Studieschuld? Het kan ook anders: ga werken

Steeds meer studenten krijgen hun studieschuld niet afbetaald. De oplossing? Je kunt ook níet gaan studeren.

Studiekeuzestress is in 2014 verdubbeld. Niet alleen moet je je hart volgen (géén idee welke kant op), je moet ook nog eens voorkomen dat die richting je een levenslange studieschuld oplevert.

Deze week kwam in het nieuws dat het aantal afgestudeerden dat de studieschuld niet kan terugbetalen, toeneemt. Dienst Uitvoering Onderwijs, verstrekker van studiefinanciering, liet weten dat 15,6 procent van de mensen met schuld een beroep doet op de ‘draagkrachtregeling’. Wie armlastig is, hoeft met die regeling minder of niets terug te betalen. Na 15 jaar wordt de schuld kwijtgescholden.

Maar het kan ook anders. Noem het studieschuldontwijkend gedrag: meteen gaan werken na de middelbare school. Onverantwoord? Niet iedereen heeft een studie nodig om een prima baan te vinden.

Kos Rosdorff (21) Nieuwe Wetering, havo, zzp’er

„Een diploma is ook maar een papiertje, zei mijn vader. Hij had zelf geen diploma. Hij reed een bloemenlijn in Frankrijk, met een vrachtwagen vol bloemen langs winkels. Niet dat hij het oké vond als ik lage cijfers haalde. Maak er maar wat meer van, zei hij dan. Maar hij zag ook dat ik school lastig vond. Ik ben nogal dyslectisch.”

„De jongens om me heen leerden wel verder. Je hebt een diploma nodig, zeiden ze. En: zóveel ga ik straks verdienen. Daar werd ik zenuwachtig van.”

„Nu heb ik geen twijfels meer. Alsof mijn vrienden zekerheid hebben over hun baan. En wat ze toen zeiden over dat salaris: dat waren onmogelijke bedragen, zoveel krijg je niet meteen na het halen van je diploma.”

„Na de havo ging ik werken op de bloemenveiling. Ik had er al een baantje op zaterdag. Opruimen, verkopen, op de vrachtwagen rijden. Ik heb ook een half jaartje een bloemenlijn gereden in Frankrijk, een andere dan mijn vader.”

„Sinds dit jaar werk ik voor mezelf. ‘s Ochtends verhuur ik mezelf als zzp’er aan bedrijven op de veiling voor klusjes. Echt van alles. ’s Middags werk ik in mijn eigen bedrijf. Ik ben het net begonnen: een bureau voor kamerbemiddeling. Het gaat al best goed.”

„Ik heb geen studie nodig om dit werk te kunnen. Maar soms zou ik wel willen studeren op hoe mensen communiceren – hoe zeg je dat? – hoe dat gaat tussen personen. Dat interesseert me.”

Jochem Dijckmeester (32) Utrecht, havo, conducteur en docent

„De eerste dag dat ik alleen op de trein stond als hoofdconducteur was er een zelfdoding. Ik was 19. Dat vond mijn moeder niet leuk. Ik was nog zo jong, en dan in m’n eentje die verantwoordelijkheid. En wat als er agressie in de trein is? Mijn vader vond het prima dat ik ging werken. Hij was IT’er, dat was hem ook gelukt zonder een opleiding daarvoor af te maken. Hij zei: doe iets waar je gelukkig van wordt.”

„Ik wilde na de havo niet verder leren. Ik werkte bij Arrow Classic Rock en voor radio maken bestaat ook geen opleiding. Toen zag ik een advertentie van NS. Ik ging op gesprek en kreeg meteen een blauw colbertje aan. Ik vind conducteur zijn een hele mooie baan, nog steeds.”

„Meteen werken gaf me veel voordelen. Bij de NS kreeg ik alle ruimte om van alles te leren en verschillende dingen te doen. Procesleider, management, adviseur sociale innovatie. Toen ik later op een andere baan ging solliciteren, had ik al veel werkervaring. Dat heb je niet als je alleen maar gestudeerd hebt. Dan ben je blanco.”

„Ik ben inmiddels toch aan m’n masterscriptie bezig. Bij NS zeiden ze steeds: als je wil doorstromen, moet je een diploma halen. Het werd psychologie. Nu geef ik les op een hogeschool. Dat mocht ook alleen als ik een master zou halen. Ik doe het in mijn eigen tijd. Maar het voordeel is wel dat ik weet wat ik wil. Wie weet dat nou op z’n zeventiende?”

Jelmar Hufen (32) Utrecht, gymnasium, regisseur

„Ik ging overcompenseren. Ik dacht: ik studeer niet, maar ik moet wel alles tot me nemen. Ik had een baantje in een videotheek en keek werkelijk alles wat voorhanden was. Ik heb eindeloos sleutelscènes van films op papier uitgetekend: hier komt het licht vandaan, daar staat de camera.”

„Op het gymnasium wist ik al: ik wil hierna nooit meer naar school en ik wil films maken. Maar ik kende niemand in de filmwereld. Ik vond uiteindelijk een baantje als setbewaker. Na een half jaar buiten het hek kwam ik binnen het hek. Ik werd runner, clapper en loader. Na een paar jaar had ik 10.000 euro gespaard, waarmee ik een korte film heb gemaakt, Voor een paar knikkers meer. Die deed het heel goed.”

„Nu maak ik commercials. Dat vergt het uiterste van je creativiteit. Ook dat duurde lang voordat ik ertussen kwam. Van mijn eigen geld maakte ik een commercial over vrouwen in een snoepautomaat. Die werd heel goed opgepikt, in heel Europa. En sindsdien heb ik genoeg werk.”

„Ik weet niet of ik het anderen aan zou raden om meteen te gaan werken. Het is de moeilijkere weg. Maar ik heb er veel aan gehad om zelf het wiel uit te vinden. Het dwong me om alles uit mezelf te halen. Ik was de enige op het gymnasium die niet verder ging studeren. Nee, ik twijfelde niet. Mijn ouders ook niet. Of, nou ja, dat verborgen ze heel goed.”