Wat maakt een goede burger?

In de laatste aflevering van een zomerserietje over burgers: wat maakt nu eigenlijk een goede burger? Het belangrijkste is natuurlijk het vlees zelf. Laat dit het liefst een beetje grover malen en zorg dat er zo’n 25 tot 30 procent vet in zit. Maak de schijven bovendien niet te dun; dunne burgers drogen eerder uit.

Verder wil je er iets fris en knisperends bij, zoals sla of heel dun gesneden kool of wortel. Iets zuurs kan ook prettig zijn, augurk of andere pickles. Of iets zoets, denk aan tomatenketchup of een relish. Maar ook gebakken uien zijn zoet.

Rauwe uien voegen juist iets pittigs, scherps toe. Ook lekker. Over het algemeen is het een goed idee om daar iets romigs tegenover te stellen. Mayonaise, crème fraîche of avocado bijvoorbeeld. En uiteraard kan iets zouts ook bijdragen aan het genot. Uitgebakken spek. Kaas. Verzin het maar.

Tot slot het broodje. Hoewel ik een hekel heb aan van die standaard kleffe, witte hamburgerbroodjes-met-sesamzaadjes uit de fabriek, vind ik dat een hamburgerbroodje ook niet te hard, niet te volkoren en vooral eenvoudig moet zijn. Zevenkoren zuurdesem met zemelen is niet wat je zoekt voor een burger. Gewoon een fatsoenlijk wit broodje is als je het mij vraagt de beste keuze.

Trek gekregen? Laten we het vuur op gaan stoken, voor lamsburgers met geraspte biet en een simpele tzatziki.

Laat de uiringen 15 – 30 minuten marineren in de azijn. Kneed gehakt, biet, geraspte ui, peterselie, de helft van de munt, komijn en zout en peper en vorm er burgers van. Maak de barbecue aan en rooster ze tot ze van buiten goed bruin en van binnen nog ietsje rosé zijn. Meng yoghurt, komkommer, de rest van de munt en een snuf zout. Rooster de snijvlakken van de broodjes en beleg ze met rucola, burgers, uitgelekte uiringen en yoghurtsaus.

    • Janneke Vreugdenhil