De schrijvende rocker (of rockende schrijver)

Karl Ove Knausgård is de grootste literaire ster van nu, vooral vanwege zijn 6-delige autobiografie Mijn strijd.

Er zijn weinig schrijvers die heel grote zalen vol krijgen. De Noor Karl Ove Knausgård is zo’n schrijver die geen lezers heeft, maar fans.

Knausgård komt – en daarmee kun je al nauwelijks meer klagen over de literaire programmering van Lowlands. Hij is de gedroomde headliner, de grootste literaire ster van het moment. Want Karl Ove Knausgård is de nietsontziende rockster onder de schrijvers, de provocatieve boekenpunker en de romantische singer-songwriter van de literatuur.

Toen het eerste deel van zijn serie Mijn strijd net was verschenen in Noorwegen, nu bijna vijf jaar geleden, stonden er al lange rijen voor het Huis van de Literatuur in Oslo, waar hij zou optreden. De zaal kon de massale toestroom niet aan: er werden extra tv-schermen in naburige zaaltjes gezet, waarop het optreden simultaan te volgen was. En zijn roem nam alleen maar toe, naarmate er meer van zijn vuistdikke, felrealistische, autobiografische boeken verschenen – in meer dan twintig landen zijn de boeken inmiddels vertaald. Toen Knausgård deze zomer in New York was voor een optreden, was het beeld hetzelfde.

Binnen de literatuur staat Knausgård bekend als degene die volledig zichzelf geeft: de zesdelige serie Mijn strijd, waarvan de vijfde in september in Nederland verschijnt, ontstond uit de wens om volledig eerlijk te zijn. Heel Noorwegen verslond zijn eerdere boeken al, maar zelf was hij ontevreden. Optredens en interviews verliet hij met een rotgevoel. „Hoe kun je daar zitten en applaus ontvangen als je weet dat wat je hebt gedaan niet goed genoeg is?”, zei hij later.

De enige remedie: alle literaire trucs terzijde schuiven en zichzelf niet sparen. Schrijven als een rockster: doorgaan tot hij erbij neervalt, tot de bodem bereikt is. Schrijven als een punker: publiceren onder de Noorse titel Min kamp, een provocatie die klinkt als Hitlers Mein Kampf. En schrijven als een singer-songwriter: al zijn ervaringen inzetten voor de kunst, en daar iets van maken waarin anderen zich herkennen.

„Ik geef mijn hele zelf weg”, zei hij een paar jaar geleden in een interview. „In deze boeken staat de literaire kwaliteit niet voorop, maar het gaat wél over het leven. Alle stukken waarvan ik denk: dit is kinderachtig en kleinzerig, die zijn het echtst. En ik denk dat het daarom aanslaat. Lezers herkennen zichzelf erin.”

Voor zijn lezers – zeg maar fans – heeft hij eenzelfde betekenis als Nirvana voor ze had toen ze tieners waren, zei een Noorse journalist eerder dit jaar tegen The New Atlantic. „Je weet wel: dat je het doorleeft, dat je het ademt?” Wat hij schrijft is herkenbaar, met zoveel details dat het bedwelmend wordt, en wie eenmaal aan Knausgård begonnen is, raakt verslaafd. En wát hij precies schrijft, doet er al nauwelijks meer toe. Dan ben je écht een grote.

    • Thomas de Veen