan de Baen.

De schepen komen los van de ponton om op het meer een zeeslag te spelen. Tijdens de postproductie worden op de achtergrond honderden zeventiende-eeuwse oorlogsschepen toegevoegd. Reiné volgt in een bootje vol cameramateriaal. Hij filmt altijd met vier camera’s tegelijk.

„Boerenslimheid”, noemt zijn producent dat, net als het plan om in plaats van decors te bouwen te filmen op vier echte schepen waaronder de Batavia. Een budget van 8 miljoen lijkt veel, maar een film als Zwartboek kostte 10 miljoen meer. De Jong: „Amerikanen zouden twee decorstukken in een watertank zetten. Dat kost een miljoen en je kunt er met je camera’s geen 360 graden omheen.”

De Nederlandse zestiende en zeventiende eeuw lijken populair: producent Paul Voorthuysen heeft een film over Willem van Oranje aangekondigd voor het najaar van 2016, ook het team achter Michiel de Ruyter wil dan met een film over de Vader des Vaderlands komen. Lammers: „Je hoopt natuurlijk dat dat komt omdat mensen hun eigen geschiedenis willen kennen. Maar Pirates of the Caribbean is ook gewoon fijn om te zien, wij hebben onder zo’n film een politieke ondertoon geplakt.” Hij gelooft, net als De Jong, dat het uit praktische overwegingen is dat plots dit type historische films wordt gemaakt in Nederland. De periode kan goedkoper en realistischer in beeld worden gebracht dan enkele jaren geleden. De Jong: „De visual effects, nodig voor een zeeslag, zijn acht keer goedkoper geworden.” De Ruyter is een betaalbare filmheld geworden.

    • Sabeth Snijders